7 maatschappelijke AI-uitdagingen (en mijn oplossingen) waar we nú aan moeten werken

In Nederland hoeven we niet naar futuristische dystopieën te kijken om de gevaren van AI te begrijpen. Denk bijvoorbeeld aan de Toeslagenaffaire. Een algoritme van de Belastingdienst beoordeelde automatisch wie verdacht was van fraude. Geen transparantie, geen menselijke controle – alleen een systeem dat duizenden ouders onterecht wegzette als fraudeurs. Het gevolg: levens verwoest, banen kwijt, kinderen uit huis geplaatst. En niemand die écht aansprakelijk was. In de AI-high waar veel professionals en organisaties in zitten, vergeten we in mijn optiek om ook echt scherp te gaan kijken naar de minder positieve kanten.

Elke nieuwe technologie begint met blinde vlekken

We zien het elke keer weer bij de meeste nieuwe technologieën. De opkomst van internet leidde tot explosies in criminaliteit en desinformatie. De Bitcoin-revolutie begon met idealen, maar trok ook hackers en witwassers aan. Social media begonnen als platforms om te verbinden, maar werden snel wapens in informatie-oorlogen. En denk aan drones: ooit hobby-technologie, nu inzetbaar voor spionage of zelfs aanvallen. Wetgeving? Die liep altijd achter.

We zien nu dezelfde reflexen bij AI: overheden die worstelen met regels, bedrijven die winst voorrang geven, criminelen die de boel slim misbruiken en een samenleving die pas echt wakker schrikt als het misgaat. Ja, ik word elke dag enthousiaster over alle mogelijkheden en hoe ze mij versterken als professional. Maar ik merk elke keer weer als ik ergens spreek over AI en het publiek erover vraag; niemand houdt de ontwikkelingen meer bij; zo veel en zo snel. Laat staan dat mensen rustig nadenken over de impact ervan. Wat AI kan, maar vooral: wat het doet en wat dat met ons doet.

Zeven AI-gevaren die al geen toekomstmuziek meer zijn

De discussie over AI-risico’s richt zich in mijn optiek vaak op de bekende thema’s: hallucinerende chatbots, privacyproblemen of AI’s die data lekken. Toegegeven, die problemen zijn reëel, maar ze worden inmiddels heel actief en succesvol aangepakt. Hallucinaties nemen flink af door betere modellen / redeneringsvermogen en privacy wordt beter gewaarborgd via afgesloten omgevingen zoals Microsoft Copilot.

Maar in mijn optiek zitten de échte risico’s veel dieper. Niet in wat AI zegt, maar in wat het stilletjes doet. Wie wordt gevolgd, beoordeeld of uitgesloten door een algoritme? Welke beslissingen nemen machines al zonder dat we het doorhebben? Wat betekent dat voor onze rechtsstaat, arbeidsmarkt of mentale gezondheid?

Laatst mocht ik voor een overheidsorganisatie de hosanna- en hypeverhalen thuis laten en het personeel volledig bang maken met gefundeerde argumenten over waar ik zie dat er nog te weinig gebeurt om de uitwassen van AI tegen te gaan. Mijn top 7:

1. AI maakt desinformatie geloofwaardiger en gevaarlijker

Nepnieuws is niet nieuw, maar AI maakt het overtuigender én schaalbaarder. Tijdens de verkiezingen in Nederland in 2023 gingen deepfake-video’s van politici viraal. Een gemanipuleerde toespraak die nooit had plaatsgevonden werd duizenden keren gedeeld – vaak als ‘bewijs’. Ze zijn zo goed, dat ze ook door de controlefilters van de socialmedia-platformen heen komen.

Volgens onderzoek heeft 1 op de 3 Nederlanders moeite om echt van nep te onderscheiden. Onderzoek van de Universiteit Leiden toont aan dat mensen die meer gebruikmaken van social media en vatbaar zijn voor complottheorieën, beter zijn in het herkennen van deepfakes, wat suggereert dat anderen mogelijk kwetsbaarder zijn voor misinformatie.​

2. Van slimme stad naar controlestaat

Smart city-technologieën, zoals gezichtsherkenning en gedragsanalyse, bieden efficiëntie maar brengen ook risico’s met zich mee voor privacy en burgerrechten. In Amsterdam wordt geëxperimenteerd met slimme camera’s die afval op straat herkennen. En met algoritmen die tijdens de coronapandemie detecteerden of mensen voldoende afstand hielden. Hoewel deze technologieën bijdragen aan stadsbeheer, roepen ze ook vragen op over toezicht en privacy.​

3. Algoritmes kunnen systematisch discrimineren zonder dat we het doorhebben

Het gebruik van AI in sollicitatieprocedures kan leiden tot onbedoelde discriminatie. Het College voor de Rechten van de Mens stelt dat werkgevers verantwoordelijk blijven voor de uitkomsten van algoritmes en zich niet kunnen verschuilen achter technologie als er sprake is van ongelijke behandeling. Een onderzoek onder 896 Nederlandse werkgevers toonde aan dat het bewustzijn over de risico’s van algoritmische discriminatie laag is.

4. AI beslist soms dodelijk, zonder mens erbij

De ontwikkeling van autonome wapensystemen, ook wel ‘killer robots‘ genoemd, roept ethische en juridische vragen op. Volgens de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) en de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV) moet Nederland zich nadrukkelijker bezighouden met de regulering van deze systemen. Er is bezorgdheid dat zonder duidelijke regelgeving de inzet van dergelijke wapensystemen kan leiden tot onvoorspelbare en mogelijk catastrofale gevolgen.

5. AI kan worden gemanipuleerd door een sticker op een stopbord

AI-systemen in het verkeer, zoals die voor zelfrijdende auto’s, zijn kwetsbaar voor manipulatie. In een onderzoek werden kleine stickers op stopborden geplakt, waardoor zelfrijdende auto’s deze verkeersborden niet meer als zodanig herkenden en ze interpreteerden als borden met een snelheidsbeperking. Hoewel dit specifieke voorbeeld niet uit Nederland komt, benadrukt het de noodzaak voor robuuste beveiligingsmaatregelen en voortdurende evaluatie van AI-systemen in kritieke infrastructuren.

6. AI verandert werk en niet iedereen wordt meegenomen

De opkomst van AI heeft aanzienlijke gevolgen voor de Nederlandse arbeidsmarkt. Volgens een rapport van PwC is meer dan 44% van de banen in Nederland in hoge of zeer hoge mate blootgesteld aan generatieve AI, zoals ChatGPT. Dit betekent dat bijna de helft van de huidige functies significant kan veranderen door de inzet van AI-technologieën.  

De veranderingen op de arbeidsmarkt hebben bredere maatschappelijke implicaties. Een rapport van de APG benadrukt dat het verlies van werk door AI kan leiden tot sociale uitsluiting en een gevoel van verlies van controle over het eigen leven. Zonder adequate ondersteuning en omscholingsmogelijkheden kunnen getroffen werknemers moeite hebben om opnieuw werk te vinden, wat kan resulteren in economische ongelijkheid en sociale spanningen.

7. AI beïnvloedt gedrag zonder dat je het merkt

AI-algoritmes op platforms zoals TikTok kunnen gebruikers onbewust sturen richting content die schadelijk is voor hun mentale gezondheid. Amnesty International waarschuwt dat de ‘Voor Jou’-pagina van TikTok na enkele uren gebruik een overweldigende hoeveelheid content toont die gerelateerd is aan mentale gezondheidsproblemen, wat zorgwekkende implicaties heeft voor jongeren. Dit onderstreept de noodzaak voor transparantie en regulering van algoritmische aanbevelingssystemen op social media-platforms.​

Wat kunnen we eraan doen?

Technology changes exponentially, but social, economic, and legal systems change incrementally – Larry Downes

Technologie ontwikkelt zich nu eenmaal altijd veel sneller dan wetgeving. Dat noemen ze ook wel het ‘pacing problem‘. Er wordt wereldwijd inmiddels keihard gewerkt aan regels en ethiek voor AI. De EU heeft de AI Act, de VS lanceert AI-principes en ook landen als Japan en Canada zetten kaders neer. Belangrijker nog: steeds meer AI-ontwikkelaars bouwen zelf ethische toetskaders in hun werk.

Bedrijven als OpenAI en Anthropic publiceren ‘red teaming’-verslagen en stellen hun modellen open voor toetsing. Maar dit is vaak nog een wassen neus in mijn optiek, want dit alles is nog volledig vrijwillig/vrijblijvend voor de bedrijven. Zonder duidelijke verplichtingen, onafhankelijke controle en stevige handhaving blijven we kwetsbaar.  Wat zijn dan wel oplossingen? Ik heb een aantal ideeën voor Nederland op een rij gezet.

Een wettelijk recht op menselijke toetsing

Een AI-systeem mag nooit als enige beslissen over zaken die diep ingrijpen in iemands leven: denk aan het toekennen van toeslagen, zorgtoegang, een lening of zelfs een juridische beoordeling. Mensen moeten altijd het recht hebben om uitleg te krijgen en om die beslissing te laten herzien door een mens. Dat klinkt misschien logisch, maar is nog lang niet vanzelfsprekend geregeld.

In de Europese AI Act wordt het belang van menselijke controle bij risicovolle systemen genoemd, maar een hard afdwingbaar burgerrecht bestaat nog niet. In de financiële sector wél: daar geldt al dat kredietbeslissingen op verzoek opnieuw door een mens moeten worden bekeken. Nederland kan dit als eerste expliciet vastleggen, bijvoorbeeld via een aparte AI-wet of als uitbreiding op bestuursrechtelijke waarborgen. Digitale ombudsdiensten kunnen vervolgens burgers laagdrempelig helpen bij bezwaar en toetsing.

Dat is geen administratieve luxe, maar een bescherming tegen onzichtbare macht. Zolang systemen mogen beslissen zonder dat je weet wie verantwoordelijk is, zijn rechten kwetsbaar.

