AI’s impact op de reisbranche: meer gasten, mogelijkheden en uitdagingen

AI’s impact op de reisbranche: meer gasten, mogelijkheden en uitdagingen

Het is een van de oudste en grootste industrieën ter wereld. Toerisme heeft al veel grote ‘pivots’ doorgemaakt door de introductie van het vliegtuig en het internet. AI gaat misschien nog wel een veel grotere impact hierop hebben. In dit artikel lees je over de laatste trends die ik zie binnen deze reisbranche industrie.

Er zijn branches die de afgelopen jaren ongekend hard zijn gegroeid, maar ook branches die ongekend hard zijn getroffen. Door de lockdown viel wereldwijd meer dan 80% van het toerisme weg en stonden 120 miljoen banen op de tocht. Dit was qua impact al 7 keer zo veel als die van 9/11. Gelukkig zijn inmiddels de stoplichtstatussen opgeheven, de afstandstickers weggehaald en draait Nederland recreatieland op volle toeren. Zo hard zelfs, dat op heel wat vlakken de niveaus al boven dat van voor corona zitten. Dat tonen onderzoeken van ABN AMRO en cijfers van het CBS heel mooi aan.

Meer gasten, meer mogelijkheden, meer uitdagingen

Nederland trekt bijvoorbeeld meer toeristen dan vóór corona. Ze blijven langer en komen van minder ver. Maar het zijn niet alleen de buitenlandse toeristen. Sinds de pandemie hebben veel Nederlanders ons eigen land als vakantiebestemming herontdekt. Ook de verwachte koopkrachtverbetering heeft een positief effect op de behoefte aan horeca en reizen. Nederlanders willen volgend jaar meer geld uitgeven aan vrije tijd. Dat blijkt uit een onderzoek van ABN AMRO. Datzelfde onderzoek laat ook zien dat ‘beleving’ voor de consument veel belangrijker is dan ‘spullen’. Bijna 7 op de 10 millennials besteedt zijn/haar geld het liefst aan ervaringen.

De vrijetijdseconomie in Nederland kampt ook met sterk gestegen kosten, personeelsproblemen en veel vraagstukken over digitale transformatie. Dit net zoals veel andere sectoren. De afgelopen jaren mocht ik al heel wat toeristische organisaties en bestemmingen adviseren over de inzet van nieuwe technologie. Ik zie en hoor steeds weer terug dat de meeste professionals in de sector (zowel ambtenaren als ondernemers) door de bomen het bos niet meer zien. Er zijn zoveel nieuwe technologieën, die zoveel praktische mogelijkheden bieden. Welke kies je en waar begin je? Eerder schreef  ik over metaverse binnen toerisme. Ook schreef ik over de vele bestemmingen die al met deze technologie bezig zijn. In dit artikel duik ik in op de ongekende mogelijkheden met AI.

Al verder dan we denken

Momenteel is AI al in veel delen van de vrijetijdseconomie geïntegreerd. Vaak zonder dat we het weten. Ik maak altijd graag gebruik van de Privium-oogscan. Wil je niet wachten om door de douane te gaan op Schiphol en op de luchthaven in Eindhoven? Daarvoor zijn er bijvoorbeeld AI-aangedreven bagage-afhandelingssystemen zonder bagagelabels. Veel toeristen gebruiken Google Maps tijdens het reizen, wat ook bomvol AI-tools zit. Ook veel actieve bedrijven in de sector gebruiken al allerlei tools die werken op basis van AI.

Technologische vooruitgang heeft de verwachtingen van consumenten de afgelopen tijd flink veranderd. Sinds 2013 is de tijd die aan digitale apparaten wordt besteed met 70% gegroeid. Deze trend is alleen maar versneld tijdens de coronapandemie omdat online interacties steeds meer de plaats innamen van persoonlijk contact.

AI heeft al, en gaat in mijn optiek een ongekend grote impact hebben op de reisbranche. Van het verbeteren van klantervaringen en efficiency, tot sterk verbeterde besluitvorming en innovatie. Er zijn allerlei mooie frameworks die worden gebruikt in de reisbranche, zoals de Leefstijlvinder. Daarmee worden de doelgroepen en de klantreis prachtig in kaart gebracht.

AI transformeert bestemmingsmarketing door gepersonaliseerde ervaringen te bieden die reizigers aanspreken, waardoor de betrokkenheid en conversie aanzienlijk worden verhoogd. Daarnaast optimaliseert het bestemmingsmanagement en -ontwikkeling door inzichten en data-gedreven besluitvorming, wat leidt tot duurzamere en efficiëntere toeristische bestemmingen. – Isabel Mosk, Toerismestrateeg

Geïnspireerd raken & zoeken

Mijn reismix is altijd heel gevarieerd. Enerzijds elk kwartaal een week volledig ergens offline tot rust komen, anderzijds veel actieve trips. In de zomer ga ik een maand in een Muay Thai-kamp in Thailand zitten. In het najaar ga ik 7 vulkanen op een rij beklimmen in Equador. Beiden waren redelijk makkelijk geboekt. Het bokskamp, omdat 4 verschillende vrienden dezelfde plek aanraadden. De vulkanentrip, omdat er niet veel opties zijn waar je dit concreet kunt doen. Alle bergen en vulkanen die ik tot nu toe heb beklommen, moest ik altijd verplicht bij een agency boeken met een gids. Anders kom je het park niet binnen. Ik moest dus vooral een goede agency zoeken. Aangezien het aanbod vrijwel nihil is, was dit snel gevonden en geregeld.

Mijn hiketrip in de Dolemieten in mei is wat anders. Je kunt daar gaan en staan waar je wilt, dus alle opties waren open. In mijn zoektocht naar bijzondere hikes en leuke plekken om te overnachten, liep ik helemaal vast. Elke reisblog had weer een andere favoriet. Destinaties die zichzelf aanprijzen als ‘bellissimo’ staan sowieso al helemaal onderaan in de ladder van vertrouwen.

In de categorie ‘practice what you preach’ (ik schrijf en adviseer veel over de digitale transformatie door technologieën als AI, crypto’s, NFTs en metaverse), heb ik Google’s Gemini aangeslingerd. Hier heb ik eerst even goed nagedacht over de prompt:

  • Wat wil ik precies: type hikes
  • Hoe lang wil ik dit doen: een week
  • Hoe wil ik reizen: met de huurauto
  • Wat zoek ik precies: de mooiste plekken om te hiken en goede plekken om te overnachten

Binnen 15 seconden kreeg ik een volledig programma voor de week, van dag tot dag. Zo op elkaar afgestemd, dat ik zo min mogelijk hoef te rijden. Met beklimmingen die perfect voldoen aan mijn wensen. Ook met gelijk een paar mooie plaatsen om te overnachten. Daarnaast nog een lijst met aanbevelingen waar ik rekening mee moet houden tijdens het hiken en wat ik niet moet vergeten om in de backpack te stoppen. Ik was met stomheid geslagen. Een volledig op maat gemaakte trip, gratis en binnen een paar seconden. Nu reis ik als single meestal alleen, maar ik heb vanaf nu altijd een reismaatje: de chatbot.

De bot is mega hot

De CEO van Google voorspelt het zelf ook al. Haar eigen toekomst waar zoeken niet meer ‘king’ is, maar chatbots die de rol overnemen. Dit zie ik ook al breeduit in de reisbranche. Al meer dan 40% van de millenials gebruikt dagelijks AI in de reisbranche (chatbots) en dat neemt alleen maar toe. Je zag dit ook al door de snelle pivots van reisreserveringsgiganten als Booking.com, Skyscanner en Expedia. Toen ChatGPT de mogelijkheid bood om plugins toe te voegen aan de chatbot, waren deze sites er als de kippen bij om plugins te bouwen. Hiermee kunnen gebruikers bij het uitwerken van hun trip ook gelijk via de chatbot boeken. Een stap verder zie ik trouwens ook al binnen metaverse-omgevingen. Daar krijg je dan heel mooi een 3D-avatar die je door het boekingsproces leidt.

Het zijn niet alleen de bekende bots van OpenAI en Google die de consument helpen in de zoektocht. Hopper maakt gebruik van een vluchtdatabase om optimale hotelprijzen en vluchten te voorspellen. Het geeft consumenten ook gepersonaliseerde aanbevelingen over het meest geschikte tijdstip om een vlucht te boeken. Wanneer je een vlucht volgt, krijg je aanbevelingen over de vraag of je deze nu moet kopen of moet wachten op een betere prijs. De uitgebreide database van Hopper bestaat uit biljoenen historische vluchtprijzen en live prijsfeeds om aanbevelingen te kunnen geven. De app heeft sinds de lancering ervan voor meer dan $600 miljoen aan vliegtickets verkocht.

Daarnaast zie ik ook steeds meer organisaties die niet alleen tijdens het verblijf, maar ook al voor tijdens het zoek- en boekproces chatbots aanbieden. Dit met de bedoeling om de mogelijke gast 24/7 te kunnen helpen met een gepersonaliseerd antwoord.

Leer je klanten kennen zoals je jouw vrienden kent

In die zoekfase zijn er ook voor bedrijven talloze mogelijkheden om AI-tools handig in te zetten. Frankwatching staat bomvol artikelen over hoe je met AI je hele marketingafdeling veel slimmer en effectiever kunt laten werken, en zelfs vervangen door tools. Daarnaast las ik laatst deze zeer interessante blog over het belang van Answer Engine Optimization.

Maar zoals ik al in eerdere artikels schreef, er zijn ook prachtige mogelijkheden met de gebruikelijke tools van AI als GPT en nichetools als Forethought. Daarmee kun je ‘signal from the noise’ onderscheiden met data. Veel organisaties in de vrijetijdseconomie zitten op potten goud aan data, maar daar doen ze nog niet zo veel mee. Ik liet laatst in een sessie een aantal executives van een hotelketen eerst verwonderd kijken naar hoe makkelijk het is om te doen aan ‘forecasting’ en ‘revenu management’. Dit met tools als GPT, waar analyses en voorspellingen uit kwamen, waar ze zelf nooit achter zouden zijn gekomen. Die verwondering verdween al snel toen ze zagen dat dit eigenlijk hun werk normaal is.

