Een yield-bearing stablecoin is een digitale munt die 1-op-1 gekoppeld is aan een stabiele valuta en tegelijkertijd rente uitkeert aan de houder. De uitdaging zit hem in die combinatie: als een stablecoin rente betaalt, gedraagt hij zich niet meer als betaalmiddel maar als bankdeposito, met alle systeemrisico’s van dien. Dat is de reden waarom Amerika met de GENIUS Act, Europa met MiCA en Hong Kong met de Stablecoins Ordinance onafhankelijk van elkaar tot dezelfde conclusie kwamen: directe rente op stablecoins is verboden.
Toch is het debat niet voorbij. Het is eerder het gevaarlijkste open vraagstuk in de mondiale regulering van digitale assets.
Waarom het idee zo aantrekkelijk is
De logica van een yield-bearing stablecoin is op papier verbluffend eenvoudig. Een stablecoin-uitgever zoals Tether belegt de reserves van zijn gebruikers in staatsobligaties en verdient daar rente op. In 2025 boekte Tether daarmee een nettowinst van meer dan 10 miljard dollar. De houder van de stablecoin ziet daar niets van. Hij ontvangt nul procent rente op een instrument dat feitelijk zijn dollars beheert.
Yield-bearing stablecoins willen dat veranderen. Ze keren een deel van de reserverente door aan de houder, zoals een spaarrekening dat doet. Bij een rentestand van 4 procent op 300 miljard dollar aan uitstaande stablecoins gaat het om 12 miljard dollar per jaar die nu naar uitgevers stroomt in plaats van naar gebruikers.
Vanuit consumentenperspectief is de vraag legitiem: waarom zou jij genoegen nemen met nul procent op je digitale dollars als de onderliggende reserves 4 procent opleveren?
Wat er mis kan gaan: het precedent van Terra
Het antwoord op die vraag staat al in de geschiedenisboeken, of het moest in mei 2022 worden bijgeschreven.
TerraUSD, afgekort UST, was een algoritmische stablecoin die geen reserves aanhield maar via een koppeling met het LUNA-token zijn waarde probeerde te handhaven. Om adoptie te stimuleren bood het Anchor Protocol een jaarlijks rendement van bijna 20 procent op UST-deposito’s. Dat trok tientallen miljarden aan. Onderzoekers van de Harvard Law School concludeerden later dat het systeem instortte door groeiende twijfels over zijn houdbaarheid, niet door een gerichte aanval van één partij.
Binnen een week verloor de LUNA-koers meer dan 99,99 procent van zijn waarde. UST verloor zijn koppeling aan de dollar volledig. Meer dan 60 miljard dollar aan marktwaarde verdampte. Meerdere grote crypto-instellingen, waaronder Three Arrows Capital en Celsius, gingen failliet als gevolg van hun blootstelling aan het Terra-ecosysteem.
Terra was een algoritmische variant, geen fiat-gedekte stablecoin. Maar de les die regulatoren eruit trokken was breder: elk systeem dat een hoog rendement biedt op iets dat eruitziet als geld trekt kapitaal aan vanwege het rendement, niet vanwege de betalingsfunctie. En als het rendement verdampt, verdampt het vertrouwen tegelijkertijd.
Waarom Amerika, Europa en Hong Kong allemaal hetzelfde besloten
Drie grote jurisdicties kwamen onafhankelijk van elkaar tot een verbod op directe rente aan stablecoinhouders, via totaal verschillende regelgevende routes.
Europa was het eerst. MiCA, volledig van kracht sinds eind 2024, verbiedt uitgevers van asset-referenced tokens expliciet om rente of enig ander voordeel te betalen dat verband houdt met de houdduur van de stablecoin. De Europese logica is precautionair: als stablecoins concurrerende rendementen bieden, versnellen ze de substitutie van bankdeposito’s. Bij 300 miljard dollar aan uitstaande stablecoins die 4 procent rente zouden betalen, stroomt 12 miljard dollar per jaar buiten het traditionele banksysteem. Dat ondermijnt de toegang van banken tot goedkope depositofinanciering en verstoort de werking van monetair beleid.