Transparantie als bouwplicht

AI-systemen die niet uitlegbaar zijn, zouden niet in gebruik mogen worden genomen. Iedereen die een AI-systeem ontwikkelt of inzet – overheid of bedrijf – moet vooraf documenteren hoe het werkt:

  • wat het doel is
  • welke data zijn gebruikt
  • welke aannames erin zitten
  • hoe vaak het faalt
  • hoe gebruikers feedback kunnen geven.

In andere sectoren is dat volkomen normaal. Denk aan het CE-keurmerk in de bouw of techniek: zonder technische onderbouwing geen toegang tot de markt. Grote techbedrijven publiceren inmiddels vrijwillig ‘model cards’ met uitleg over hun AI, maar die zijn vaak summier en juridisch niet bindend.

Door wettelijk te eisen dat ieder systeem dat publieke of maatschappelijke impact heeft een ‘algoritmisch paspoort’ moet hebben, wordt transparantie een ontwerpeis. Dat maakt het mogelijk om systemen te vergelijken, te controleren, en – indien nodig – af te wijzen. Juist in een tijd waarin AI-beslissingen steeds minder zichtbaar worden, is inzicht geen extraatje, maar een voorwaarde voor vertrouwen.

Onafhankelijke AI-toezichtteams

Goed toezicht op AI vereist meer dan een adviescommissie of ethisch panel. Er is behoefte aan echte inspectieteams met doorzettingsmacht: professionals die AI-systemen kunnen onderzoeken, audits kunnen afdwingen en indien nodig systemen stil kunnen leggen. Die modellen bestaan in andere sectoren allang. Denk aan de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit of de Inspectie Gezondheidszorg.

Voor AI ontbreekt zo’n autoriteit nog. De overheid zou een onafhankelijke toezichthouder kunnen oprichten met multidisciplinaire teams: van juristen en ethici tot datawetenschappers en gedragspsychologen. Die krijgen toegang tot overheidsdata én private systemen als die publieke invloed hebben. Ze kunnen meldplicht opleggen bij incidenten, patronen signaleren, en waar nodig ingrijpen. Waarom dat nodig is? Omdat veel AI-toepassingen zó complex zijn dat zelfs ontwikkelaars ze nauwelijks begrijpen. Als niemand controleert, groeit het risico op misbruik, discriminatie en onveiligheid tot het moment dat de schade onomkeerbaar is.

Een nationaal kennisinstituut voor AI

Als we AI willen gebruiken in het publieke belang, hebben we een publieke kennisbasis nodig. Een onafhankelijk instituut, vergelijkbaar met het RIVM, dat onderzoek doet naar de maatschappelijke impact van AI, dat systemen beoordeelt en burgers en beleidsmakers objectief informeert. Zoiets bestaat nog niet, maar zou kunnen voortbouwen op bestaande partijen als TNO of het Rathenau Instituut. Het instituut zou best practices verzamelen, modellen toetsen op transparantie, risico’s in kaart brengen en wetenschappers, journalisten en overheden voorzien van actuele kennis.

Cruciaal: het moet echt onafhankelijk opereren. Dus zonder commerciële of politieke sturing. Waarom dit dringend is? Omdat we nu vooral afhankelijk zijn van kennis die bij techbedrijven zelf zit. Maar wie de technologie ontwikkelt, moet niet ook degene zijn die bepaalt of het goed gaat. Publieke technologie vraagt om publieke toetsing en dat begint bij publieke kennis.

Verplichte AI-educatie vanaf schoolniveau

Om je staande te houden in een wereld waarin AI keuzes beïnvloedt, gedrag stuurt en zelfs bepaalt wat je ziet, moet je begrijpen hoe het werkt. Daarom zou AI-educatie een structureel onderdeel moeten worden van het onderwijs – al vanaf de basisschool. Niet alleen technisch, maar ook ethisch en maatschappelijk: wat doet AI met je wereldbeeld, met privacy, met je rechten?

Finland is op dit vlak voorloper, met brede AI-lessen voor jongeren én volwassenen. In Nederland zijn er pilots en enthousiaste initiatieven, maar het ontbreekt aan samenhang en structurele ondersteuning. Het ministerie van OCW zou in samenwerking met de Nederlandse AI Coalitie een nationaal curriculum kunnen opstellen, inclusief leermiddelen, training voor docenten en betrokkenheid van het bedrijfsleven.

Want als we willen dat burgers later kritisch, weerbaar en vrij blijven in een wereld vol slimme systemen, moeten we ze die vaardigheden al jong aanleren. Digitale geletterdheid is niet optioneel, het is het nieuwe burgerschap.

De echte AI-vraag: wie stuurt wie?

Als we nu niets doen, groeit AI buiten ons om. Dan bouwen we systemen die mensen beoordelen, selecteren en sturen zonder dat we begrijpen hoe of waarom. De toeslagenaffaire zou dan geen pijnlijk incident meer zijn, maar het begin van een patroon waarin technologie menselijke schade veroorzaakt zonder dat iemand nog verantwoordelijk is. Niet uit kwade wil, maar uit gemak, onwetendheid en een gebrek aan regie.

Wat als we het nu eens anders proberen te doen? Dat we technologie beschouwen als een publiek vraagstuk, niet als een marktproduct. Dat we ethiek niet aan de achterkant toevoegen, maar vanaf de eerste regel code integreren. En dat we toezicht durven organiseren, recht durven beschermen, en jongeren leren hoe ze zichzelf kunnen wapenen tegen manipulatie door slimme systemen. Dan is AI geen bedreiging, maar een bondgenoot in het bouwen van een menswaardige samenleving.

De toekomst van AI is geen technisch verhaal. Het is een democratisch verhaal. Een rechtvaardigheidsvraag. Die ligt in mijn optiek niet in de handen van machines, maar in die van ons.

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

Meta’s AI-app maakt kunstmatige intelligentie sociaal – en dat is groter dan het lijkt

AI was jarenlang een soort individuele ervaring. Jij en een chatbot, op je laptop of telefoon, in een soort één-op-één gesprek. Maar wat als AI net zo sociaal wordt als Instagram of Spotify? Meta’s nieuwe AI-app doet precies dat: het maakt kunstmatige intelligentie onderdeel van je sociale netwerk. En dat is even wennen – maar misschien ook een gamechanger.

Wat doet de app? Je kunt ermee praten, tekst genereren, plaatjes maken, je slimme bril koppelen… niets nieuws onder de zon, zou je zeggen. Maar het verschil zit ‘m in de Discover-feed. Die laat zien wat anderen doen met AI. Prompts, vragen, beelden – alles wat mensen delen – kun je bekijken, liken, aanpassen of zelf gebruiken. Een soort TikTok, maar dan niet voor dansjes, maar voor AI-ideeën.

Waarom doet Meta dit? Omdat het iets goed begrijpt: AI is pas écht krachtig als het gedeeld wordt. In plaats van zelf eindeloos sleutelen aan de perfecte prompt, kun je straks gewoon zien hoe anderen het aanpakken. Net zoals je muziek deelt op Spotify of recepten op Pinterest. En als bedrijf met miljarden gebruikers is Meta perfect gepositioneerd om daar een platform voor te bouwen.

Wat is er goed aan? De technologie is indrukwekkend. Gebouwd op Llama 4 – het eigen AI-model van Meta – is de app snel, persoonlijk en spraakgestuurd. Je kunt wisselen tussen tekst, beeld en stem, en als je een Meta-bril hebt, loopt het gesprek gewoon mee van bril naar telefoon naar desktop. De AI onthoudt wat jij belangrijk vindt – van je vakantieplannen tot je voorkeur voor vegetarisch eten – en maakt antwoorden steeds persoonlijker.

Maar er zijn kanttekeningen. De app is voorlopig alleen in een paar Engelstalige landen volledig beschikbaar. En belangrijker: die persoonlijke ervaring vraagt om data. Veel data. Van wat je post op Facebook tot wie je volgt op Instagram. Volgens Meta gebeurt dat alleen met toestemming, en je kunt instellen wat je wel of niet deelt. Maar feit blijft: hoe persoonlijker de AI, hoe meer je moet prijsgeven. En dat roept vragen op over privacy, zeggenschap en transparantie – zeker gezien Meta’s verleden.

Dan is er nog het sociale aspect zelf. Want hoe zinvol is het om door de AI-gesprekken van anderen te scrollen? Voor de een een bron van inspiratie, voor de ander vooral chaos of zelfs onbedoeld oversharing. De waarde van die feed hangt dus sterk af van de community eromheen.

En hoe betrouwbaar is de AI eigenlijk? In tests maakt Meta’s assistent nog regelmatig simpele fouten – van verkeerde rekenantwoorden tot kromme logica. Dat is niet uniek voor Meta, maar het onderstreept wel dat deze app nog niet klaar is voor serieuze toepassingen zoals zorg of juridische hulp. Het is een consumentenproduct – voor nu vooral bedoeld om te ontdekken, spelen en experimenteren.

Dus wat is het eindoordeel? De nieuwe Meta AI-app is geen simpele ChatGPT-kloon. Het is een strategische zet die AI uit het isolement haalt en onderdeel maakt van het sociale web. Dat is slim, ambitieus, en ook een tikje spannend. Want als AI net zo invloedrijk wordt als sociale media, moeten we extra goed nadenken over regels, bescherming en zeggenschap.

Meta heeft met deze app misschien niet het slimste AI-model, maar wel het grootste podium. En dat kan de manier waarop we AI gebruiken – en samen beleven – definitief veranderen. De toekomst van AI wordt niet alleen slimmer. Ze wordt ook… socialer.

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

3 manieren hoe overheden AI inzetten tégen burgers

3 manieren hoe overheden AI inzetten tégen burgers

Kunstmatige intelligentie wordt wereldwijd door overheden ingezet — maar steeds vaker niet vóór de burger, maar tegen hem. Denk aan surveillancesystemen, deportatie-algoritmes en militaire doelen die door AI worden geselecteerd. Het wrange is: ondanks de lessen van de Toeslagenaffaire, waarin geautomatiseerde systemen duizenden levens verwoestten, lijkt er nauwelijks iets veranderd. Transparantie ontbreekt, toezicht is minimaal, en de gevolgen zijn vaak niet te herstellen. Toch blijft de technologie oprukken, met grote gevolgen voor mensenrechten, privacy en zelfs levens.