Klik & klaar

Booking.com heeft al een bijzondere revolutie teweeggebracht binnen het online boeken van vakanties. Ik liet laatst in een sessie voorbeelden zien van ondernemers in de vrijetijdseconomie. Daar werkten de contactformulieren op de eigen sites niet of je kon er niet direct boeken en betalen, maar je moest een verzoek insturen. Toen ik vroeg aan de zaal wie deze locaties zou bellen of mailen om een reservering te vragen, bleven de handjes allemaal naar beneden. De toerist in 2024 wil simpel, snel en frictieloos kunnen boeken. Hij wil ook direct een bevestiging krijgen en zeker zijn van zijn zaak.

De on-site beleving revised

Menselijk contact is belangrijk en dat zal nooit vervangen worden door technologie. Dit is een antwoord dat ik veel hoor als ik spreek over de impact van technologie op de vrijetijdseconomie. Toch hebben genoeg succesvolle experimenten al bewezen dat veel typen gasten daar toch echt anders over denken. Neem alleen al de robots die in heel wat Nederlandse restaurants rondrijden.

Zelf slaap ik veel bij dezelfde hotelketen als ik voor werk op pad ben. Ik kan in de app inchecken omdat mijn identiteitsgegevens hier bekend zijn en ik kan zelfs gelijk een kamer kiezen. Met diezelfde app kan ik de deur open maken. Er komt geen mens meer aan te pas en ik ben vooral mega blij dat dit zo efficiënt kan, omdat ik vaak laat in de avond incheck. Hiervoor hoef ik echt niet een half uur voor in de rij te staan bij de incheckbalie.

Je ziet dit ook steeds meer op luchthavens. Om het incheckproces te vergemakkelijken en te versnellen, rijden er op de luchthaven Londen Heathrow AI-robots rond. Die begeleiden de passagiers hierin. Volgens een rapport gepubliceerd door Vero Solutions vervangen robots in 2030 de mens volledig bij het incheckproces. Het Henn-na Hotel in Nagasaki is het eerste hotel ter wereld dat volledig wordt bemand door meertalige robots die voornamelijk worden gebruikt voor de in- en uitcheckverwerking.

Maar ook het contact vervaagt tijdens het verblijf. Niet meer naar de receptie moeten lopen of te bellen, maar gelijk een vraag aan een chatbot stellen begint steeds meer de norm te worden. Die geeft niet alleen praktische informatie over het verblijf, maar geeft gelijk ook als ‘cityguide’ leuke tips over wat je tijdens het verblijf in de omgeving kunt doen. Hotelketen Hilton lanceerde hiervoor ‘Conny’, die gebouwd is op de infrastructuur van IBM.

De Nederlandse Runner heeft dit soort AI-tools ook al toegankelijk gemaakt voor alle typen bedrijven in de vrijetijdssector. Volgens CEO Michiel de Vor gebruikt 60% van de gasten van de hotels (die hun app gebruiken) de app en beantwoordt al meer dan 100.000 vragen per maand. De meeste vragen (gemiddeld 4.2 per klant) krijgen gelijk een antwoord. 95% wordt ook echt direct binnen de app beantwoord. Er zit ook nog een commercieel haakje aan. 12% van de vragen resulteert in een upsell van 45 euro per boeking.

Met de AI-gekte zie je talloze andere mooie oplossingen ontstaan, die het de toerist tijdens zijn verblijf makkelijker maken. Zelf maak ik al jaren gretig gebruik van de eerste echt grote ‘LLM’: Google Translate. Door de camera te richten op een menukaart in Azië of Zuid-Amerika, krijg ik gelijk de vertaling te zien van de gerechten. Dit voorkwam al vaak dat ik hersenen of testikels op mijn bord kreeg. Samsung gaat komend jaar een stap verder met haar Galaxy telefoons. Daarmee kun je een live stemvertaling krijgen. Ook apps als Uber werken aan een grotere AI-personalisatie. Die leert niet alleen jouw gewoonten kennen, maar doet ook suggesties op basis van wat je doet op het moment.

Het luisterend oor

Mijn eigen contact met verblijfplekken zijn vrijwel altijd enkel de check-in en check-out. Maar als bedrijf wil je in mijn optiek wel kunnen bijsturen, mocht een gast een vervelende ervaring hebben. Zelf werk ik door mijn werk in crypto’s al jaren met zogenaamde ‘sentiment analyses’. Op basis van wat er op social media geschreven wordt, kun je heel mooi een globaal beeld krijgen over het sentiment rondom een bepaald onderwerp of zelfs bedrijf. Luchtvaartmaatschappijen en de Politie gebruiken dit bijvoorbeeld al jaren.

Social Media is live, dus je kunt in tools zelfs notificaties krijgen als er een heel negatief (of positief, mag natuurlijk ook!) bericht wordt geplaatst. Je kunt hier dan gelijk kordaat op inspelen, indien mogelijk. PaxPulse van Mindtree biedt hiervoor een platform.

Inclusiviteit moet de basis en de norm blijven

Ik gaf laatst een keynote op een event rondom vrijetijdseconomie. Daar hoorde ik talloze ondernemers hun enthousiasme delen over de mogelijkheden van AI en hoe zij diezelfde dag nog een bot-first strategie zouden gaan implementeren.

Daar zie ik wel echt twee grote obstakels, die in mijn optiek echt nog in de weg zitten. Ten eerste blijft digitale inclusiviteit een ding, ook in een zeer sterk technologisch ontwikkeld land als Nederland. Ik zie het zelf alleen al bij mijn 67-jarige ouders. Die kunnen zo goed met Whatsapp overweg, dat ik mijn moeder zelfs moet afremmen met al haar GIFjes. Diezelfde app gebruiken om contact te hebben met het hotel gaat hen echter een stap te ver. Die lopen nog rustig met geprinte bevestigingen naar de balie en vragen daar om tips voor een wandeling op papier.

In de snelheid van de technologische ontwikkelingen, is het in mijn optiek heel belangrijk om de verschillende doelgroepen constant mee te nemen in de beschouwing. Sommige doelgroepen verwachten al dat je alle technologieën hebt omarmd. Sommigen zal het exclusieve gebruik ervan enkel afschrikken om überhaupt bij je te boeken. Ruim 4 miljoen Nederlanders vinden het moeilijk om te werken met een laptop, tablet of smartphone. Hiervan hebben 1,2 miljoen Nederlanders nog nooit het internet gebruikt.

Ik maakte het laatst nog mee in Amsterdam. Het lukte een ouder echtpaar niet om te bestellen met een QR-code. Toen de serveerster langskwam en aangaf dat ze echt via de QR-code moesten bestellen, liep de man met tranen in zijn ogen naar de bar en schreeuwde: ‘Mag ik gewoon een drankje bestellen zoals vroeger alstublieft?’.

Leren om het tij te keren met hallucineren

Hilarisch, maar vooral ook vervelend. De hallucinaties van AI komen ook genoeg voor in de vrijetijdseconomie. Dat heb ik de afgelopen tijd een aantal keer zelf aan den lijve ondervonden. Tijdens keynotes op zowel Terschelling als in Limburg, werd ik er door het publiek op gewezen dat sommige suggesties om te bezoeken in de regio helemaal niet klopten. Dit tijdens een live demonstratie van het uitwerken van een reisplanning door een chatbot. Er werden plaatsen genoemd die helemaal niet eens in het gebied liggen.

Nu was dit gelukkig steeds een klein onderdeel van het hele plan, maar het geeft wel aan dat je nog niet volledig op chatbots kunt vertrouwen. Maar wat doe je als destinatie om dit te voorkomen? Veel experts geven aan dat je hier het beste zelf een chatbot zo veel mogelijk met de juiste antwoorden kunt voeden. Dat staat ook goed in dit artikel beschreven.

Toerisme is in mijn optiek weer een prachtig voorbeeld waar technologie een heel positieve impact kan hebben op alle spelers. Het gooit de hele klantreis op zijn kop qua kansen en mogelijkheden. Van het contact met klanten tot het behoud ervan. Van het verkopen en ‘upsellen’ tot de eigen organisatie helemaal toekomstbestendig maken. Met de razendsnelle ontwikkelingen op het gebied van technologieën als AI, ben ik benieuwd wat voor gave mogelijkheden we de komende tijd nog meer gaan zien.

AI’s Impact on the Travel Industry: More Guests, Opportunities, and Challenges

AI’s Impact on the Travel Industry: More Guests, Opportunities, and Challenges

The travel industry is one of the oldest and largest industries in the world. Tourism has undergone significant transformations through the advent of airplanes and the internet. AI might just have an even greater impact. In this article, I’ll share the latest trends I observe within the travel sector.

Some industries have experienced unprecedented growth in recent years, while others have been severely impacted. During the lockdown, global tourism dropped by over 80%, putting 120 million jobs at risk. This impact was seven times greater than that of 9/11. Thankfully, restrictions have been lifted, distance markers removed, and the Dutch leisure sector is back in full swing. In fact, many areas have already surpassed pre-pandemic levels, as demonstrated by studies from ABN AMRO and data from CBS.

More Guests, More Opportunities, More Challenges

The Netherlands, for instance, is attracting more tourists than before the pandemic. They’re staying longer and traveling from closer distances. It’s not just foreign tourists, though. Many Dutch residents have rediscovered their own country as a vacation destination since the pandemic. The expected improvement in purchasing power also positively impacts the demand for hospitality and travel. According to ABN AMRO research, Dutch people plan to spend more on leisure next year. The same study shows that “experiences” are more important to consumers than material possessions, with nearly 7 out of 10 millennials preferring to spend money on experiences.

However, the Dutch leisure economy also faces challenges, such as rising costs, staffing shortages, and digital transformation issues—much like many other sectors. Over the past years, I’ve had the opportunity to advise several tourism organizations and destinations on leveraging new technologies. A recurring theme is that many professionals in the sector, both policymakers and entrepreneurs, struggle to navigate the overwhelming range of new technologies and their practical applications. What to choose and where to start? I’ve previously written about the metaverse in tourism and destinations already exploring this technology. In this article, I dive into the unprecedented possibilities AI offers.

