Een AI-strategie is geen technisch document, maar een leiderschapsbeslissing. De kernvragen gaan niet over algoritmen of modellen, maar over welke processen fundamenteel anders kunnen, wat menselijk blijft en hoe de organisatie haar mensen meeneemt. Dat zijn strategische vragen die elke bestuurder kan en moet beantwoorden, met of zonder technische achtergrond.
Waarom de meeste AI-strategieën mislukken nog voor ze beginnen
Er is een veelgemaakte fout die ik zie bij organisaties die serieus met AI aan de slag willen. Ze delegeren de AI-strategie aan de IT-afdeling of aan een externe consultant met een technisch profiel. Het resultaat is een document vol architectuurbeslissingen, tool-selecties en integratiepaden, maar zonder antwoord op de vraag die er werkelijk toe doet: wat willen wij als organisatie met AI bereiken en wat vraagt dat van onze mensen?
McKinsey berekende dat slechts 6 procent van de organisaties AI succesvol op grote schaal heeft ingezet en daadwerkelijk significante bedrijfswaarde heeft gerealiseerd, terwijl 88 procent al iets met AI doet. Dat gat tussen doen en waarde creëren heeft zelden een technische oorzaak.
Management Site beschrijft het patroon treffend: AI schuift op van experiment naar infrastructuur. In besluitvorming, HR-processen, rapportages en dagelijkse werkzaamheden. De kernvraag richting 2026 is niet welke AI-oplossing je kiest, maar of je begrijpt wat AI doet met je besluitvorming, je rollen en je verantwoordelijkheid. Dat is een vraag voor de boardroom, niet voor de serverruimte.
Wat een AI-strategie voor niet-technici werkelijk inhoudt
Een AI-strategie die werkt, begint bij drie vragen die geen technische expertise vereisen.
De eerste vraag is: welke processen in onze organisatie zijn repetitief, gecodificeerd en tijdrovend? Dat zijn de processen waar AI het meeste directe effect heeft. Niet omdat AI dan alles overneemt, maar omdat het de taken die menselijke aandacht wegtrekken van werk met hogere waarde kan overnemen. Rapportages, data-invoer, standaardcorrespondentie, basisanalyses: die zijn overal in organisaties aanwezig, maar zelden systematisch in kaart gebracht.
De tweede vraag is: welke beslissingen in onze organisatie moeten menselijk blijven? Dit is de vraag die de meeste bestuurders nog niet expliciet hebben gesteld. Zodra AI meedenkt in besluitvorming, ontstaat er ruis over verantwoordelijkheid. Wie is er verantwoordelijk als een AI-systeem een aanbeveling doet die uitpakt als een fout? De EU AI Act maakt dit urgent: artikel 4 verplicht organisaties sinds februari 2025 om AI-geletterdheid te waarborgen bij medewerkers én bij bestuurders. De handhaving start op 2 augustus 2026. AlphaIndigo stelt het helder: de verplichting strekt zich uit tot bestuurders en commissarissen. Het is niet voldoende om alleen operationeel personeel te trainen; ook het topmanagement moet in staat zijn geïnformeerde besluiten te nemen over de inzet, risico’s en governance van AI.
De derde vraag is: hoe zorgen wij dat onze mensen mee kunnen in deze verandering? PwC stelt dat 80 procent van de waarde bij AI-adoptie niet uit de technologie zelf komt, maar uit het herontwerpen van werk en het investeren in mensen. Dat is een strategische keuze, geen technische.
Wat ik bestuurders adviseer
Ik spreek regelmatig voor directies en raden van bestuur van organisaties als Shell, Google en grote Nederlandse overheidsinstellingen. Wat ik hen adviseer, zijn vier concrete stappen die geen technische achtergrond vereisen.
Begin met een eerlijke inventarisatie. Breng in kaart welke AI-toepassingen er al in uw organisatie in gebruik zijn, vaak meer dan u denkt. Shadow AI, de informele inzet van tools als ChatGPT door individuele medewerkers, is in de meeste organisaties al realiteit. Beleid loopt achter op gedrag.