Neem de Verenigde Staten. Sinds kort wordt AI actief gebruikt bij het opsporen en deporteren van mensen zonder verblijfsvergunning. Via een netwerk van databases en voorspellende algoritmes worden mensen gevolgd, geprofileerd en automatisch aangemerkt als “risico.” Deze aanpak komt voort uit het idee dat technologie objectiever zou zijn dan mensen. Maar klopt dat wel? Volgens burgerrechtenorganisaties leidt het vooral tot fouten en discriminatie. Er is nauwelijks transparantie, en mensen die onterecht op een lijst belanden, hebben vaak geen idee hoe ze daar überhaupt op gekomen zijn.

In Israël zien we een ander, nog schrijnender voorbeeld. Tijdens militaire operaties in Gaza maakte het Israëlische leger gebruik van AI-systemen met namen als Lavender en Gospel. Deze systemen helpen bij het selecteren van doelen, soms binnen seconden. Dat klinkt efficiënt, maar het roept fundamentele vragen op. Want hoe zeker weet je dat een algoritme het verschil kan zien tussen een militant en een burger? Volgens een recent artikel in de Financial Times accepteerde het leger een foutmarge van 10%. Bij technologie die over leven en dood beslist, is dat geen bijzaak.

Ook in de VS groeit het gebruik van zogeheten “AI-persona’s” in de opsporing. In een programma met de naam BlueOverwatch creëren veiligheidsdiensten digitale versies van verdachten. Deze avatars worden geanalyseerd om hun gedrag te voorspellen, nog vóór ze iets strafbaars hebben gedaan. Het doet denken aan sciencefiction, maar is vandaag al praktijk. Volgens de ontwikkelaars zou het gaan om “proactieve veiligheid.” Tegelijkertijd waarschuwen experts: dit is een glijdende schaal naar permanente surveillance, zonder duidelijke spelregels of toezicht.

De cijfers onderschrijven dat we hier niet te licht over moeten denken. Uit onderzoek van Stanford blijkt dat wereldwijd 75 van de 176 onderzochte landen al AI inzetten voor surveillance-doeleinden, vaak zonder duidelijke wetgeving. En volgens Freedom House zijn we al negen jaar op rij bezig aan een wereldwijde daling van digitale vrijheid.

Moeten we dan stoppen met AI? Nee, absoluut niet. De technologie zelf is niet het probleem. Het gaat erom hoe we het gebruiken – en vooral wie er de controle over heeft. AI kan overheden helpen slimmer, eerlijker en efficiënter te werken. Maar zonder duidelijke grenzen, toezicht en publieke discussie ligt misbruik op de loer.

Het is tijd dat we verder kijken dan hype en belofte. AI vraagt niet alleen om slimme programmeurs, maar ook om scherpe democratische keuzes.

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

OpenAI bouwt aan een eigen socialmedia-platform: slimme zet of AI-hype ten top?

OpenAI bouwt aan een eigen socialmedia-platform: slimme zet of AI-hype ten top?

OpenAI – het bedrijf achter ChatGPT – werkt aan een eigen socialmedia-platform. Dat werd onlangs bekend via een reeks tweets, lekken en opvallende discussies op fora als Hacker News. Wat begon als een gerucht, lijkt inmiddels serieuzer dan gedacht. Er schijnt al een intern prototype te zijn, waarin gebruikers AI-beelden kunnen posten in een soort Instagram-achtige feed. In dit artikel duik ik er op in!

Mijn eerste vraag was waarschijnlijk net als vele anderen: waarom zou een AI-bedrijf zich in hemelsnaam storten op een toch al overvolle markt van sociale netwerken? Is dit een briljant strategisch idee, of een dure afleiding van waar het écht om draait? De eerste signalen van dit plan kwamen van The Verge, dat meldde dat OpenAI werkt aan een sociaal platform waarbij beeldgeneratie via ChatGPT centraal staat.

Denk: je maakt een Ghibli-achtige AI-afbeelding, klikt op ‘post’, en deelt het met je volgers in een feed. Sam Altman, CEO van OpenAI, zou achter de schermen al feedback verzamelen van vertrouwelingen over het idee.

Dat Altman hierover nadenkt, is eigenlijk geen verrassing. Al in februari reageerde hij op een bericht over Meta’s AI-plannen met de woorden: “Ok fine maybe we’ll do a social app.” Het klonk toen nog als een losse grap, maar inmiddels lijkt het een serieuze strategie. Combineer dat met het feit dat OpenAI al experimenteert met een publieke AI-feed op Sora.com, en het plaatje begint te kloppen.

Waarom dit wél een goed idee kan zijn

De afgelopen dagen heb ik talloze fora als Reddit en Hackenews gelezen, om eens een weloverwogen mening te krijgen over dit plan. Toegegeven, er zitten heel wat interessante kanten aan.

1. Vers bloed in de data

OpenAI heeft continu nieuwe, échte gebruikersdata nodig om zijn modellen te verbeteren. En nu steeds meer data op het internet óf achter betaalmuren verdwijnt, óf besmet raakt met AI-gegenereerde content, is een eigen datastroom goud waard. Een sociaal netwerk waarbij mensen zelf actief posten, reageren en delen, biedt precies dat.

2. Creatieve co-creatie

In plaats van eindeloze ruzies over politiek of virale filmpjes, kan een AI-gedreven platform juist draaien om expressie en creativiteit. Denk aan posts die zijn ontstaan uit een samenwerking tussen mens en machine. Dat is een ander uitgangspunt dan bestaande netwerken en potentieel verfrissend.

3. Altijd een digitale sparringpartner

Stel je voor: een platform waar je een gedachte typt, en de AI helpt je het scherper, visueler of interessanter te maken. Dat is geen social media zoals we die nu kennen, dat is een persoonlijke assistent in je contentproces. Daar zit potentie. Dat zie je nu bijvoorbeeld ook al gebeuren bij kanalen als Instagram en Whatsapp, waar dit soort functies worden toegevoegd.

Een nieuw netwerk… of een herhaling van fouten uit het verleden?

Maar er zijn ook genoeg redenen, waarom dit kan uitlopen op een tweede Google Plus-momentje.

1. De verzadigde markt

We hebben al X (voorheen Twitter), Threads, Mastodon, Bluesky, Reddit, Discord, Instagram… de lijst is eindeloos. Waarom zouden gebruikers nóg een netwerk moeten omarmen, zeker als het (deels) bevolkt wordt door bots? Ik merk het ook al bij mezelf, dat ik juist in aantal actieve kanalen ben gedaald, om meer focus te krijgen.

2. AI als sociale illusie

Een netwerk vol posts van en gesprekken met AI’s klinkt misschien fascinerend, maar voelt in mijn optiek ook snel hol aan. Veel mensen waarderen sociale netwerken, omdat er echte mensen achter zitten. Als die menselijke laag ontbreekt, blijft er in mijn optiek weinig emotionele waarde over.

3. Privacy en vertrouwen

OpenAI ligt nu al onder vuur vanwege het gebruik van trainingsdata zonder duidelijke toestemming. Als het bedrijf straks ook je sociale posts meeleest – al dan niet met toestemming – hoe transparant en eerlijk blijft dat? En wie bepaalt eigenlijk wat je wél of niet mag delen op een netwerk gebouwd door een AI-bedrijf?

4. Verlies van focus bij OpenAI

Als ik even mijn startup-coach-pet opzet: OpenAI is in de kern een AI-onderzoeks, en productbedrijf. Door nu ook een sociaal netwerk te bouwen, inclusief moderatie, growth hacking, community building en alles wat daarbij komt kijken, dreigt het bedrijf zich te vertillen. Resources die nu naar fundamentele AI-ontwikkeling gaan, kunnen versnipperen over een project dat ver buiten hun oorspronkelijke expertise ligt. In een markt waar concurrentie op modelkwaliteit, betrouwbaarheid en snelheid toeneemt, kan dit afleiden van de kernmissie en OpenAI op achterstand zetten.

Tussen droom en datahonger

Of dit een goed idee is, hangt af van je perspectief. Voor OpenAI is het strategisch slim: het levert gebruikersdata, zichtbaarheid, en een manier om het gebruik van hun tools in het dagelijks leven verder te verankeren. Maar voor gebruikers is het spanningsveld groter. Willen we nóg een platform? En nog belangrijker: willen we dat platform vullen met onze gedachten, beelden en gesprekken, wetende dat die mogelijk meegetraind worden in een AI-systeem?

Als dit netwerk erin slaagt een meer positieve, creatieve en AI-ondersteunde vorm van online interactie te bieden, kan het in mijn optiek veel waarde toevoegen. Maar als het slechts een slimmere datafuik wordt, vol AI-content en zonder menselijke ziel, dan haken mensen net zo snel af als ze kwamen.

Wanneer gaan we meer horen?

Voorlopig is er nog niets officieel aangekondigd, maar de richting is duidelijk. De AI-image-feed van Sora lijkt een eerste publieke test. Het ligt voor de hand dat OpenAI de komende maanden experimenteert met kleine functies binnen ChatGPT zelf, zoals het delen van gegenereerde content met anderen, voordat het eventueel losgaat met een aparte app.

Of dit nieuwe netwerk daadwerkelijk gebruikers weet te binden, hangt af van één ding: voegt het écht iets toe aan hoe we nu online met elkaar omgaan? Als het blijft bij een AI-behangen variant van bestaande netwerken, zal de hype snel verdampen. Maar als het lukt om co-creatie en interactie met AI een menselijker gezicht te geven, zou OpenAI zomaar een nieuw soort online ruimte kunnen neerzetten.