Farther Along Than We Think

AI is already integrated into many parts of the leisure economy, often without us even realizing it. For instance, I frequently use the Privium eye scan to avoid long queues at Schiphol Airport. Similarly, AI-powered baggage handling systems without luggage tags are in use at Eindhoven Airport. Travelers also rely heavily on Google Maps, packed with AI tools. Moreover, many businesses in the sector already utilize various AI-driven tools.

Technological advancements have significantly changed consumer expectations in recent years. Since 2013, the time spent on digital devices has grown by 70%, a trend accelerated by the pandemic as online interactions increasingly replaced face-to-face contact.

AI has already—and in my view, will continue to have—a tremendous impact on the travel industry. It enhances customer experiences, increases efficiency, and drives better decision-making and innovation. Various effective frameworks, such as the “Lifestyle Finder,” are being used in the industry to map out target audiences and customer journeys comprehensively.

Inspiration and Search

My travel preferences are always diverse. On the one hand, I take a week every quarter to completely unplug and relax. On the other, I go on active trips. For instance, this summer, I’ll spend a month at a Muay Thai camp in Thailand, and in the fall, I plan to climb seven volcanoes in Ecuador. Booking these trips was relatively straightforward. The boxing camp came recommended by several friends, and there are limited options for the volcano trek, making the choice easy.

However, planning a hiking trip in the Dolomites this May was a different story. With countless options for unique hikes and accommodations, I found myself overwhelmed. Every travel blog had a different favorite spot, and destinations promoting themselves as “bellissimo” ranked the lowest in trust for me.

Practicing what I preach, I turned to Google’s Gemini and crafted a detailed prompt for my ideal trip. Within 15 seconds, I received a fully customized week-long itinerary, including daily plans, optimal routes, hikes tailored to my preferences, and excellent accommodation suggestions. It even provided a checklist for hiking essentials. I was amazed—a perfectly tailored trip, free and delivered in seconds. Although I often travel solo, I now have a new travel companion: the chatbot.

The Bot is Hot

Google’s CEO has already predicted a future where chatbots replace traditional search. This trend is evident across the travel sector. Over 40% of millennials use AI-powered chatbots daily for travel-related purposes, and this number continues to grow. Companies like Booking.com, Skyscanner, and Expedia quickly adapted when ChatGPT enabled plugin functionality, allowing users to book trips directly through the chatbot. In the metaverse, 3D avatars now guide users through the booking process.

Beyond the Basics

AI applications extend well beyond booking. For instance, Hopper uses flight databases to predict optimal hotel and flight prices. It provides personalized recommendations on when to book flights and has sold over $600 million in tickets since its launch. Other organizations offer chatbots not only for bookings but also to assist guests 24/7 with personalized answers before and during their stay.

Enhancing Customer Experiences

Human contact remains essential, but successful experiments suggest many guests are open to tech-driven solutions. From AI-guided check-ins at hotels to robot-assisted navigation at airports like Heathrow, the future of travel is increasingly automated. Tools like PaxPulse even enable companies to monitor social sentiment live, responding promptly to guest concerns.

Striking a Balance

Despite AI’s potential, inclusivity must remain a priority. While some groups eagerly embrace new technologies, others may feel alienated. For example, older individuals or those less tech-savvy might struggle with digital-first approaches, such as QR code-based ordering systems in restaurants. Striking a balance between innovation and accessibility will be crucial for businesses moving forward.

Tourism is a prime example of how technology can create positive change, transforming customer journeys and business operations. With rapid advancements in AI, I’m excited to see what new possibilities emerge in the travel industry.

Will AI undermine the elections in the coming year?

Will AI undermine the elections in the coming year?

This year, half of the world’s population will go to the polls. More than 4 billion people can vote during one of the 40 elections that are held there. Not all elections are likely to be democratic, as in Russia. But there are particular concerns about the negative impact of technology such as AI that could undermine elections.

The results of this year’s elections are expected to have significant and global implications for the future of democracy. But also for important topics such as human rights, security and climate action. In Bangladesh and Taiwan, voters already took to the bus to exercise their democratic right. World powers such as the US, India and the United Kingdom will follow later this year.

I have twice been able to participate in an election campaign as part of a political party’s campaign team. This introduced me to the role that technology plays in this. As:

Big data analytics to get to know voters, and targeted ads on social media to address specific target groups with a specific message.

But in an age of AI, even the most powerful democracies are frightened by the idea of ​​the negative impact technology can have on voting. So scared, in fact, that my colleagues at the World Economic Forum consider ‘AI-generated disinformation’ to be the biggest risk for 2024.

AI-generated disinformation

Media such as the New York Times and the BBC already warned about this in 2018. And countless scientific articles show what an unprecedented negative effect the spread of disinformation via social media can have on elections, by manipulating the online dialogue and destroying trust.

We’ve seen this before, of course. Cambridge Analytica, a political data analytics company, collected personal data from approximately 87 million Facebook users without consent. This data was used to create psychological profiles and distribute targeted political advertisements. The company claimed to have played a role in influencing approximately 200 elections worldwide.

AI weapons for mass disinformation

“Save your vote for the November elections.” Last month, a robocall went out impersonating US President Joe Biden. The message was aimed at voters in the US state of New Hampshire, advising them not to vote in the state’s presidential election.

The voice, generated by AI, sounded incredibly real. This also shows the major problem with the rapidly developing AI technology. We’re no longer talking about photoshopping minor tweaks to how someone looks. We are talking about the large-scale creation and dissemination of very real-looking information, which can be fabricated by any technical layman.

An online test by the New York Times showed that many people blindly believe this type of fabricated information. Readers were invited to look at ten images and try to determine which were real and which were AI-generated. A bit the same as what Lubach does in his regular column with ‘MP of AI’.

The test showed how difficult it is to distinguish between real and AI-generated images. This was supported by multiple academic studies, which found that “faces of white people created by AI systems were perceived as more realistic than real photos,” according to journalist Stuart Thompson.

The democratization of disinformation

Social media reduced the costs of spreading misinformation or information. AI reduces the costs of its production. The easy-to-use dashboards of LLM AI models have already enabled an explosion of falsified information and so-called “synthetic” content. From advanced voice cloning to counterfeit websites.

The technology is deeply democratizing disinformation, providing highly sophisticated tools to any citizen interested in promoting their favorite candidate by spreading messages they want. People no longer have to be developers or Photoshop wizards to generate text, images or video. But they don’t necessarily have to work for a Russian or Chinese troll farm to sow chaos. In that respect, anyone can become a creator of political content and try to influence voters or the media.

It’s a global problem

In addition to Biden’s example in the US, we have also seen other concrete examples worldwide. For example, Venezuelan state media spread pro-government messages through AI-generated videos from newsreaders from a non-existent international English-language channel. They were generated by Synthesia, a company that produces custom deepfakes.

In the recent elections in Slovakia, AI-generated audio recordings circulated on Facebook, impersonating a liberal candidate discussing plans to raise alcohol prices and rig the election. During the Nigerian elections last February, an AI-manipulated audio clip wrongly implicated a presidential candidate in plans to manipulate ballots.

Old fraud, new tricks

Many types of fraud that we see are not new. Scammers have been doing voice cloning and using deepfakes to mislead people for years. The big difference here is really the simplicity with which every world citizen can do this themselves with tools that are freely available. I previously wrote about startups that make it possible to ‘bring back to life’ a deceased person with a short voice recording, some photos and film material as a 3D hologram, with which you can even have a conversation. In my view, that is a really great example of the power of convergence of technologies. But it can also be used incorrectly. According to the Financial Times, the number of scams in the financial sector is increasing at a record pace.

Recently, in a masterclass on the use of AI, I showed the participants how easy it is to create a fake ID. I did this in response to this Reddit post that went viral. The amazement quickly turned to astonishment. For example, you can close a bank account online at many organizations, such as banks. To successfully complete this process, identification is required by uploading an ID and a selfie that you take. A simple layman can now generate a fake ID using tools such as Midjourney. What does this do to all those so-called Know Your Customer (KYC) processes, which depend so heavily on this?

By the way, it is not only the negative impact of Generative AI that is being warned about elections. A recent report from Freedom House shows that more and more governments are also using AI to apply censorship to the population. For example, by checking internet access. Something we already see/saw in Turkey, Iran and Ethiopia.

Wash nose or strong fist?

Normally, large technology companies in the United States are often left alone. But in October last year, US President Biden signed a so-called ‘executive order’ to make AI-generated content mandatory watermarking. Unfortunately, many experts from both the government and technology companies have indicated that they do not even understand what they mean by ‘watermarks’.

Fortunately, early this year, 20 major tech companies (including Google, Meta, Microsoft, OpenAI, TikTok, X, Amazon and Adobe) pledged to help prevent AI misuse from impacting global elections. They signed the ‘Tech Accord to Combat Deceptive Use of AI in 2024 Elections’. A ‘voluntary’ agreement with eight specific commitments to deploy technology to combat harmful AI content. You can think of detection mechanisms for the distribution of this type of content on their platforms, but also for generating it.

How can we ensure that AI and technology are forces for good rather than chaos? – Ravi Agrawal, Edit-in-Chief, Foreign Policy

Actions by Google, OpenAI and Microsoft

In addition, the companies have also announced numerous promotions separately. Google requires political advertisers to make it very clear whether content has been digitally modified or generated with AI. It has also limited the answering of election-related questions by its chatbot Gemini. Sister YouTube will require video creators to make clear whether they post AI-generated content or not.

ChatGPT owner OpenAI has indicated that it will introduce authentication tools that will allow the user to immediately see whether an image can be trusted or not. It has also said it will ban politicians and political campaigns using these tools. I’m curious what this will look like in concrete terms. A Dutch political party such as the BBB has of course already indicated that it partly wrote its election manifesto with GPT.

Major shareholder Microsoft is also introducing similar measures to verify content. It also said it has upgraded its search engine Bing to give users results from authoritative, verified sources.