Stel één strategische prioriteit. De organisaties die het meeste waarde halen uit AI zijn niet de organisaties die het meest experimenteren. Ze zijn degenen die één proces of domein kiezen, dat grondig aanpakken en van daaruit opschalen. Breedte zonder diepte levert pilots op, geen transformatie.
Benoem eigenaarschap. Wie is verantwoordelijk voor de AI-transformatie in uw organisatie? Als het antwoord “de CTO” of “IT” is, is de kans groot dat het programma vastloopt. AI raakt elke afdeling en vraagt sturing vanuit de top.
Verbind strategie aan dagelijks werk. Frankwatching signaleerde eind 2025 een patroon dat ik herken: mensen begrijpen de AI-strategie op organisatieniveau, maar weten niet wat die voor hun eigen dag betekent. Wat verandert er voor de recruiter, de controller, de projectmanager? Strategie die niet wordt vertaald naar persoonlijke helderheid, landt niet.
De juridische urgentie die bestuurders niet kunnen negeren
Er is nog een reden waarom AI-strategie nu een boardroom-onderwerp is, en geen IT-dossier. De EU AI Act verplicht organisaties om hun medewerkers AI-geletterd te maken. Dat is geen advies maar een wettelijke verplichting sinds 2 februari 2025. De handhaving door Nederlandse toezichthouders start op 2 augustus 2026.
Artikel 4 van de AI Act definieert AI-geletterdheid als de vaardigheden, kennis en het begrip die mensen in staat stellen AI-systemen bewust in te zetten, risico’s te begrijpen en verantwoord te handelen. Als iemand schade lijdt door een AI-systeem dat verkeerd is gebruikt, en stelt dat dit het gevolg is van onvoldoende kennis binnen de organisatie, dan is er een grondslag voor aansprakelijkheid.
Voor bestuurders is de conclusie helder: AI-strategie is niet langer iets wat je kunt uitbesteden of uitstellen.
Veelgestelde vragen
Moet je als bestuurder technische kennis hebben om een AI-strategie te bepalen? Nee. Een AI-strategie is primair een leiderschapsbeslissing over processen, mensen en verantwoordelijkheid. De technische keuzes volgen daarna. Wat een bestuurder wel nodig heeft, is voldoende AI-geletterdheid om geïnformeerde beslissingen te nemen over inzet, risico’s en governance. Dat is ook een wettelijke verplichting onder de EU AI Act.
Waar begin je met een AI-strategie als je niet weet waar te starten? Begin met inventariseren welke processen in uw organisatie repetitief en tijdrovend zijn, en welke AI-tools al in gebruik zijn, ook informeel. Kies daarna één prioriteit en werk die grondig uit voordat je verbreed. Breedte zonder diepte levert pilots op maar geen structurele waarde.
Wat verplicht de EU AI Act bestuurders te doen op het gebied van AI? Artikel 4 van de EU AI Act verplicht organisaties om AI-geletterdheid te waarborgen bij alle medewerkers die met AI werken, inclusief bestuurders en commissarissen. De verplichting geldt sinds 2 februari 2025. Handhaving door Nederlandse toezichthouders start op 2 augustus 2026.
Wat is het verschil tussen een AI-pilot en een AI-strategie? Een pilot test of een technologie werkt in een afgebakende context. Een strategie beschrijft welke waarde de organisatie wil creëren met AI, welke processen daarvoor worden herontworpen, hoe medewerkers worden meegenomen en hoe governance is geborgd. De meeste organisaties hebben pilots, maar geen strategie.
Hoe lang duurt het om een AI-strategie te ontwikkelen? Dat varieert, maar de organisations die het snelst resultaat boeken starten niet met een uitgebreid strategietraject. Ze kiezen één concrete prioriteit, implementeren snel en leren van de praktijk. Een strategie die zes maanden duurt om te schrijven en dan niet landt, is minder waard dan een eenvoudig kader dat direct richting geeft aan het dagelijkse werk.
Wil je dit thema bespreekbaar maken op jouw directieteam, strategiedag of congres? Neem contact op via janscheele.nl/contact.