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

Waarom ChatGPT soms onzin praat – en hoe je dat voorkomt

Waarom ChatGPT soms onzin praat – en hoe je dat voorkomt

Het gebeurt ons allemaal wel eens: je stelt een vraag aan ChatGPT, krijgt een antwoord, maar na wat verder nadenken blijkt het gewoon niet te kloppen. Wat is er aan de hand, en hoe kunnen we ervoor zorgen dat de antwoorden die we krijgen betrouwbaarder zijn? Het is en blijft een van de meest besproken topics in mijn AI trainingen, dusduik ik in deze nieuwsbrief in de wereld van AI-hallucinaties, en hoe we deze kunnen voorkomen.

Hoe werkt GPT ook alweer?

ChatGPT is een taalmodel ontwikkeld door OpenAI. Het werkt door te voorspellen welk woord volgt op het vorige in een tekst, gebaseerd op enorm veel data. Maar, in tegenstelling tot mensen, begrijpt ChatGPT niet echt wat het zegt. Het is als een slimme robot die tekst na-aapt zonder de betekenis erachter te begrijpen. Dit is zowel een kracht als een zwakte van AI. Het maakt ChatGPT creatief, maar soms ook onnauwkeurig.

Maar hoe maakt het dan fouten?

Volgens een studie uit januari 2025, komt ongeveer 1,8% van de antwoorden van GPT-4 onterecht over, zoals feitelijke onjuistheden of hallucinaties, vooral in meer technische domeinen. (Vectara, 2025) De cijfers variëren echter sterk per model en toepassing. In sommige gespecialiseerde domeinen zoals wetgeving of medische zaken, kunnen de hallucinaties oplopen tot 50% van de tijd. (Nature, 2025) Dus, hoewel het model indrukwekkend is, kan het nog steeds veel fouten maken.

AI-hallucinaties kunnen ernstige gevolgen hebben, vooral wanneer mensen vertrouwt worden op verkeerde informatie:

  1. De ‘moordenaar’ die geen moordenaar was
    Een Noorse gebruiker ontdekte dat ChatGPT hem beschreef als een veroordeelde moordenaar van zijn kinderen, terwijl dit volledig verzonnen was. De schade aan zijn reputatie was enorm, en de zaak leidde tot een klacht bij de autoriteiten. 
  2. De niet-bestaande rechtszaak
    In 2023 gebruikte een Amerikaanse advocaat ChatGPT om juridische referenties te vinden, maar het model gaf hem foutieve juridische cases. Deze “foutieve” bronnen werden uiteindelijk gebruikt in een rechtszaak, wat leidde tot boetes voor het indienen van onjuiste informatie.
  3. Verkeerde medische informatie
    In medische toepassingen kan het model soms verkeerde diagnostische informatie geven, wat ernstige gevolgen kan hebben voor patiëntenzorg. Medische professionals hebben gemeld dat AI-hallucinaties hun werk bemoeilijken, vooral bij het stellen van diagnoses.
  4. Feitelijke fouten in wetenschappelijke literatuur
    Een 2024-studie toonde aan dat ChatGPT, wanneer het werd gevraagd naar wetenschappelijke artikelen, regelmatig foutieve auteurs en publicatiejaren vermeldde. Dit is niet alleen verwarrend, maar kan ook de wetenschappelijke integriteit schaden. 
  5. Verkeerde samenvattingen in nieuws
    AI-modellen werden gebruikt om nieuwsartikelen samen te vatten, maar gaven vaak onjuiste of misleidende informatie. Dit leidde zelfs tot een rechtszaak tegen OpenAI voor het verspreiden van valse informatie via ChatGPT. 

Hoe voorkom je dat ChatGPT onzin praat?

Gelukkig zijn er manieren om deze fouten te minimaliseren. 
Een aantal tips die ik altijd mee geef in mijn AI-trainingen:

  1. Wees duidelijk en specifiek in je prompts
    Hoe specifieker je vraagt, hoe groter de kans op een correct antwoord. In plaats van “Vertel me iets over de aarde”, kun je beter vragen “Waarom is de lucht blauw?” Dit dwingt ChatGPT om de context goed te begrijpen.
  2. Gebruik Chain-of-Thought (COT) redeneren
    Door ChatGPT stap voor stap te laten nadenken, kun je de kans op fouten verkleinen. Vraag bijvoorbeeld eerst: “Wat is de lucht?” en laat het model verder redeneren naar het specifieke antwoord. Dit helpt het model om complexere antwoorden te geven zonder in de war te raken.
  3. Controleer de feiten
    Zelfs de beste AI-modellen kunnen fouten maken. Controleer altijd belangrijke informatie met betrouwbare externe bronnen zoals nieuwswebsites of wetenschappelijke publicaties. Een simpele zoekopdracht kan soms wonderen doen.
  4. Gebruik Retrieval-Augmented Generation (RAG)
    Deze techniek maakt gebruik van externe databronnen, zoals wetenschappelijke databases of juridische documenten, om de antwoorden van AI te valideren en te verbeteren. Het is vooral handig in domeinen die afhankelijk zijn van precisie, zoals de geneeskunde of wetgeving. (nature.com)

De technologie blijft zich snel ontwikkelen. Er worden steeds meer technieken ontwikkeld om AI-hallucinaties te verminderen. Sommige AI-modellen worden bijvoorbeeld getraind om een soort ‘zelfreflectie’ toe te passen en hun antwoorden af te stemmen op de betrouwbaarheid van hun kennis. Ook wordt er steeds vaker gebruikgemaakt van fact-checking systemen die helpen om de waarheid te verifiëren. 

Maar zelfs met deze verbeteringen blijft het een uitdaging om volledig foutloze AI te creëren. Daarom is het belangrijk om altijd kritisch te blijven en AI als hulpmiddel te gebruiken, niet als de ultieme bron van waarheid.

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

Iedereen kan nu een deepfake maken – maar kun jij het herkennen? (3 tips)

Je hebt geen studio nodig. Geen green screen. Geen acteur. En geen Hollywood-budget. Alleen een paar foto’s, een script, en een paar klikken. In nog geen 10 minuten kun jij vandaag een deepfake maken die zó echt lijkt, dat zelfs je moeder erin trapt. 

Klinkt als sciencefiction of enkel voor tech experts? Nope. Het is 2025. En de tools zijn gewoon te koop. Neem bijvoorbeeld HeyGen. Je uploadt een foto, typt een tekst in, kiest een stem – en binnen een paar minuten praat jouw gezicht met jouw stem. Of iemand anders’ gezicht met jouw stem. Of jouw gezicht met iemand anders’ stem. You get the idea. Dat gebeurde laatst bijna bij de moeder van een vriend van mij. Zij dacht dat haar zoon belde. Maar het bleek een scammer te zijn, die zijn stem had gekloond. 

Of Synthesia. Daar kies je uit een hele galerij aan menselijke avatars. Upload je script en… klaar. Jij of iemand anders staat daar ineens een perfect gearticuleerde video toe te spreken – in 40 talen, met natuurlijke mimiek en oogbewegingen.

Wil je nog een stapje verder? DeepFaceLab laat je gezichten 1-op-1 verwisselen in bestaande video’s. Denk aan een filmfragment, een interview of een toespraak. Vervang het gezicht, pas de stem aan, en klaar ben je.

En het blijft niet bij video. GPT-modellen kunnen nu zelfs geloofwaardige valse documenten maken. In India is onlangs ontdekt dat je met simpele prompts nepaadhaar- en PAN-kaarten kon genereren — het digitale identiteitsbewijs waar miljoenen mensen op vertrouwen. Een ramp in wording voor digitale fraude.

Dat klinkt heftig. En dat ís het ook. Want dit is geen toekomstmuziek meer.

Ferrari beleefde vorig jaar bijna z’n eigen deepfake-crisis. Een nep-CEO belde medewerkers met een nagemaakte stem, en vroeg om gevoelige informatie. Het klonk zó echt dat de alarmbellen pas laat gingen rinkelen. Uiteindelijk werd de oplichter ontmaskerd, maar het had net zo goed fout kunnen aflopen.

Ook in Nederland neemt het aantal deepfake-fraudes snel toe. Volgens een recent onderzoek van Nederland Digitaal zijn valse video’s, stemmen en identiteitsbewijzen in opmars als fraudemiddel. Criminelen gebruiken AI om geloofwaardige leugens te fabriceren — en bedrijven én burgers trappen erin. We hebben het niet meer over phishing-mails met spelfouten, maar over hyperrealistische CEO’s die je bellen met een dringend verzoek.

Dus: wat kun je doen?

Eén: Check de bron. Als je een video of stem hoort met een opvallend verzoek, neem altijd apart contact op via een ander kanaal. Geen WhatsApp, maar een belletje. Geen mail, maar een videocall.

Twee: Let op het onmenselijke. Deepfakes zijn goed, maar nog niet perfect. Let op rare knipperpatronen, houterige gezichtsbewegingen of emoties die nét niet kloppen. Bij stemdeepfakes: een monotone toon, onlogisch ritme, of opvallend slechte geluidskwaliteit zijn rode vlaggen.

Drie: Train je team. Of je nu ondernemer bent, HR’er of finance professional: zorg dat je collega’s weten wat deepfakes zijn en hoe ze klinken of eruitzien. Een klein stukje awareness kan duizenden euro’s of je reputatie schelen.

De technologie is hier. De drempel is weg. En het verschil tussen echt en nep vervaagt steeds sneller.

Dus als je morgen een video ziet die “te goed is om waar te zijn”? Check even twee keer. Of drie. Want een deepfake maken… dat kan tegenwoordig iedereen. De vraag is: kun jij het nog herkennen?

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

Je slimste collega is geen mens (meer)

Je slimste collega is geen mens (meer)

Je kent ze wel: die slimste collega die altijd snacks meeneemt naar vergaderingen en precies weet wanneer jij even vastloopt. Maar wat als ik je vertel dat jouw meest waardevolle teamgenoot straks géén mens is… maar een AI?

Volgens een nieuwe studie van Harvard en Procter & Gamble is AI niet zomaar een slimme tool, maar een échte cybernetic teammate – een digitale collega die meedenkt, meehelpt én je gelukkiger maakt op je werk. Wacht, wat?