Social media channels

In the past year, X has been in the news a lot due to the large amount of misinformation spread on the platform. This is partly because new owner Elon Musk fired the platform’s election integrity team. According to Musk, this actually undermined ‘election integrity’. X recently introduced ‘Community Notes’ as the most important (externally published) tool to combat disinformation. However, it is criticized by many experts as flawed, error-prone and inadequate.

Due to the Cambridge Analytica scandal, Facebook parent Meta has been semi-forced to prevent the platform from being misused to influence elections for some time now. Meta also requires political advertisers to clearly state their names and to clearly indicate whether content is AI-generated.

Timestamp it with the trust machine

As I wrote before, I really see the convergence of several new technologies as the next big step forward. You see the coolest examples, such as:

drones powered by IoT and machine learning to spray crops, and

that blockchain and AI reinforce each other, by checking blockchain code (smart contracts) for bugs and storing AI data decentrally and rewarding owners for use with crypto.

While AI is currently causing a lot of disagreement and is reducing trust in the technology due to all the cases described earlier, blockchain is described as the ‘trust machine’. Due to its technological nature, for example, you cannot change any data that you have put on the blockchain. This ensures confidence in data in countless industries worldwide.

For example, blockchain can authenticate content with so-called ‘timestamping’ and thus give the viewer the confidence that it has not been tampered with. The Amsterdam startup Wordproof won a prestigious European innovation prize and has, for example, already timestamped all articles in the NRC. On the other side of the ocean, Fox (from Fox News, among others) uses blockchain technology (Polygon) to offer the same solution.

In Guatemala, last year’s elections were even put on the blockchain using this technology. Something I already wrote about in 2019 and which is now being experimented with by more and more governments.

Robo-volunteers and conversation partners

It’s not all doom and gloom surrounding the elections. In that respect, I also see plenty of areas where technology can have a positive impact.

For example, I recently had the opportunity to give a workshop on AI for a group of politicians and gave the example of setting up your own chatbot. Here I showed two (pre-made) examples:

A bot where I had uploaded the election manifestos of all parties and could therefore have a very simple, but effective, discussion about topics that are close to my heart.

But also bluntly for a party itself. You can upload anything here: voting behavior, blogs, newspaper articles, etc. Based on this, you can give a potential voter the opportunity to enter into a conversation as deep as they want. At a time and location of your choice.

That is a flat chatbot, but there are also politicians who use virtual volunteers in this way. A good example is the Democratic candidate Shamaine Daniels from the American state of Pennsylvania. She uses Ashley, an AI campaign volunteer, for her campaign. Democratic American presidential candidate Dean Philips has also launched the ‘Dean.Bot‘.

The answer to the fake IDs? For this purpose, reference is made to the much-criticized Worldcoin project, which I wrote about earlier. Due to the design of the technology, it would provide a real ‘proof of humanity’. Experts doubt this.

Liar dividends

Co-founder of the Center for Humane Technology, Tristan Harris, has been warning widely about the negative impact of technologies such as AI on elections, for example.

One of the challenges, for example, is that campaign speeches are protected expressions. Candidates can in principle (in most democratic countries) say and do almost anything they want, without risk of legal consequences. Even if their statements are clearly incorrect, they are almost always released and are not addressed by, for example, a judge.

Another challenge is the fact that according to research, disinformation thrives best on small platforms. Platforms that, unlike their bigger brothers, have not yet announced how they will tackle disinformation. These are platforms that often have much less budget for things such as content moderation.

But another interesting study from 2018 also shows evidence for the so-called ‘liar dividend’. It suggests that as the public becomes more aware of the fact that AI can generate video and audio in a convincing manner, the ‘bad actors’ will actually label authentic and real content as ‘fake’, which, according to the authors, creates an even more unclear information provision. towards the voters. With all its consequences.

Will AI have the same or even worse impact on this year’s elections? Time will tell. I still have hope that technology can help prevent use by ‘bad actors’. We will see in the coming year whether all the measures have helped and the great fear has been for nothing.

Nurture is being replaced by an algorithm. I’m calling out the real-time experiment that’s being run on us and democracy right now.– Ian Bbraker, president of the Eurasia Group

Gaat AI de verkiezingen het komende jaar ondermijnen?

Gaat AI de verkiezingen het komende jaar ondermijnen?

Dit jaar gaat de helft van de wereldbevolking naar de stembus. Meer dan 4 miljard mensen mogen hun stem uitbrengen tijdens een van de 40 verkiezingen die er worden gehouden. Niet alle verkiezingen gaan waarschijnlijk democratisch verlopen, zoals in Rusland. Maar er zijn vooral zorgen over de negatieve impact van technologie zoals AI die verkiezingen weleens zouden kunnen ondermijnen.

De uitslagen van de verkiezingen van dit jaar gaan naar verwachting aanzienlijke en wereldwijde gevolgen hebben voor de toekomst van de democratie. Maar ook voor belangrijke onderwerpen zoals mensenrechten, veiligheid en klimaatactie. In Bangladesh en Taiwan gingen stemmers al naar de bus om hun democratische recht uit te oefenen. Later dit jaar volgen wereldmachten als de VS, India en het Verenigd Koninkrijk.

Zelf heb ik twee keer in een campagneteam van een politieke partij mogen meewerken aan een verkiezingscampagne. Hierdoor maakte ik kennis met de rol die technologie hierin speelt. Zoals:

  • Big data-analyses om kiezers te leren kennen, en
  • getargete ads op social media om specifieke doelgroepen met een specifieke boodschap aan te spreken.

Maar in een tijdperk van AI worden zelfs de meest krachtige democratieën bang bij het idee wat voor negatieve impact technologie kan hebben op de stembusgang. Zo bang zelfs, dat mijn collega’s van het World Economic Forum ‘AI-gegenereerde desinformatie’ als grootste risico voor 2024 beschouwen.

AI-gegenereerde desinformatie

Media als de New York Times en de BBC waarschuwden hier al in 2018 voor. En talloze wetenschappelijke artikelen tonen aan wat voor ongekend groot, negatief effect de verspreiding van desinformatie via social media kan hebben op verkiezingen, door het manipuleren van de online dialoog en laten verdwijnen van vertrouwen.

We hebben dit uiteraard eerder gezien. Cambridge Analytica, een politiek data-analysebedrijf, verzamelde zonder toestemming persoonlijke gegevens van ongeveer 87 miljoen Facebook-gebruikers. Deze gegevens werden gebruikt om psychologische profielen op te stellen en gerichte politieke advertenties te verspreiden. Het bedrijf beweerde een rol te hebben gespeeld in de beïnvloeding van ongeveer 200 verkiezingen wereldwijd.

AI weapons for mass desinformation

‘Bewaar uw stem voor de verkiezingen van november’. Vorige maand ging er een robocall uit waarin de Amerikaanse president Joe Biden werd nagebootst. De boodschap was gericht op kiezers in de Amerikaanse staat New Hampshire, waarin hen werd geadviseerd niet te stemmen bij de presidentsverkiezingen van de staat.

De stem, gegenereerd door AI, klonk ontzettend echt. Dit laat ook gelijk het grote probleem zien met de snel ontwikkelende AI-technologie. We hebben het niet langer over het photoshoppen van kleine aanpassingen aan hoe iemand eruitziet. We hebben het over de grootschalige creatie en verspreiding van zeer echt uitziende informatie, die door elke technische leek kan worden gefabriceerd.

Dat veel mensen dit soort gefabriceerde informatie blindelings geloven, bleek uit een online test van de New York Times. Lezers werden uitgenodigd om naar tien afbeeldingen te kijken en te proberen vast te stellen welke echt waren en welke door AI waren gegenereerd. Een beetje hetzelfde wat Lubach in zijn vaste rubriek doet met ‘Kamerlid of AI’.

De test toonde aan hoe moeilijk het is om onderscheid te maken tussen echte en door AI gegenereerde afbeeldingen. Dit werd ondersteund door meerdere academische onderzoeken, waaruit bleek dat “gezichten van blanke mensen, gecreëerd door AI-systemen, als realistischer werden ervaren dan echte foto’s”, aldus journalist Stuart Thompson.

De democratisering van desinformatie

Sociale media verlaagden de kosten voor het verspreiden van verkeerde informatie of informatie. AI verlaagt de kosten voor de productie ervan. De makkelijk te gebruiken dashboards van LLM AI-modellen hebben al een explosie aan vervalste informatie en zogenaamde ‘synthetische’ inhoud mogelijk gemaakt. Van geavanceerd stemklonen tot nagemaakte websites.

De technologie zorgt voor een verregaande democratisering van desinformatie, door zeer geavanceerde tools te bieden aan iedere burger die geïnteresseerd is in het promoten van zijn favoriete kandidaat door boodschappen te verspreiden die ze willen. Mensen hoeven niet langer developers of Photoshop wizards te zijn om tekst, afbeeldingen of video te genereren. Maar ze hoeven ook niet per se voor een Russische of Chinese trollfarm te werken om chaos te zaaien. Iedereen kan wat dat betreft een maker van politieke content worden en proberen kiezers of de media te beïnvloeden.

Het is een wereldwijd probleem

We zagen naast het voorbeeld van Biden in de VS ook wereldwijd al andere concrete voorbeelden voorbijkomen. Venezolaanse staatsmedia verspreiden bijvoorbeeld pro-regeringsboodschappen via AI-gegenereerde video’s van nieuwslezers van een niet-bestaand internationaal Engelstalig kanaal. Ze werden gegenereerd door Synthesia, een bedrijf dat op maat gemaakte deepfakes produceert.

Bij de recente verkiezingen in Slowakije circuleerden door AI gegenereerde audio-opnamen op Facebook, waarin een liberale kandidaat werd nagebootst die plannen besprak om de alcoholprijzen te verhogen en de verkiezingen te manipuleren. Tijdens de Nigeriaanse verkiezingen van februari vorig jaar, werd in een door AI gemanipuleerd audiofragment ten onrechte een presidentskandidaat betrokken bij plannen om stembiljetten te manipuleren.