Amerika volgde in juli 2025 via de GENIUS Act. De wet verbiedt vergunde stablecoin-uitgevers om rente, yield, dividenden of enig ander rendement te betalen aan houders op basis van het houden van de stablecoin. De beweegreden was identiek aan die van Europa, ook al kwamen ze langs een andere weg: banken lobbieden intensief voor het verbod. Meer dan 40 bankorganisaties, geleid door de American Bankers Association, stuurden een gezamenlijke brief naar het Congres met de waarschuwing dat ongecontroleerde yield-programma’s deposito’s uit het banksysteem zouden trekken en de kredietverlening zouden ondermijnen.
Hong Kong arriveerde bij dezelfde bestemming via zijn Stablecoin Ordinance van augustus 2025: vergunde uitgevers mogen geen rente of rendement uitkeren aan houders.
“The prohibition of interest-bearing stablecoins marks a critical juncture in digital asset regulation,” schreef financieel rechtswetenschapper David Krause in een paper voor SSRN, “exposing fundamental tensions between financial innovation and systemic stability.”
Het gat dat niemand gedicht heeft
Het verbod geldt voor uitgevers. Niet voor gelieerde partijen, niet voor exchanges, niet voor DeFi-protocollen.
De GENIUS Act verbiedt stablecoin-uitgevers om rente te betalen. Hij verbiedt gelieerde exchanges of platforms expliciet niet om yield-bearing producten aan te bieden op dezelfde stablecoins. Dat is een gat dat de markt onmiddellijk heeft ontdekt. Circle, de uitgever van USDC, biedt zelf geen rente aan. Maar talloze platforms bieden USDC-spaarproducten aan met rendementen van 4 tot 6 procent. Technisch compliant. Functioneel identiek aan wat de wet probeert te voorkomen.
Meer dan 40 bankorganisaties vroegen het Congres dit gat te dichten. De CLARITY Act, die de bredere crypto-marktstructuur reguleert, debatteert er nog over. Analisten van Citi constateerden dat juist dit geschil de kans vergroot dat de CLARITY Act vertraging oploopt, mogelijk tot na 2026.
Het debat heeft een nieuwe scheidslijn blootgelegd in de regelgeving: is een yield-bearing stablecoin digitaal geld, een spaarvehikel, een beleggingsfonds of een nieuw hybride instrument? De classificatie bepaalt welk regelgevend kader van toepassing is en hoe zwaar de consumentenbescherming weegt.
Wat DeFi ermee doet
Gedecentraliseerde finance-protocollen vallen in grote mate buiten de directe reikwijdte van MiCA, de GENIUS Act en de Hong Kong Stablecoin Ordinance. Gebruikers kunnen USDC storten op protocollen als Aave of Compound en aldaar 4 tot 8 procent rente verdienen. De stablecoin-uitgever betaalt niets. Een smart contract doet het namens derden.
Beide regelgevende kaders laten dit grotendeels ongeadresseerd. Dat is bewust, want DeFi-regulering is een aparte, nog complexere discussie. Maar het betekent in de praktijk dat het verbod op yield-bearing stablecoins voor reguliere uitgevers een lek heeft aan de onderkant, via dezelfde DeFi-laag die ook de Terra-crash mogelijk maakte.
Het risico is niet theoretisch. Als kapitaal op grote schaal van reguliere stablecoins naar DeFi-gebaseerde yield-constructies verschuift, concentreert systeemrisico zich precies op de plek waar regulatoren het minst zicht op hebben.
Wat dit voor jou als organisatie betekent
De conclusie voor zakelijk gebruik is helder. Wie stablecoins wil inzetten voor betalingen of treasury-management werkt met gereguleerde, non-yield-bearing stablecoins zoals USDC of USDT. Dat zijn de instrumenten die juridisch helder zijn, breed geaccepteerd en de minste regelgevende onzekerheid dragen.
Wie een rendement wil op stablecoin-tegoeden moet de juridische structuur van de constructie zorgvuldig laten beoordelen. Is het een gelieerde exchange die yield aanbiedt? Is het een DeFi-protocol? En is het een gereguleerd beleggingsproduct? De juridische kwalificatie bepaalt welke bescherming je hebt als het mis gaat.
Rendement is verleidelijk. Zeker in een omgeving waar je je digitale dollars anders toch stil ziet staan. Maar Terra was ook verleidelijk. 20 procent per jaar op een stablecoin klonk bijna te goed om waar te zijn. Dat was het ook.
Begrijp de structuur voordat je instap. Niet als voorzorgsmaatregel, maar als minimumvereiste voor verantwoord financieel beleid.