776 professionals deden mee aan een grootschalig experiment. Sommigen werkten alleen, anderen in duo’s. En de helft kreeg toegang tot ChatGPT-4 of GPT-4o. De resultaten? Iemand die alleen werkt mét AI presteert net zo goed als een team van twee zonder AI. Een team mét AI levert vaker top-oplossingen, werkt sneller, en schrijft méér én beter. En misschien nog verrassender: mensen voelden zich blijer, energieker én minder gestrest als ze AI gebruikten. Ja, echt.

Zonder AI bleven specialisten keurig in hun hokje: de R&D’er dacht technisch, de marketeer dacht commercieel. Maar met AI? Kregen ze ineens ideeën buiten hun eigen vakgebied. Het is alsof AI je helpt om ‘even iemand anders te zijn’ – met een bredere blik. Zelfs mensen met minder ervaring presteerden op het niveau van senior collega’s. AI maakte van ‘de junior’ ineens een expert-in-wording. En dat zorgt voor iets bijzonders: meer gelijkheid, meer samenwerking, en méér kansen.

Er zit wel een maar aan dit mooie verhaal. Want als je AI alleen gebruikt om je werk over te nemen – zonder zelf nog na te denken – dan verslapt je kritisch vermogen. Onderzoeken tonen dat wie té afhankelijk wordt van AI, minder creatief én minder scherp wordt. Dus: gebruik AI niet als kruk, maar als sparringpartner. Stel vragen, denk mee, daag het uit. Dan word jij er ook écht slimmer van.

De grote les? AI verandert niet alleen wat we doen op werk, maar hoe we samenwerken. Het is geen spreadsheet 2.0, het is een slimste collega 2.0. Een cyber-collega die niet klaagt, niet luncht, maar wél helpt om beter werk te leveren. Dus de volgende keer dat je denkt: “Kan AI dit voor me doen?” Vraag jezelf dan af: “Kan AI dit samen met mij doen?” Want misschien zit je beste collega straks… in je laptop.

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

5x AI als coach | zo gebruik ik ChatGPT als spiegel, tegenspeler én sparringpartner

5x AI als coach | zo gebruik ik ChatGPT als spiegel, tegenspeler én sparringpartner

Weet je wat ik het leukste vind aan AI? Dat het niet alleen slim is, maar ook verrassend goed kan coachen. Geen zweverige praat, gewoon slimme vragen, creatieve ideeën en eerlijke feedback, 24/7. Vijf voorbeelden:

5x AI als coach

1. De Reflectieve Spiegel

Aan het eind van de dag gebruik ik AI vaak als een soort digitale spiegel. Dan vraag ik bijvoorbeeld: ‘Stel me drie goede vragen om te reflecteren op mijn werkdag’, of ‘Help me begrijpen waarom ik zo heftig reageerde tijdens dat overleg.’ De antwoorden zijn vaak raak. AI stelt vragen zoals: ‘Wat had je nodig op dat moment, maar kreeg je niet?’ of ‘Wat zou je tegen een vriend zeggen in dezelfde situatie?’ Zo kom ik tot inzichten waar ik anders nooit bij stil zou staan. Even stilstaan. Even graven. En soms kom je tot iets wat echt blijft hangen.

2. De Creatieve Vonk

Als ik vastloop in een idee, een presentatie, een strategie, dan roep ik de Creatieve Vonk erbij. Stel: ik wil iets uitleggen maar het blijft saai klinken. Dan vraag ik: ‘Bedenk 10 ongewone manieren om dit onderwerp uit te leggen aan een kind van 8,’ of ‘Hoe zou een kunstenaar dit aanpakken?’ Wat eruit komt is vaak verrassend — van kinderboek-metaforen tot compleet andere invalshoeken. En eerlijk? Meer dan eens zat daar het begin van een briljant idee tussen.

3. De Gesprekssimulator

Dit is misschien wel mijn favoriet als ik me moet voorbereiden op een lastig gesprek. Bijvoorbeeld als ik een collega moet aanspreken op gemiste deadlines. Dan zeg ik tegen AI: ‘Speel die collega en reageer defensief op mijn feedback.’ Vervolgens ga ik het gesprek aan en reageert AI realistisch — met tegenwerpingen, ontwijkend gedrag, soms zelfs emotioneel. Daarna vraag ik simpelweg: ‘Wat had ik beter kunnen doen?’ en krijg ik directe, concrete feedback. Het is oefenen met impact, zonder risico.

4. De Tegendenker

Soms ben ik zó enthousiast over een nieuw idee, dat ik vergeet kritisch te kijken. Dan gebruik ik AI als tegenspeler. Ik zeg bijvoorbeeld: ‘Speel de advocaat van de duivel. Waarom is dit een slecht idee?’ Of: ‘Welke drie dingen kunnen hier volledig misgaan?’ Binnen seconden krijg ik scherpe tegenargumenten terug die me dwingen om mijn plan beter te onderbouwen. Niet altijd leuk, wél heel effectief. Vooral als je jezelf serieus wilt uitdagen.

5. De Impro-Coach

Wil je leren improviseren, beter reageren onder druk, of creatiever worden in hoe je jezelf presenteert? Dan is dit de leukste van allemaal. Ik gebruik AI dan als speelse partner. Bijvoorbeeld door te zeggen: ‘Daag me uit met een storytelling-oefening waarin ik een mop moet vertellen alsof ik een nieuwslezer ben,’ of ‘Stel me onverwachte vragen alsof ik live word geïnterviewd.’ Je komt in situaties waar je niet op voorbereid bent — en dat is precies het punt. Het scherpt je denken en maakt je losser in je spreken.

Dus… is AI een vervanger van een echte coach? Nee. Maar het is wél een waanzinnig goede aanvulling. Deze vijf types – van spiegel tot tegenspeler – helpen mij dagelijks groeien, denken, oefenen en verrassen. En het mooiste is: jij kunt dit ook. Gewoon, met een paar slimme vragen op het juiste moment. In een tool als ChatGPT of Gemini, die je gratis kan gebruiken, zonder zelfs een account aan te maken.

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

Manus: een marketingmeesterwerk, maakt deze nieuwe AI-tool het waar?

Manus: een marketingmeesterwerk, maakt deze nieuwe AI-tool het waar?

De strijd om AI-hegemonie lijkt steeds meer op een digitale Koude Oorlog tussen de VS en China. Waar de Amerikanen jarenlang een voorsprong hadden met bedrijven als OpenAI en Google, zet China nu grote stappen om deze achterstand in te halen. De lancering van DeepSeek eerder dit jaar schudde de sector al op, en nu is er Manus – een AI-agent die niet alleen reageert op commando’s, maar zelfstandig taken uitvoert. Ik heb eindelijk de kans gekregen om deze tool te testen en deel mijn ervaringen in dit nieuwe artikel.

We zien inmiddels wekelijks wel updates van de bekende platformen voorbijkomen. Sneller, slimmer, maar ook betere redenatie en bronvermelding. Eerder schreef ik hier al over mijn gemengde ervaringen met zowel AI agentsGPT Operator als DeepSeek. Nu zag ik de afgelopen tijd onwijs veel interessante use cases voorbij komen van de nieuwe Chinese AI-hype Manus. Manus is in mijn optiek geen eenvoudige chatbot meer, maar een AI die kan nadenken, plannen en uitvoeren zonder constante menselijke begeleiding.

Manus positioneert zichzelf ook als een directe uitdager van OpenAI’s Operator en DeepResearch. De introductie werd door sommigen al een ‘tweede DeepSeek-moment’ genoemd. Niet alleen door de scherpe kostprijs voor gebruikers, maar ook de kwaliteit van de output. Maar is dit echt de volgende grote doorbraak, of vooral een slimme marketingcampagne?

Multi-manusje van alles

Manus is een AI-agent en ontwikkeld door het Chinese bedrijf Butterfly Effect. De AI-tool onderscheidt zich door zijn zogenaamde ‘multi-agent architectuur’. In plaats van één AI-model dat alles probeert te doen, gebruikt Manus een combinatie van verschillende gespecialiseerde sub-agents. Dit maakt het mogelijk om taken op te splitsen en efficiënter te verwerken.

In theorie zou Manus een volledige reis kunnen plannen: het zoekt vluchten, boekt een hotel, vergelijkt prijzen en stelt zelfs een reisschema op. Of het helpt een recruiter door cv’s te analyseren, kandidaten te rangschikken en zelfs sollicitatievragen op te stellen. Dit is een fundamenteel andere aanpak dan klassieke chatbots zoals ChatGPT, die altijd menselijke begeleiding nodig hebben om een taak correct af te ronden.

Vergelijkbaar met DeepSeek, dat bewees dat hoogwaardige AI-modellen ook met een fractie van de westerse budgetten kunnen worden gebouwd, probeert Manus nu eenzelfde impact te maken – maar dan in de categorie AI-agents. Wat ik nog steeds voorzie als dé grote AI-trend dit jaar.

Waarom is Manus nu zo’n hype?

Manus is niet alleen technologisch interessant, maar ook echt weer een marketingmeesterwerk. De eerste demonstratievideo’s gingen direct viraal, waarin de AI werd gepresenteerd als een revolutionair systeem dat complexe taken volledig zelfstandig kon afhandelen.

Dit sloeg aan: binnen enkele dagen groeide de Manus-community tot meer dan 180.000 leden op Discord, en invite-codes werden online verkocht voor duizenden dollars.

De exclusiviteit – alleen toegang op uitnodiging – hielp in naar mijn idee de hype verder op te bouwen. Net als bij DeepSeek werd het idee gecreëerd dat Manus een gamechanger was die slechts voor een select publiek beschikbaar was. Daarnaast speelt de geopolitieke rivaliteit tussen China en de VS natuurlijk een sterke rol. Veel Chinese gebruikers zien Manus als een symbool van technologische onafhankelijkheid en een antwoord op OpenAI en Google.

Maar de belangrijkste vraag blijf natuurlijkt: werkt het echt en doet het wat het belooft te doen?