Oude fraude, nieuwe trucjes

Veel typen fraude die we voorbij zien komen, zijn niet nieuw. Scammers doen al jaren aan ‘voice cloning’ en het gebruik van deepfakes om mensen te misleiden. Het grote verschil is hier dus echt de eenvoud waarmee iedere wereldburger zelf dit kan doen met tools die vrij voor handen zijn. Eerder schreef ik al over startups die het mogelijk maken om met een korte stemopname, wat foto’s en filmmateriaal een overleden persoon weer ‘tot leven te wekken’ als een 3D hologram, waar je zelfs een gesprek mee kan voeren. Dat is in mijn optiek echt een prachtig voorbeeld van de kracht van convergentie van technologieën. Maar het kan ook op een verkeerde manier gebruikt worden. Volgens de Financial Times stijgt het aantal scams in de financiële sector in recordtempo.

Laatst heb ik in een masterclass rondom het gebruik van AI met de deelnemers gekeken hoe makkelijk het is om een fake ID te maken. Dit deed ik naar aanleiding van deze Reddit post die viral ging. De verwondering veranderde al snel in verbazing. Bij veel organisaties, zoals banken, kan je online bijvoorbeeld een bankrekening afsluiten. Om dit proces succesvol af te ronden, is de identificatie nodig door middel van het uploaden van een identiteitsbewijs en een selfie die je maakt. Een simpele leek kan nu al via tools als Midjourney een fake ID laten genereren. Wat doet dit met al die zogenaamde Know Your Customer (KYC-) processen, die hier zo sterk van afhankelijk zijn?

Het is trouwens niet alleen de negatieve impact van Generatieve AI waarvoor wordt gewaarschuwd rondom verkiezingen. Een recent rapport van Freedom House laat zien dat ook steeds meer overheden AI gebruiken om censuur toe te passen op de bevolking. Door bijvoorbeeld het controleren van internettoegang. Iets wat we al zien/zagen in Turkije, Iran en Ethiopië.

Wassen neus of sterke vuist?

Normaal worden grote technologiebedrijven in de Verenigde Staten vaak met rust gelaten. Maar in oktober afgelopen jaar tekende de Amerikaanse president Biden een zogenaamde ‘executive order‘ om AI-gegenereerde content verplicht te laten watermerken. Helaas hebben al veel experts vanuit zowel de hoek van de overheid als de technologiebedrijven aangegeven niet eens te begrijpen wat ze moeten verstaan onder ‘watermerken.

Gelukkig hebben 20 grote technologiebedrijven (waaronder Google, Meta, Microsoft, OpenAI, TikTok, X, Amazon en Adobe) begin dit jaar beloofd te helpen voorkomen dat verkeerd gebruik van AI een impact zal hebben op de wereldwijde verkiezingen. Ze tekenden hiervoor de ‘Tech Accord to Combat Deceptive Use of AI in 2024 Elections’. Een ‘vrijwillige’ overeenkomst met acht specifieke toezeggingen om technologie in te zetten die schadelijke AI-inhoud tegen moeten gaan. Je kan dan denken aan detectiemechanismen van de verspreiding van dit soort content op hun platforms, maar ook bij het genereren ervan.

How can we ensure that AI and technology are forces for good rather than chaos? – Ravi Agrawal, Edit-in-Chief, Foreign Policy

Acties van Google, OpenAI en Microsoft

Daarnaast hebben de bedrijven ook los van elkaar talloze acties aangekondigd. Google verplicht politieke adverteerders om op zeer duidelijke manier duidelijk te maken of inhoud digitaal is gewijzigd of gegenereerd met AI. Ook heeft het de beantwoording van verkiezingsgerelateerde vragen door haar chatbot Gemini beperkt. Zusje YouTube zal van makers van video’s verplichten om duidelijk te maken of ze AI-gegenreerde content posten of niet.

ChatGPT eigenaar OpenAI heeft aangegeven dat het authenticatie-tools zal introduceren waarmee de gebruiker direct kan zien of een afbeelding te vertrouwen is of niet. Het heeft ook gezegd dat het politici en politieke campagnes met behulp van deze tools zal verbieden. Ik ben benieuwd hoe dit er concreet uit gaat zien. Een Nederlandse politieke partij als de BBB heeft natuurlijk al aangegeven dat ze het verkiezingsprogramma deels met GPT heeft geschreven.

Ook grootaandeelhouder Microsoft komt met soortgelijke maatregelen om inhoud te verifiëren. Daarnaast heeft het naar eigen zeggen haar zoekmachine Bing een upgrade gegeven, om gebruikers resultaten te geven van gezaghebbende, geverifieerde bronnen.

Socialmediakanalen

Het afgelopen jaar kwam X veel in het nieuws rondom de grote hoeveelheid desinformatie die op het platform wordt verspreid. Dat komt mede omdat de nieuwe eigenaar Elon Musk het verkiezings-integriteitsteam van het platform ontsloeg. Volgens Musk ondermijnde dit juist ‘de verkiezingsintegriteit’. Recent introduceerde X de ‘Community Notes’ als belangrijkste (extern gepubliceerde) tool om desinformatie te bestrijden. Het wordt echter door veel experts bekritiseerd als gebrekkig, foutgevoelig en ontoereikend.

Facebook-moeder Meta is door het Cambridge Analytica-schandaal al wat langer semi-gedwongen bezig met het voorkomen van dat het platform wordt misbruikt voor de beïnvloeding van verkiezingen. Ook Meta laat politieke adverteerders verplichten om hun naam er duidelijk bij te vermelden en om duidelijk aan te geven of content AI-gegenereerd is.

Timestamp it with the trust machine

Zoals ik al eerder schreef, zie ik de samensmelting (convergentie) van verschillende nieuwe technologieën echt als de volgende grote stap voorwaarts. Je ziet de meest gave voorbeelden, zoals:

  • drones die worden aangestuurd door IoT en machine learning om gewassen te besproeien, en
  • dat blockchain en AI elkaar versterken, door blockchain-code (smart contracts) te controleren op bugs en AI-data decentraal op te slaan en eigenaren te belonen voor het gebruik met crypto.

Waar AI momenteel juist voor veel onenigheid zorgt en door alle eerder beschreven cases het vertrouwen in de technologie laat verminderen, wordt blockchain juist omschreven als de ‘trust machine’. Door de technologische aard ervan, kan je bijvoorbeeld niks wijzigen aan data die je op de blockchain hebt gezet. Dat zorgt in talloze industrieën wereldwijd voor vertrouwen in de data.

Blockchain kan bijvoorbeeld met het zogenaamde ‘timestampen’ content waarmerken en dus de kijker ervan het vertrouwen geven dat er niet mee is geklooid. De Amsterdamse startup Wordproof won hier een prestigieuze Europese innovatieprijs mee en heeft zo bijvoorbeeld al alle artikelen van het NRC getimestamped. Aan de andere kant van de oceaan zet Fox (van onder andere Fox News) blockchain-technologie in (Polygon) om eenzelfde oplossing aan te bieden.

In Guatamala werden vorig jaar zelfs de verkiezingen met deze technologie op de blockchain gezet. Iets waar ik in 2019 al over schreef en waar nu door steeds meer overheden mee geëxperimenteerd wordt.

Robo-vrijwilligers en gesprekspartners

Het is niet alleen maar kommer en kwel rondom de verkiezingen. Ik zie wat dat betreft ook genoeg kanten waar technologie juist een positieve impact kan hebben.

Recent mocht ik bijvoorbeeld voor een groep politici een workshop over AI geven en gaf hier het voorbeeld van het opzetten van een eigen chatbot. Hier liet ik twee (vooraf gemaakte) voorbeelden zien:

  • Een bot waar ik de verkiezingsprogramma van alle partijen had geupload en dus heel simpel, maar doeltreffend, een discussie kon voeren over onderwerpen die mij aan het hart gaan.
  • Maar ook en bot voor een partij zelf. Je kan hier namelijk alles in uploaden: stemgedrag, blogs, krantenartikelen … Op basis daarvan kan je een potentiële kiezer de mogelijkheid geven om een gesprek aan te gaan, zo diep diegene maar wil. Op een moment en locatie naar keuze.

Dat is een platte chatbot, maar er zijn ook al politici die virtuele vrijwilligers zo inzetten. Een mooi voorbeeld is de democratische kandidaat Shamaine Daniels uit de Amerikaanse staat Pennsylvania. Zij gebruikt voor haar campagne Ashley, een AI-campagne-vrijwilliger. Ook de democratische Amerikaanse presidentskandidaat Dean Philips heeft zo de ‘Dean.Botgelanceerd.

Het antwoord op de fake ID’s? Daarvoor wordt toch gewezen op het veel bekritiseerde Worldcoin-project, waar ik eerder over schreef. Het zou door de opzet van de techniek zorgen voor een echte ‘proof of humanity’. Experts betwijfelen dit.

Leugenaarsdividenden

Medeoprichter van het Center for Humane Technology, Tristan Harris, waarschuwt al langer en breeduit over de negatieve impact van technologieën als AI op bijvoorbeeld verkiezingen.

Een van de uitdagingen is bijvoorbeeld dat campagnetoespraken beschermde uitingen zijn. Kandidaten kunnen in principe (in de meeste, democratische landen) vrijwel alles zeggen en doen wat ze willen, zonder risico op juridische consequenties. Zelfs als hun uitingen overduidelijk onjuist zijn, komen ze vrijwel altijd vrijuit en worden hier niet op aangepakt door bijvoorbeeld een rechter.

Een andere uitdaging is het feit dat volgens onderzoek desinformatie juist het beste gedijt op kleine platformen. Platformen die in tegenstelling tot de grotere broers juist nog niet bekend hebben gemaakt hoe ze desinformatie aan gaan pakken. Dit zijn platformen die vaak ook veel minder budget hebben voor zaken als contentmoderatie.

Lees Ook: In de metaverse op vakantie? 25 reistips!

Maar ook een ander interessant onderzoek uit 2018 laat het bewijs zien voor het zogenaamde ‘leugenaarsdividend’. Het suggereert dat naarmate het publiek zich meer bewust wordt van het feit dat AI video en audio op overtuigende wijze kan genereren, de ‘bad actors’ juist authentieke en echte content als ‘nep’ aanmerken, wat volgens de auteurs voor een nóg onduidelijkere informatievoorziening zorgt richting de kiezers. Met alle gevolgen van dien.

Zal AI net zo’n of zelfs een nog veel ergere impact hebben op de verkiezingen dit jaar? Time will tell. Ik heb zelf nog steeds hoop dat technologie kan helpen met het voorkomen van het gebruik door ‘bad actors’. We gaan het komende jaar zien of alle maatregelen hebben geholpen en de grote angst voor niets is geweest.

Nurture is being replaced by an algorithm. I’m calling out the real-time experiment that’s being run on us and democracy right now. – Ian Bremmer, president of the Eurasia Group

Drie gave manieren hoe technologie wordt ingezet rondom vluchtelingen

In de afgelopen jaren heb ik als vrijwilliger veel met vluchtelingen gewerkt. Met het COA, om vluchtelingen aan het werk te helpen en als bestuurder van de Havendiners, waar we honderden diners organiseerden voor vluchtelingen in Amsterdam. Ook al lijkt het soms een druppel op een gloeiende plaat, de zichtbare impact van slechts één persoon gaf al ontzettend veel voldoening om door te gaan met het werk.

Laatst mocht ik een keynote geven aan de directie van een hulporganisatie over alle huidige en toekomstige technologische ontwikkelingen en mogelijkheden. Veel welkome ontwikkelingen, met de meer dan 100 conflicten die er momenteel op de wereld voeren.
Drie van mijn favoriete use-cases die ik hier vertelde:

Blockchain voor Identiteitsbeheer en Financiële Inclusie:

Blockchain-technologie wordt ingezet om vluchtelingen te helpen bij het verkrijgen van een digitale identiteit. Dit is cruciaal voor mensen die tijdens hun vlucht officiële documenten zijn kwijtgeraakt. Of niet hebben; er zijn volgens de Wereldbank wereldwijd meer dan 2 miljard mensen die geen officieele identiteit hebben.

Een digitaal identiteitssysteem stelt vluchtelingen in staat om toegang te krijgen tot basisdiensten zoals bankrekeningen, medische zorg en onderwijs. De World Food Programme’s Building Blocks initiatief gebruikt bijvoorbeeld blockchain om voedselbonnen efficiënter en transparanter te distribueren onder vluchtelingen, waardoor corruptie wordt verminderd en de waardigheid van de ontvangers wordt beschermd. Vluchtelingen kunnen ook met hun oogscan in een supermarkt betalen (de betaling komt dan automatisch uit hun virtuele portemonnee) of bij een medische professional met een oogscan hun medische dossier te voorschijn toveren. Beide omdat alle gegevens op de blockchain zijn opgeslagen. Een filmpje hierover kan je hier vinden.


Mobiele Apps voor Integratie en Taalonderwijs:

Verschillende mobiele applicaties zijn ontwikkeld om vluchtelingen te helpen integreren in nieuwe gemeenschappen en talen te leren. Apps zoals Duolingo, met speciale cursussen voor Syrische vluchtelingen die Arabisch spreken en Engels willen leren, of Tarjimly, een app die vrijwillige vertalers koppelt aan vluchtelingen die hulp nodig hebben bij het vertalen van documenten of tijdens medische afspraken, spelen een belangrijke rol in het verminderen van taalbarrières en het vergemakkelijken van de integratie. Door het aanprijzen van de VN bij verschillende oorlogen, van Oekraïne en Israel, tot Jemen en Afghanistan, zijn er al tienduizenden vluchtelingen die zo een nieuwe taal hebben geleerd, waardoor ze nog beter kunnen integreren in hun gastland. Een mooi filmpje hierover kan je hier zien.


AI en Machine Learning voor Crisisrespons en Voorspelling:

Kunstmatige intelligentie (AI) en machine learning worden gebruikt om patronen in data te analyseren en zo humanitaire crises te voorspellen of er sneller op te reageren. Dit omvat het monitoren van migratiestromen, het identificeren van gebieden met een hoog risico op conflict of natuurrampen, en het optimaliseren van de distributie van hulpbronnen. Projecten zoals het AI for Crisis Response van Google en het Predictive Analytics-model van de United Nations High Commissioner for Refugees (UNHCR) gebruiken deze technologieën om sneller en effectiever hulp te bieden aan vluchtelingen. Inmiddels heeft dit de afgelopen jaren al geholpen bij het voorspellen van tientallen rampen wereldwijd. Een mooi filmpje kan je hier zien.

Het einde van de apps op de mobiele telefoon in zicht door deze uitvindingen

Het lijkt wel alsof iedereen afscheid wil nemen van de app. Er is een golf van bedrijven die zogenaamde app-loze telefoons en gadgets bouwen, waarbij ze gebruik maken van de vooruitgang op het gebied van AI om slimmere virtuele assistenten te creëren die allerlei soorten taken via één portaal kunnen afhandelen, waardoor de behoefte aan specifieke apps voor een bepaalde functie wordt omzeild.  

Een van mijn favorieten is de Humane Ai Pin; een wearable die objecten kan identificeren, foto’s kan maken en informatie in de palm van je hand kan projecteren. Het wordt mogelijk gemaakt door een digitale assistent die meerdere grote taalmodellen gebruikt, zoals ChatGPT. Laatst bracht het bedrijf de R1 uit, een klein gadget dat taken kan uitvoeren waarvoor je normaal gesproken een smartphone gebruikt, zoals het bestellen van een Uber of het boeken van een vlucht. In plaats van op zoek te gaan naar een app en meerdere keren op het scherm te tikken, kun je de push-to-talk-knop ingedrukt houden en de R1 met je stem bedienen.

Ook de Duitse telecomgigant Deutsche Telekom is bezig met eenzelfde project. Het presenteerde een assistent op basis van AI, die de talloze apps vervangt op de smartphone. Deze assistent begrijpt de assistent jouw doelen en zorgt hij voor de details en uitvoering. Van het plannen van reizen, winkelen, het maken van video’s of het bewerken van foto’s.

Met behulp van AI neemt het de functies over van een breed scala aan apps en kan het alle dagelijkse taken uitvoeren waarvoor normaal gesproken meerdere applicaties op het apparaat nodig zijn. De conciërge is moeiteloos en intuïtief te bedienen via spraak en tekst.

Andere gave voorbeelden zijn  A Phone, A Friend en Sierra,

Leidraad in veel ontwikkelingen, is om de relatie tussen mens en techniek weer menselijker te maken, in plaats van alleen maar dit koude, transactionele, aandachtseconomie-achtige ding. De ontwikkelingen zijn in een pril stadium en ik denk dat het nog wel even duurt, voordat we apps achter ons laten. De uitkomst van de ontwikkelingen gaat denk ik eerder een mooie combinatie van AI en een grafische interface zijn.

Er zijn momenteel veel gave nieuwe ideeën met een enorm potentieel. Of de applicaties nu uitsluitend via de aanraakinterface zullen worden uitgevoerd, of in de vorm zullen zijn van een assistent die het gesprek met mensen mogelijk maakt om de taak uit te voeren, dat zal de toekomst leren. Veel andere AI voorspellingen van een paar jaar terug hebben ook totaal anders uitgepakt. Ik heb de Rabbit R1 besteld; hopelijk kan ik er binnenkort eens mee gaan spelen om te kijken of het de verwachtingen overtreft 🙂

DePin: de nieuwe tech-trend waar AI, IoT, crypto en andere technologieën samenkomen

DePin: de nieuwe tech-trend waar AI, IoT, crypto en andere technologieën samenkomen

Steeds meer Nederlanders kennen en kunnen salderen met zonnepanelen. Maar door de samenkomst van technologien als AI, crypto, Internet of Things en blockchain, kan je als consument ineens geld verdienen met het ‘slapend’ onderhoud van talloze andere infrastructuurnetwerken. Decentrale Fysieke Infrastructuur Netwerken (DePIN) schieten als paddestoelen uit de grond. In dit artikel deel ik alles over deze nieuwe tech-trend.

Helpen om aliens te vinden. Dat leek me wel gaaf toen ik kind was, toen ik een stukje van mijn computergeheugen ter beschikking stelde aan het SETI@Home project. Dit werd in 1999 opgestart door wetenschappers van de Universiteit van Berkeley. Iedereen die computerkracht overhad, kon dit doneren aan het project.

Hiermee kon je meehelpen aan het vinden van buitenaards leven. Helaas zonder succes en het project is inmiddels opgeheven. Er zijn nog wel andere zogenaamde ‘Boinc-projecten’ vanuit de universiteit rondom biologie, wiskunde en astronomie.

Inmiddels is het door alle waanzinnige nieuwe technologieën ook mogelijk om met dit soort projecten passief geld te verdienen. Niet door het opzetten van drop shipping of het verkopen van dure ‘financieel vrij-cursussen’, maar door mee te helpen om energienetwerken, cloudopslag en wifi-netwerken in de lucht te houden en AI-rekenkracht te leveren.

PINnen zodat je weer kan pinnen

Decentrale Fysieke Infrastructuur Netwerken (DePIN) is de naam voor blockchain-netwerken die digitale tokens gebruiken om communities (niet bedrijven) te stimuleren om fysieke infrastructuurnetwerken (denk aan mobiliteit, het opladen van elektrische voertuigen en telecommunicatie) te runnen. Van maken en onderhouden tot ook het exploiteren ervan. De term verscheen voor het eerst in november 2022. Blockchain kennisplatform Messari begon de naam DePIN te gebruiken voor haar content, na een Twitter-stemming hierover.

Samen bouwen, samen onderhouden

Het opzetten en onderhouden van infrastructuren zoals stroomnetten en vervoerssystemen kost heel veel geld. Meestal zijn het de grote bedrijven die dit doen, omdat het zo duur en ingewikkeld is. Hierdoor is er weinig concurrentie. Dit betekent dat deze grote bedrijven bijna alles kunnen bepalen over prijzen en diensten. Maar dankzij nieuwe technologieën zoals blockchain en het feit dat bijna iedereen tegenwoordig internet heeft, kunnen we nu deze systemen op een open en verdeelde manier opbouwen.