Drie typen tests met Manus

Om de beloftes van Manus te testen, heb ik het platform op de proef gesteld met drie realistische taken waar ik ook echt mee bezig ben.

1. Vakantie boeken

Ik wil in juni een week gaan hiken in IJsland. Maar hier heb ik wel wat speciale wensen; elke dag een specifieke hike maken, bepaalde vluchten, bepaalde type overnachtingen, andere activiteiten zoals een spa etc. Manus slaagde erin om vluchten te vinden en een lijst met goede hotels op te stellen, maar kon de boekingen verder niet afronden. Bovendien miste het wel echt belangrijke details, zoals extra bagagekosten voor mijn hikespullen.

2. Marketingcampagne maken

Voor een van mijn bedrijven liet ik Manus een complete socialmediastrategie opzetten, inclusief advertenties en doelgroepanalyse. Het resultaat was bizar indrukwekkend: Manus analyseerde een aantal concurrenten, stelde een postschema op en genereerde zelfs advertentiecopy. Maar bij controle bleek dat sommige suggesties onrealistisch waren of gebaseerd op verouderde data. Bummer!

3. Sollicitatieproces automatiseren

Voor een groot event dat ik organiseer, wilde ik Manus een selectie laten maken van alle vrijwilligers die een sollicitatie hebben ingestuurd. Hoewel de AI goede suggesties gaf, bleek bij nadere check dat sommige afwijzingen onterecht waren. Het systeem had moeite met nuances in werkervaring en gaf de voorkeur aan cv’s met veel trefwoorden in plaats van inhoudelijke kwalificaties.

Uitvoering laat te wensen over

Manus kan taken heel mooi efficiënt structureren en plannen, maar de uitvoering laat in mijn optiek nog te wensen over. Het is geen volledig zelfstandige AI, eerder een slimme assistent die echt wel wat taken uit handen kan nemen, maar nog steeds ook menselijke controle nodig heeft.

Want de tool kampt echt met betrouwbaarheidsproblemen. Ik las op de diverse fora en zag in allerlei groepen andere gebruikers meldden dat de AI soms vastloopt in oneindige loops of verkeerde informatie genereert. Dit kan een groot probleem zijn voor toepassingen waarbij nauwkeurigheid belangrijk is, zoals financiële analyses voor cryptohandel.

Ook de snelheid is een zwak punt. Waar OpenAI’s DeepResearch taken in enkele seconden afrondt, doet Manus er vaak minuten over. Ik heb dit een paar keer getest, maar vooral bij complexere opdrachten duurt het lang voordat de AI een werkbaar resultaat oplevert.

Daarnaast is er gebrek aan transparantie. Butterfly Effect geeft weinig details over hoe de AI precies werkt. Het is trouwens geen volledig nieuwe tool, maar een zogenaamde ‘wrapper’. Manus bouwt voort op bestaande modellen zoals Anthropic’s Claude en Alibaba’s Qwen, maar in welke mate het zelf innovatief is, blijft onduidelijk.

Tot slot is er de kwestie van privacy en veiligheid. Net als bij DeepSeek roept Manus vragen op over gegevensbescherming. Westerse bedrijven zullen terughoudend zijn om een AI uit China toegang te geven tot gevoelige bedrijfsinformatie, zeker gezien China’s strikte regelgeving rondom dataverzameling en staatscontrole. Vooral na alle backlash rondom DeepSeek in de afgelopen tijd.

Gaan we er nog veel van horen?

Manus AI heeft de potentie om een nieuw tijdperk van autonome AI-agents in te luiden, maar het is nog niet zover. De technologie is veelbelovend, maar echt nog niet foutloos. Het lijkt op een ruwe diamant die nog veel geslepen moet worden voordat het echt kan concurreren met gevestigde spelers.

Als Butterfly Effect de infrastructuur verbetert, de betrouwbaarheid vergroot en transparanter wordt over hoe Manus werkt, kan het een serieuze uitdager worden in de AI-race. Vooral met de prijzen die het hanteert. Daarnaast omdat het een stuk makkelijker te gebruiken is dan de Operator van GPT. Tot die tijd blijft het vooral een fascinerend experiment – met een hoop potentie, maar ook een hoop werk aan de winkel.

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

Op mijn 38e verjaardag; de 38 hacks die mij heel positief hebben beïnvloed de afgelopen 37 jaar

Op mijn 38e verjaardag; de 38 hacks die mij heel positief hebben beïnvloed de afgelopen 37 jaar

Vandaag mag ik alweer 38 jaar oud worden. Wat een ongekend voorrecht. Nadat ik zelf op het randje van de dood heb gebalanceerd en de afgelopen jaren te veel mensen heb moeten begraven, zie ik elke dag dat ik opsta als een groot geschenk. Mijn moeder gaf mij laatst als compliment dat ze mij in tijden niet zo gelukkig had gezien. Ik ben echt nog nooit zo fit geweest, heb een ontzettend ‘rijk’ leven  met dierbare familie en vrienden. Een doorlopende stroom zakelijke uitdagingen en talloze andere zaken die mijn leven elk jaar weer verder mooi inkleuren.

Met dank aan mijn persoonlijke ‘braintrust’ (dierbaren en professionals die mij steunen, kietelen en inspireren), ben ik doorlopend heel intensief bezig met zelfontwikkeling. Doorlopende analyses, (persoonlijke) plannen opstellen en elke dag bijschaven, heel veel lezen/luisteren, elk jaar minstens een opleiding volgen, op zoek naar de juiste verbindingen en openstellen voor onverwachte kruisbestuivingen.

Naast veel positieve feedback over mijn fysieke/mentale gesteldheid en de manier hoe ik mijn werk aanpak, krijg ik vaak daarbij ook vaker de vraag, hoe ik bepaalde zaken oppak. Hoe ik mijn ochtend indeel, hoe ik mijn dagelijkse agenda straktrek etc. Nadat ik bij mijn vorige verjaardagen o.a. mijn top 35 levenslessen en 37 vragen die ik mijzelf doorlopend stel deelde, leek het mij leuk om in deze blog de 38 hacks te delen, die mij hebben gemaakt tot wat ik nu ben.

  1. Lekker die kikker eten

    Wat smult het brein toch van al die dopamine snackjes. Al die mailtjes, appjes en notificaties in apps die het lekker kan afwerken. Maar het zorgt vaak ook voor veel ruis in het brein. Afgeleid en niet meer in staat om te doen wat écht gedaan moet worden die dag. Elke werkdag begin ik dan ook eerst met de grootste taak en/of de taak waar ik het minste zin in heb. ‘Eat your frog’ noemt mijn coach Paul Rulkens dat zo mooi. Ik bepaal deze taak per dag altijd de vrijdag voor een week vooruit en evalueer deze de middag van te voren nog eens. De ene keer ben ik daar na een uur mee klaar, de andere keer pas na de lunch. Maar het zorgt er wel voor dat ik echt doe wat ik moet doen. Daarnaast geeft het een ontzettende kick, elke keer weer, als ik die taak heb volbracht. Daarna open ik pas de mailbox.

    2. Habit stacking

    Van een van mijn favoriete boekenschrijvers James Clear.  Bepaalde acties zo combineren, dat je ze uiteindelijk een gewoonte worden. Ik heb mijn telefoon in de woonkamer op de bank liggen. Daarbovenop ligt een boek en daarbovenop ligt altijd mijn meditatie klankschaal. Het herinnert mij er aan, dat ik na het wakker worden altijd eerst ga mediteren, dan een boek ga lezen en pas daarna (gebeurd eigenlijk nooit) van mezelf op de telefoon mag. Ik heb zo veel gewoontes aangeleerd, waar ik niet eens meer over na hoef te denken dat ik ze moet gaan doen.

    3. Beginnen met lezen

    Mijn dag begint ook echt met minimaal 10-20 pagina’s te lezen. Ik lees enkel non-fictie en heb altijd wel een 5-tal boeken op de stapel liggen. Het zorgt bij mij altijd voor allerlei goede ideeën en een fijne manier om de dag rustig te beginnen. Omdat die effecten zó positief zijn, is het echt iets waar ik niet aan torn; eerst lezen, daarna de rest.

    4. Brain rot voorkomen

    Even geleden merkte ik dat mijn brein echt flinke kuren had. Ik ben dit gaan analyseren en merkte dat dit echt lag aan mijn telefoongebruik. Wetenschappers noemen dit ook wel ‘brain rot’. Een van de trucs die mij weer helemaal ‘mentaal fit’ heeft gemaakt, is mijn telefoon op grijswaarden zetten (dank Irene voor de tip!). Ik zit hierdoor al meer dan een uur minder per dag op de telefoon.

    Handleiding voor iPhone / Android

    5. Binaural beats

    De afgelopen tijd ben ik echt gefascineerd geraakt, over hoe je het brein op een positieve manier kan beïnvloeden, zonder supplementen oid. Er zijn zo onwijs veel trucjes hoe je hier aan kan werken. Met mijn TalkLikeTED trainingen heb ik er al een stuk of 30 gedefinieerd rondom storytelling en presenteren, maar ik gebruik er ook veel om zelf mentaal fitter te worden en meer focus te krijgen. Binaural Beats werken voor mij echt heel goed hierin.  Je kan op Youtube en Spotify talloze playlists vinden. Tip; gebruik wel een koptelefoon, geen oordopjes.