Voor steeds meer infrastructuren is er daarom tegenwoordig een DePIN. Deze netwerken zijn voor iedereen toegankelijk om aan mee te werken, wat inhoudt dat zowel gewone consumenten als bedrijven kunnen helpen om ze beter te maken. Als dank voor hun hulp krijg je een beloning, zoals crypto, een stukje van het netwerk en soms zelfs producten of diensten die het netwerk biedt.

Aanvankelijk waren er vier sectoren DePINs (servers, draadloos, sensoren en energienetwerken), maar door de snelle ontwikkeling is dit inmiddels opgeknipt in twee hoofdsectoren (fysiek en digitaal), met daarin allerlei subsectoren. Deze actuele kaart van Messari geeft een prachtig overzicht

Je ziet hier het snel groeiende ecosysteem van DePIN-oplossingen; fysieke infrastructuurnetwerken (voertuigen voor mobiliteitsnetwerken, zonnepanelen voor energienetwerken, hotspots voor draadloze netwerken en servers voor cloudnetwerken).

Van dashboard cams tot data, van wifi tot Uber

Hoe werkt dat nu in de praktijk? 8 leuke voorbeelden onder de loep.

1. Hivemapper

Hivemapper gebruikt het ‘drive-to-earn-concept. Hiermee kunnen gebruikers deelnemen aan het verzamelen van wegbeelden en een gedecentraliseerde versie van Google Maps maken via camera’s op het dashboard van auto’s. Gebruikers verdienen HONEY-tokens voor elk stukje gegevens dat ze verstrekken.

https://www.linkedin.com/embeds/publishingEmbed.html?articleId=7899922526800056814

2. Sorj

Storj is een mooie concurrent voor cloudopslagdiensten als Dropbox, Amazon en Google. Het maakt het mogelijk om gegevens op een decentrale manier op te slaan met behulp van blockchain-technologie. Met versleutel-technieken zorgt Storj ervoor dat je gegevens veilig en efficiënt kunt opslaan en delen, zonder dat je hoeft te leunen op traditionele methoden van cloudopslag. Iedereen die ruimte aanbied voor het opslaan van data, krijgt in ruil daarvoor de STORJ-token.

https://www.linkedin.com/embeds/publishingEmbed.html?articleId=8505021182742392225

3. React Netwerk

Het React Netwerk is een energienetwerk dat gebruikers beloont voor hun bijdrage aan het bouwen van een gedecentraliseerd en milieuvriendelijk elektriciteitsnetsysteem. Het heeft tot doel een stabiele energie te creëren door gebruikers te stimuleren hun batterijen aan te sluiten en overtollige energie te delen.

4. Helium

Helium is een DePIN-project dat een gedecentraliseerd draadloos netwerk bouwt waarmee gebruikers tokens (HNT) kunnen verdienen in ruil voor het leveren van een draadloze verbinding. Gebruikers kunnen Helium-hotspots inzetten om draadloze verbinding in een gebied te bieden in ruil voor HNT-tokens. Daarnaast breidt het haar netwerk uit met Helium Mobile. De dienst Helium Mobile combineert het Helium-netwerk met het mobiele 5G-netwerk. Gebruikers in de VS kunnen hiermee inmiddels genieten van goedkopere mobiele abonnementen voor $20 per maand.

https://www.linkedin.com/embeds/publishingEmbed.html?articleId=8135873264100253096

5. NATIX Network

NATIX Network bouwt een DePIN van smartphones die werken als AI-aangedreven camera’s en die belangrijke mobiliteitsdata verzamelen. Denk aan de hoeveelheid verkeer en de wegomstandigheden in bepaalde gebieden. Het bouwde een dashcam-app die mensen gratis kunnen downloaden en aan kunnen laten tijdens het rijden. Deze app verwerkt de feed van de camera van de telefoon en zet deze om in geanonimiseerde inzichten, waarbij de gebruiker wordt beloond met tokens voor het delen van deze inzichten. De telefoons vormen het fysieke infrastructuurnetwerk en het mechanisme dat dit netwerk aandrijft en de beloningen uitdeelt, draait on-chain.

6. Render Network

Render Network is het eerste platform dat de kracht van GPU-rendering decentraliseert. Hierdoor kunnen mensen die creatief werk doen, zoals ontwerpers en animatoren, hun projecten met GPU-rendering makkelijk uitbreiden door krachtige computers over de hele wereld te gebruiken. Het Render Network is ontworpen om een veelheid aan reken-intensieve taken te ondersteunen. Dit alles gebeurt snel en efficiënt via een blockchain-netwerk dat mensen direct met elkaar verbindt, zonder fouten of vertragingen. Bovendien zorgt dit systeem ervoor dat de rechten op het werk veilig blijven.

7. Bittensor

Bittensor wordt ook wel de baby van AI en crypto genoemd. Bitcoin heeft ons een gedecentraliseerde munt gegeven. Het haalde macht weg bij banken en regeringen en legde die terug in onze handen. Bittensor doet hetzelfde, maar dan voor kunstmatige intelligentie (AI). Dus niet gerund door de bekende namen als OpenAI, Google of Amazon, maar een DePIN Netwerk, waar alles wat nodig is om een AI te runnen samenkomt. Het TAO token beloont mensen voor hun inzet en is op moment van schijven alweer meer dan 620 euro waard.

https://www.linkedin.com/embeds/publishingEmbed.html?articleId=6956545654133864099

8. Teleport

Teleport is een open source en gedecentraliseerde versie van Uber. Ze bouwen wereldwijd een netwerk van chauffeurs en passagiers. In plaats van de Uber-algoritmen, stellen ze zelf de prijzen vast en maximaliseren ze de waarde die ze eruit kunnen halen. Het wil met dit nieuwe protocol ervoor zorgen dat er meer geld naar chauffeurs gaat, dat passagiers minder per rit betalen en dat er meer geld in de lokale economieën blijft.

De voordelen van DePINs

Zelf ben ik mega enthousiast over deze nieuwe technologische mogelijkheden, ten opzichte van de traditionele fysieke infrastructuur:

  • Het is gedecentraliseerd Een van de belangrijkste voordelen van DePIN is de verschuiving van een gecentraliseerd naar een gedecentraliseerd model. DePIN neemt de afhankelijkheid weg van één enkele entiteit of grote onderneming om de fysieke infrastructuur op te zetten en te onderhouden.
  • Supersnel schalen Door de fysieke infrastructuur te crowdsourcen kunnen DePIN’s sneller schalen dan traditionele projecten tegen een fractie van de kosten, doordat ze worden gedistribueerd onder de netwerkdeelnemers en worden gecompenseerd door toekomstige groei en inkomsten. NATIX telt inmiddels duizenden gebruikers en brengt de wereld sneller in kaart dan Google.
  • Community in plaats van onderneming In plaats van te vertrouwen op een gecentraliseerde onderneming, kunnen communities eigenaar worden van de hardware waaruit het netwerk bestaat dat de goederen en diensten levert die zij nodig hebben en gebruiken. Hierdoor worden de belangen van de belanghebbenden op één lijn gebracht om adoptie en groei te bevorderen. ELOOP zorgt er bijvoorbeeld voor dat iedereen geld kan verdienen als iemand een ritje maakt in een Tesla, zelfs de persoon die het voertuig gebruikt.
  • ‘Sharing Economy’-model DePIN past het principe van de deeleconomie toe. De kosten en verantwoordelijkheden van het opzetten en onderhouden van infrastructuur worden verdeeld over de deelnemers aan de aanbodzijde (dienstverleners), waardoor een kosteneffectiever en rechtvaardiger model ontstaat.
  • Goedkopere opstart Door de hardware en het onderhoud ervan te crowdsourcen, opereren DePIN’s tegen een fractie van de kapitaal- en bedrijfskosten van traditionele bedrijven. Terwijl telecombedrijven miljarden moeten investeren in de infrastructuur en onroerend goed om deze te hosten en legers van werknemers moeten aanhouden om deze te ondersteunen, stimuleren DePIN’s netwerkleden om hiervoor te zorgen terwijl iedereen ervan profiteert.

Nog veel werk aan de winkel!

In de eerste golf van DePIN-projecten werd er met talloze modellen geëxperimenteerd, werden er veel fouten gemaakt en werd er veel geleerd. Toch zie ik nog steeds een aantal uitdagingen voor deze gave nieuwe tech trend:

  • Als de prijs van tokens veel schommelt, kunnen sommige mensen terughoudend zijn om mee te doen met DePIN-projecten. Mensen die helpen met het aanbod, krijgen betaald met de tokens van het project. Maar als de prijs steeds verandert, weten ze niet zeker of ze er wel winst mee maken. Er zijn manieren om dit risico te verkleinen, maar die zijn niet altijd makkelijk voor iedereen. Daarnaast: als tokens ineens veel duurder worden, kunnen mensen die voor diensten willen betalen, afgeschrikt worden. Een goed plan voor hoe de tokens gebruikt en geprijsd worden is daarom belangrijk om de prijzen stabiel te houden.
  • Mensen doen vooral mee met DePIN-projecten om geld te verdienen. Als de prijs van de tokens stijgt, komen er makkelijker nieuwe gebruikers bij. Maar als de prijs daalt, kunnen mensen stoppen. Vooral bij projecten met een kleine marktwaarde en weinig handel. Het is moeilijk om dit probleem op te lossen, maar projecten die echt nuttige diensten bieden, zullen meer mensen aantrekken. Niet alleen degenen die snel geld willen verdienen.
  • Het staat echt nog in de babyschoenen. Veel mensen buiten de crypto-wereld kennen dit soort projecten nog niet. Laat staan dit soort manieren van het onderhouden van infrastructuren. Dit komt omdat veel mensen nog niet bekend zijn met hoe blockchain werkt en crypto’s ingewikkeld vinden. Daarom zien maar weinig mensen nu de voordelen van deze nieuwe, decentrale diensten. Er is dus nog een lange weg te gaan op het gebied van awareness, adoptie en educatie.