    6. Slaap hygiëne

    Het boek ‘Why we sleep’ van Matt Walker (ook geweldige podcast) heeft mijn ogen echt geopend over slaap. Vooral ook; hoeveel dingen je kan doen om uiteindelijk een kwalitatief perfecte slaap te krijgen. Ik slaap eigenlijk altijd wel goed; ik word fit wakker en heb veel energie door de dag heen. Dat zal liggen aan het feit dat ik al 6 jaar geen druppel alcohol drink, onwijs leuk werk doe, elke dag sport en gezond eet, maar ook echt omdat ik op advies van Matt

    • Mijn schermen 18.00/19.00 uiterlijk uit doe en weg leg. Zo blijft de natuurlijke aanmaak van melatonine (slaaphormoon) ongestoord. Daarnaast word ik niet nog vlak voordat ik ga slapen gek gemaakt door een bepaald appje of mailtje.
    • Een oranje bril opzet. Dit haalt het felle licht weg en stimuleert de melatonine aanmaak. Meestal val ik na een uur in slaap. De duurdere Somnoblue’s komen uit Nederland (30 euro), maar je kan ook een prima bril voor een euro op Aliexpress bestellen.
    • Ik drink geen koffie na 12.00. De ‘halveringstijd’ in de lever van cafeïne is 4-5 uur. Het vele koffiegedrink in de middag (en avond) is volgens talloze onderzoeken een van de belangrijkste redenen dat veel mensen slecht slapen, omdat de cafeïne nog lang in het systeem aanwezig is. Ik merk echt dat sinds ik  ben gestopt met koffie in de middag, ik nooit meer moeite heb om in slaap te komen. Als ik duf ben, dan doe ik wat airsquats of ga even buiten lopen.
    • Einde van de middag maak ik een samenvatting van de dag. Wat is er gebeurd, wat moet ik nog doen, wat wil ik de volgende keer anders doen. maar ook; wat ga ik morgen doen. echt het werk afsluiten, zodat ik niet in bed nog een ‘oja’ momentje krijg.

    7. “You gain strength, courage, and confidence by every experience in which you really stop to look fear in the face.” — Eleanor Roosevelt

    Elk jaar zoek ik iets dat me uit mijn evenwicht brengt. Iets waar mijn reptielenbrein ‘nee!’ tegen schreeuwt. Maar juist dat maakt het de moeite waard. De voorbereiding, het plannen, de spanning – het wordt een project waar ik het hele jaar naar uitkijk. En als het lukt? Die kick is onbetaalbaar. Vorig jaar heb ik 7 vulkanen beklommen in Equador, dit jaar ga ik de 5e berg van de wereld beklimmen in september (Manaslu in Nepal, 8150 meter) en volgend jaar staat de Mount Everest summit (8800 meter) op het programma.

    8. Grote taken klein maken = grote dingen gedaan krijgen.

    Het brein houdt niet van grote klussen. Teveel werk, teveel gedoe. Daarom hak ik mijn grote taken in talloze kleine stukjes. Een hoofdstuk in plaats van een boek, een alinea in plaats van een hoofdstuk. Zo voelt elke stap behapbaar, en voor je het weet heb je iets groots afgerond. Zo heb ik al drie boeken geschreven, bedrijven opgebouwd en ook grote events georganiseerd.

    9 Pommodoro

    Het is voor mij een van de meest effectieve time management technieken. Naast mijn ‘frog’, werk ik nooit zonder duidelijk tijdslot aan werk. Ik plan echt heel duidelijk mijn werk in tijdsloten in van 25 minuten, met 5 minuten pauze.

    10. Niemand is zo met jou bezig als jij denkt

      Ik maakte me vroeger vaak druk over wat anderen van me vonden. Tot ik het ‘spotlight effect’ ontdekte: de neiging om te overschatten hoeveel anderen op ons letten. Onderzoek laat zien dat mensen grotendeels met zichzelf bezig zijn. Studies tonen aan dat we in gesprekken vooral over onszelf praten en dat ons brein in ruststand automatisch naar onze eigen gedachten terugkeert. Dat inzicht gaf me rust. Ik stopte met mezelf inhouden uit angst voor oordelen die waarschijnlijk niet eens bestonden. Sinds ik me dit realiseer, leef ik lichter en trek ik me veel minder aan van wat anderen misschien denken.

      11. “Mann muss immer umkehren”

        Oftewel: altijd omdraaien, omdenken, het vanuit een andere hoek bekijken. Deze uitspraak komt uit de wiskunde, maar werkt overal. Loop je vast? Draai het eens om. Zoek niet naar bevestiging, maar naar het tegenovergestelde. Stel de vraag anders. Door te spelen met perspectief ontdek je oplossingen die je eerst niet zag. Soms is de omgekeerde weg juist de snelste vooruit.

        12. Postmortem

          Waarom wachten tot iets mislukt om ervan te leren? Ik draai het om: vóór een project begin ik met een denkbeeldige postmortem. Wat zou er mis kunnen gaan? Waar zitten de valkuilen? Door die fouten nu al in kaart te brengen, voorkom ik dat ze werkelijkheid worden. Achteraf analyseren is goed, maar vooraf nadenken is beter.
          Ik heb zo bij de events die ik zelf en voor klanten organiseer, al heel wat gedoe kunnen voorkomen.

          13. De lunchdip er uit lopen

            Even een korte wandeling na een maaltijd kan al een groot verschil maken. Slechts vijf minuten bewegen helpt om je bloedsuikerspiegel stabieler te houden en schommelingen te voorkomen.  Sinds ik dit doe, heb ik nooit meer een energiedip na de lunch. Staand uitbuiken helpt een beetje, maar lopen is veel effectiever. Kleine gewoonte, groot energievoordeel.

            14. Minder schakelen, meer gedaan krijgen

              Elke keer wisselen tussen taken (cognitive shifting) kost je brein mega veel energie. Onbewust verspil je tijd aan opnieuw focussen. Daarom werk ik zo veel mogelijk taak voor taak af, zonder steeds te schakelen. Volledig in één ding duiken, afronden, en dán pas door naar het volgende. Minder ruis, minder energieverlies – en aan het eind van de dag voelt mijn hoofd nog fris.

              15. Duidelijke kaders, of geen Jan

                Ik was op het laatst echt klaar met al die onnodige meetings. Ongestructureerd, veel geauwehoer en geen uitkomsten. Ik heb hem daarom omgedraaid; ik woon enkel een meeting (fysiek of virtueel) bij, waar van te voren is duidelijk gemaakt wat de gewenste uitkomst (doelstelling) van de meeting is, wat de agenda is en waarom ikzelf er bij aanwezig moet zijn. Anders kom ik niet. Het zorgt voor een schone agenda en zeer effectieve meetings. Sociale bijkletsmeetings plan ik apart en enkel fysiek.

                16. Geen multitasking

                  Het brein blijft mij teasen om het te blijven proberen; multitasken. Vooral tijdens virtuele meetings. Maar alle wetenschap hieromheen, laat zien dat het de nummer 1 reden is dat je breinenergie helemaal in elkaar zakt. Het was volgens onderzoek van Microsoft ook dé reden dat iedereen zo ‘zoom fatique’ was tijdens corona. Ik ben er dan ook echt mee gestopt, want ik merkte ook dat als ik tijdens een call ondertussen mails ging checken, ik daarna gesloopt was.

                  17. Slumber with a key

                    Soms heb ik zeer intensieve dagen; 2-3 keer lezingen en trainingen geven, met tussendoor calls en werk. Dan kan ik rond de lunch al wat rust gebruiken, om de rest van de dag door te komen. Edison en Dalí deden het al: in slaap dommelen met een sleutel in de hand. Zodra je echt indommelt, valt de sleutel en schrik je wakker – nét op het moment dat je brein de creatiefste verbindingen maakt. Dit dromerige tussengebied tussen waken en slapen is goud voor nieuwe ideeën. Soms zit de beste inspiratie in dat ene moment voordat je wegzakt.

                    18. 20-20-2

                      Geleerd van een oud klant Raymond Heunen die oogarts is. Tijdens werk elke 20 minuten, 20 seconden kijken naar iets op 6 meter afstand, en minstens 2 uur per dag buiten zijn. Ik doe dit vaak in combinatie met de pommodoro techniek elke 25 minuten. Dit helpt je ogen echt perfect om te ontspannen en vermindert vermoeidheid. Kleine moeite, groot verschil – vooral in een wereld vol schermen.

                      19. The power of looking back

                        Tijdens het bergbeklimmen wil je maar één ding: vooruit. Hoger, verder. Maar ik heb geleerd om juist ook achterom te kijken. Niet alleen om te zien hoe ver ik al ben gekomen, maar ook om alle mooie momenten en lessen te waarderen. Iets wat ik dus ook constant in mijn dagelijks leven doe. Terugkijken is geen stilstand – het is beseffen wat je hebt bereikt. En dat geeft kracht om weer verder te gaan.

                        20. Giving is all we have

                        Sinds mijn 15e doe ik vrijwilligerswerk, en het heeft me meer gegeven dan ik ooit had verwacht. Mijn afstudeeronderzoek ging over de impact ervan – op de wereld, maar vooral op mensen. Het verschil met betaald werk is enorm: geen transacties, geen verwachtingen, alleen bijdragen omdat je het wílt. Het geeft energie, perspectief en een diepere connectie met anderen. Uiteindelijk is geven het enige wat echt telt.

                        21. De energie structuur

                        Mijn dag heeft een vaste flow: eerst 2 uur voor denk- en creatief werk, daarna de uitvoerende taken. Pas daarna komen de e-mails en calls, en ik sluit af met simpel werk waar ik niet over na hoef te denken. Zo gebruik ik mijn energie optimaal en voorkom ik dat mijn dag wordt opgeslokt door ruis. Daarom plan ik bijv. nooit calls in de ochtend – die tijd is te waardevol. E-mails check ik op vaste momenten, zodat ik niet steeds word afgeleid door zaken die geen prioriteit hebben. Door bewust mijn dag in te delen, hou ik controle en krijg ik ongelooflijk veel gedaan. Daarnaast evalueer ik ook elke maand om te kijken welke activiteiten mij veel energie geven en welke juist niet. Ook dit neem ik mee in de planning van de maand er na.

                        22. Weg met de corveetaken

                        Uit McKinsey-onderzoek blijkt dat 61% van ons werk ‘corvee’ is – repetitief, saai en inefficiënt. Daarom heb ik scherp gekeken welke taken ik kan uitbesteden aan AI. Dingen die ik vroeger zelf deed, gebeuren nu sneller, slimmer of zelfs helemaal automatisch. Dat scheelt niet alleen tijd, maar ook mentale energie. Minder corvee, meer focus op wat écht telt. En dat is geen theorie – ik spreek wekelijks op podia over AI, dus ‘practice what you preach’. De tools die er nu zijn, zijn niet alleen gaaf, maar ook écht goed. Slim inzetten betekent minder tijd verspillen aan dom werk, en meer ruimte voor creativiteit en impact.

                        23. Wandelend vergaderen

                        Al een tijdje doe ik vrijwel geen videocalls meer. Enkel als het met mensen betreft die ik nog niet ken. In plaats daarvan ga ik wandelend bellen. Even een frisse neus halen, en het werkt nog beter ook. Onderzoek van Stanford University toont aan dat wandelen creativiteit met gemiddeld 60% verhoogt. Of je nu buiten loopt of op een loopband, het maakt niet uit—je brein gaat automatisch beter werken. Søren Kierkegaard zei het al: “Ik loop mezelf elke dag naar een staat van welzijn en weg van elke kwaal.”

                        24. Systeemdoelen boven resultaatdoelen: succes zit in het proces.

                        In plaats van alleen een einddoel na te jagen, richt ik me op het systeem erachter. Goede routines, slimme processen en consistente actie zorgen uiteindelijk voor succes – niet één grote eindspurt. Wil je een boek schrijven? Focus op dagelijks schrijven, niet op de publicatiedatum. Wil je fitter worden? Bouw een trainingsroutine op, in plaats van te fixeren op een eindgewicht. Door het proces goed te krijgen, volgt het resultaat vanzelf.

                        25. Stop starting, start finishing.

                        Te veel tegelijk willen doen leidt vaak tot niets écht afmaken. Daarom focus ik op minder, maar beter. Liever één ding goed afronden dan vijf dingen halfbakken laten liggen. Elke taak die je écht afmaakt, geeft energie en ruimte voor wat daarna komt. Minder versnippering, meer impact.

                        26. Memento mori

                        Ik heb echt op het randje van de dood op de IC gelegen. Dat zet je aan het denken over het leven en je eigen sterfelijkheid. De toekomst is onzeker, het verleden ligt vast. Wat telt, is nu. Memento Mori – herinner dat je sterfelijk bent. Niet om je te laten schrikken, maar om je te laten beseffen hoe waardevol tijd is. Minder piekeren over wat komt, meer doen met wat nu binnen je bereik ligt. Zo ben ik echt veel meer in het ‘nu’ gaan leven, nu dingen doen zoals mooie reizen maken en andere belevenissen inplannen. Elke dag is een kans. Gebruik ‘m goed!

                        27. Intermittant fasting

                        Intermittent fasting betekent dat je bewust periodes zonder eten inlast. Ik volg al jaren de 16:8-methode (16 uur vasten, 8 uur eten) en de 5:2-methode (ik doe het door de week, het weekend niet). Sindsdien ben ik nooit meer ziek geweest en ben (in combinatie met sporten) heel wat vet verloren. Maar het grootste voordeel? Constante, stabiele energie. Geen hongerklappen, geen middagdips – gewoon een hele dag scherp en gefocust. Niet eten op de juiste momenten bleek een gamechanger.

                        28. Kleine gebaren, grote impact.

                        Een compliment aan de schoonmaker, een vriendelijk woord voor de barista – geen bijbedoelingen, gewoon omdat het kan. Zoiets kleins kan iemands hele dag maken. Het vraagt bijna niets, maar de impact is groot. Even gezien en gewaardeerd worden maakt het verschil. En het mooiste? Het werkt twee kanten op.

                        29. Think week! Want ‘breakthroughs start with a break’

                        Elke zes maanden plan ik een Think Week – een week zonder meetings en internet/technologie. Dit is geen luxe, maar een bron van rust en creativiteit. Juist door de ruis weg te nemen, ontstaat er ruimte voor nieuwe ideeën, diepere inzichten en het heroverwegen van grote beslissingen. Even offline, en mijn hoofd werkt helderder dan ooit.

                        30. Effectiviteit boven efficiëntie: doe de juiste dingen, niet alleen dingen goed.

                        Het is makkelijk om druk bezig te zijn, maar ben je ook bezig met wat écht telt? Efficiëntie betekent dingen snel en goed doen, maar effectiviteit gaat over het doen van de juiste dingen. Een nieuwe app kan je workflow versnellen, maar als je focus verkeerd ligt, creëert het alleen maar méér werk. Peter Drucker’s ‘The Effective Executive’ is wat mij betreft de beste gids om dit verschil te begrijpen. Want productief zijn is mooi, maar alleen als het je in de juiste richting brengt.

                        31. Focus qua kanalen

                        Een aantal jaar geleden was ik bijna overspannen; niet van het werk, maar alle randzaken. Mensen met wie ik werkte, stuurden mij bijvoorbeeld berichten via zoveel kanalen (mail, whatsapp, instagram, facebook, telegram, signal etc), dat ik de hele dag alleen maar gestresst was of ik niks miste. Ook het ‘snackbar model’, van de telefoon altijd aanhebben en gelijk gaan rennen als er iemand belde, zorgde voor weinig rust en focus. Daarnaast ook veel verloren tijd; je belt elkaar 10x op en neer terug totdat je elkaar eindelijk bereikt en uiteindelijk moet ik mensen alsnog vragen te mailen, omdat ik ergens rustig over na moet denken. Mijn telefoon staat altijd uit en ik doe enkel geplande calls, die daardoor ontzettend effectief zijn. Daarnaast gebruik ik enkel email, zodat alles op 1 plek binnenkomt en terug te vinden is.

                        32. Beter luisteren

                        We luisteren niet meer. Laat staan ook dat de conversaties er beter van worden. Het boek You’re not listening (dank Daan Eijwoudt !) was wat dat betreft echt een mega eye opener, met alle wetenschap rondom de kwaliteit van een gesprek. Door het plaatsen van een telefoon op tafel of zelfs gebruiken tijdens een gesprek, straal je non-verbaal niet alleen veel negatiefs uit (luisteraar en het geen wat hij/zij verteld is minder belangrijk, disrespectvol) maar kan je door de afleiding ook niet de diepte in gaan. Ik wacht dan ook altijd rustig, totdat de telefoons van tafel verdwenen zijn.

                        33. Wat als dit makkelijk kan?

                        Ons brein houdt van gemak. Hoe eenvoudiger iets te begrijpen is, hoe sneller we het oppikken. Dat geldt niet alleen voor communicatie, maar ook voor werk. Wat als dit makkelijker kan? Die vraag stel ik mezelf steeds vaker. Minder complexe processen, minder onnodige stappen. In presentaties betekent dat schrappen, in werk betekent dat slimmer organiseren. Niet harder werken, maar slimmer – zodat de boodschap, en het resultaat, blijft hangen.

                        34. Moeilijke gesprekken vermijden? Dat is uitgestelde ellende.

                        Elke keer dat je een lastig gesprek ontwijkt, bouw je een schuld op – eentje die later met rente moet worden terugbetaald. Problemen lossen zichzelf niet op, en tijd heelt niks als het om relaties gaat. Kleine scheurtjes repareer je onderweg, zodat je later geen grote breuken hoeft te lijmen. Hoe eerder je het gesprek aangaat, hoe minder schade er te herstellen valt.

                        35. Nee

                        Hoe meer je weigert, hoe meer je bereikt. Ik ben zo echt anders naar vragen gaan kijken en zeg heel veel vaker ‘nee’. De grootste denkers en ondernemers zeggen het zelf: focus komt van wat je níét doet. Steve Jobs, Warren Buffett, en Richard Feynman – allemaal maakten ze ‘nee’ zeggen tot hun superkracht. Nee tegen afleiding, nee tegen nutteloze meetings, nee tegen projecten die niet bijdragen aan hun échte doel. Elke ‘nee’ die je uitspreekt, is een ‘ja’ tegen wat écht belangrijk is.

                        36. Handgeschreven: klein gebaar, grote impact.

                        In een wereld vol e-mails en appjes is een handgeschreven brief of kaart iets bijzonders. Het kost net iets meer moeite, maar juist daardoor valt het op. Een persoonlijk geschreven bedankje of felicitatie voelt oprechter en blijft langer hangen. Misschien ouderwets, maar sommige dingen verdienen een comeback. Ik stuur minimaal één per week.

                        37. Power of Postits

                        Ik werk graag met klanten aan de Post-its. Geen digitale schermen, geen afleiding – gewoon ideeën uit het hoofd en op papier. Dit zet de prefrontale cortex echt aan het werk, dwingt tot nadenken en zorgt voor scherpere inzichten. Ouderwets? Misschien. Maar het werkt.

                        38. Broaden and build

                        Ik probeer nooit te klagen. Niet omdat alles perfect is, maar omdat het niets oplevert. Klagen vernauwt je blik, dankbaarheid opent ‘m. Hoe meer je focust op wat wél goed gaat, hoe meer ruimte er ontstaat voor groei. Succes zit niet in het behalen van een doel, maar in hoeveel je onderweg uitbreidt – in kennis, perspectief en mogelijkheden. Dus in plaats van klagen over wat ontbreekt, kies ik ervoor om te bouwen op wat er al is.

                        “Life is really simple, but we insist on making it complicated.” – Confucius

                        admin

                        Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

                        Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

                        Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

                        Mijn wekelijkse

                        Shot inspiratie

                        Elke week ontvangen 400+ mensen een shot deep-tech inspiratie. Ook ontvangen? Schrijf je hier rechts gratis in.

                        Ik spam nooit en gebruik het mailadres
                        alleen voor deze nieuwsbrief.

                        Copyright © 2026 Jan Scheele

                        Ook elke week een shot deeptech inspiratie?

                        Meld je aan om elk weekend een gratis shot inspiratie te ontvangen in de mailbox.

                        Ik spam nooit en gebruik het mailadres
                        alleen voor deze nieuwsbrief.

                        Paid Search Marketing
                        Search Engine Optimization
                        Email Marketing
                        Conversion Rate Optimization
                        Social Media Marketing
                        Google Shopping
                        Influencer Marketing
                        Amazon Shopping
                        Explore all solutions