De toekomst van DePIN

Het is uiteraard onwaarschijnlijk dat DePIN op korte termijn de oude infrastructuren zal vervangen, maar het kan wel helpen, door ongebruikte bronnen te gebruiken en diensten te bieden waar dat voor traditionele bedrijven te duur zou zijn. Zo kunnen DePIN-netwerken bestaan naast de oude systemen, en helpen waar die tekortschieten. Vooral op plaatsen die moeilijk te bereiken zijn. Dit maakt het voor kleinere groepen of mensen ook makkelijker om mee te helpen aan de opbouw van infrastructuur.

Als ik de eerste projecten zie, wat er voor nodig is technisch gezien en wat voor stappen je moet doorlopen om er ook echt zelf mee aan de slag te gaan, dan is dat voor de meeste consumenten echt nog een brug te ver. Te ingewikkeld, te omslachtig. Ik zie dus ook eerder DePIN-projecten samenwerken met bekende Web2-bedrijven zoals Google en Amazon om het makkelijker te maken voor iedereen. Dit betekent dat gebruikers via een gewone Web2-interface kunnen werken, zonder te weten dat er op de achtergrond DePIN- en blockchain-technologie gebruikt wordt. Dit maakt het gebruik van DePIN net zo eenvoudig als bestaande webdiensten, maar met extra voordelen zoals lagere kosten en meer openheid.

We staan aan de vooravond van een revolutie in hoe we denken over het bouwen en onderhouden van onze fysieke en digitale wereld. Ik denk dat DePIN daar een geweldige rol in kan spelen. Hopelijk heeft deze blog je geïnspireerd om er zelf ook eens mee te experimenteren!

https://www.linkedin.com/embeds/publishingEmbed.html?articleId=7064341965824365868
DePin: the new tech trend where AI, IoT, crypto and other technologies come together

DePin: the new tech trend where AI, IoT, crypto and other technologies come together

More and more Dutch people know and can offset solar panels. But due to the convergence of technologies such as AI, crypto, Internet of Things and blockchain, you as a consumer can suddenly make money with the ‘dormant’ maintenance of countless other infrastructure networks. Decentralized Physical Infrastructure Networks (DePIN) are springing up like mushrooms. In this article I share everything about this new tech trend.

Help to find aliens. That seemed cool to me when I was a kid, when I donated a piece of my computer memory to the SETI@Home project. This was started in 1999 by scientists at the University of Berkeley. Anyone who had spare computer power could donate it to the project.

With this you could help find extraterrestrial life. Unfortunately without success and the project has now been discontinued. There are other so-called ‘Boinc projects’ from the university around biology, mathematics and astronomy.

Thanks to all the crazy new technologies, it is now also possible to earn money passively with these types of projects. Not by setting up drop shipping or selling expensive ‘financial freedom courses’, but by helping to keep energy networks, cloud storage and WiFi networks running and to provide AI computing power.

PIN so you can use your PIN again

Decentralized Physical Infrastructure Networks (DePIN) is the name for blockchain networks that use digital tokens to encourage communities (not companies) to run physical infrastructure networks (think mobility, electric vehicle charging and telecommunications). From making and maintaining to operating it. The term first appeared in November 2022. Blockchain knowledge platform Messari started using the name DePIN for its content, after a Twitter vote on the matter.

Build together, maintain together

Setting up and maintaining infrastructures such as power grids and transport systems costs a lot of money. Usually it is the big companies that do this because it is so expensive and complicated. As a result, there is little competition. This means that these large companies can determine almost everything about prices and services. But thanks to new technologies like blockchain and the fact that almost everyone has the internet these days, we can now build these systems in an open and distributed way.

That is why there is now a DePIN for more and more infrastructures. These networks are open to anyone to participate in, meaning both regular consumers and businesses can help make them better. As a thank you for their help, you receive a reward, such as crypto, a piece of the network and sometimes even products or services that the network offers.

Initially there were four sectors of DePINs (servers, wireless, sensors and energy networks), but due to rapid development, this has now been divided into two main sectors (physical and digital), containing all kinds of subsectors. This current map of Messari provides a beautiful overview

Here you see the rapidly growing ecosystem of DePIN solutions; physical infrastructure networks (vehicles for mobility networks, solar panels for energy networks, hotspots for wireless networks and servers for cloud networks).

From dashboard cams to data, from WiFi to Uber

How does that work in practice? 8 nice examples under the microscope.

  1. Hivemapper

Hivemapper uses the ‘drive-to-earn concept’. It allows users to participate in road image collection and create a decentralized version of Google Maps through car dashboard cameras. Users earn HONEY tokens for every piece of data they provide.

  1. Sorj

Storj is a great competitor for cloud storage services such as Dropbox, Amazon and Google. It allows data to be stored in a decentralized manner using blockchain technology. With encryption techniques, Storj ensures that you can store and share data securely and efficiently, without having to rely on traditional cloud storage methods. Anyone who offers space to store data will receive the STORJ token in return.

  1. React Network

The React Network is an energy network that rewards users for their contributions to building a decentralized and environmentally friendly electricity grid system. It aims to create stable energy by encouraging users to plug in their batteries and share excess energy.

  1. Helium

Helium is a DePIN project that builds a decentralized wireless network that allows users to earn tokens (HNT) in exchange for providing a wireless connection. Users can deploy Helium hotspots to provide wireless connectivity in an area in exchange for HNT tokens. It is also expanding its network with Helium Mobile. The Helium Mobile service combines the Helium network with the 5G mobile network. Users in the US can now enjoy cheaper mobile subscriptions for $20 per month.

  1. NATIX Network

NATIX Network builds a DePIN from smartphones that work as AI-powered cameras and collect important mobility data. Consider the amount of traffic and road conditions in certain areas. It built a dashcam app that people can download for free and leave on while driving. This app processes the feed from the phone’s camera and converts it into anonymized insights, rewarding the user with tokens for sharing these insights. The phones form the physical infrastructure network and the mechanism that powers this network and distributes the rewards runs on-chain.

  1. Render Network

Render Network is the first platform to decentralize the power of GPU rendering. This allows people who do creative work, such as designers and animators, to easily expand their GPU rendering projects using powerful computers around the world. The Render Network is designed to support a variety of compute-intensive tasks. All this happens quickly and efficiently via a blockchain network that connects people directly, without errors or delays. Furthermore, this system ensures that rights at work remain secure.

  1. Bit tensor

Bittensor is also called the baby of AI and crypto. Bitcoin has given us a decentralized currency. It took power away from banks and governments and put it back in our hands. Bittensor does the same, but for artificial intelligence (AI). So not run by the well-known names such as OpenAI, Google or Amazon, but a DePIN Network, where everything needed to run an AI comes together. The TAO token rewards people for their efforts and is worth more than 620 euros at the time of withdrawal.

  1. Teleport

Teleport is an open source and decentralized version of Uber. They are building a network of drivers and passengers worldwide. Instead of Uber algorithms, they set prices themselves and maximize the value they can get out of it. With this new protocol, it wants to ensure that more money goes to drivers, that passengers pay less per trip and that more money stays in the local economies.

The benefits of DePINs

I am very enthusiastic about these new technological possibilities compared to traditional physical infrastructure:

It’s decentralized One of the key benefits of DePIN is the shift from a centralized to a decentralized model. DePIN removes the dependency on a single entity or large corporation to set up and maintain the physical infrastructure.

Scaling at lightning speed By crowdsourcing physical infrastructure, DePINs can scale faster than traditional projects at a fraction of the cost by being distributed to network participants and offset by future growth and revenue. NATIX now has thousands of users and maps the world faster than Google.

Community instead of enterprise Rather than relying on a centralized enterprise, communities can own the hardware that makes up the network that delivers the goods and services they need and use. This aligns stakeholder interests to promote adoption and growth. For example, ELOOP ensures that anyone can make money when someone takes a ride in a Tesla, even the person using the vehicle.

‘Sharing Economy’ model DePIN applies the principle of the sharing economy. The costs and responsibilities of establishing and maintaining infrastructure are distributed among supply-side participants (service providers), creating a more cost-effective and equitable model.

Cheaper Startup By crowdsourcing the hardware and its maintenance, DePINs operate at a fraction of the capital and operating costs of traditional companies. While telecom companies must invest billions in the infrastructure and real estate to host it and maintain armies of employees to support it, DePIN’s incentivize network members to take care of this while everyone benefits.

Still a lot of work to be done!

In the first wave of DePIN projects, numerous models were experimented with, many mistakes were made, and a lot was learned. However, I still see a number of challenges for this cool new tech trend:

If the price of tokens fluctuates a lot, some people may be reluctant to participate in DePIN projects. People who help with the offering will be paid with the project’s tokens. But if the price keeps changing, they’re not sure if they’ll make a profit. There are ways to reduce this risk, but they are not always easy for everyone. In addition, if tokens suddenly become much more expensive, people who want to pay for services may be deterred. A good plan for how the tokens are used and priced is therefore important to keep prices stable.

People mainly participate in DePIN projects to earn money. If the price of the tokens rises, new users will be added more easily. But if the price drops, people may quit. Especially for projects with a small market value and little trade. It is difficult to solve this problem, but projects that provide really useful services will attract more people. Not just those who want to make a quick buck.

It’s really still in its infancy. Many people outside the crypto world are not yet aware of these types of projects. Let alone these kinds of ways of maintaining infrastructures. This is because many people are not yet familiar with how blockchain works and find cryptos complicated. That is why few people now see the benefits of these new, decentralized services. So there is still a long way to go in the field of awareness, adoption and education.

The future of DePIN

It is of course unlikely that DePIN will replace old infrastructures in the short term, but it can help, by using unused resources and providing services where this would be too expensive for traditional companies. In this way, DePIN networks can coexist alongside the old systems and help where they fall short. Especially in places that are difficult to reach. This also makes it easier for smaller groups or people to help build infrastructure.

When I see the first projects, what is required technically and what steps you have to go through to actually get started with it yourself, then that is still a bridge too far for most consumers. Too complicated, too cumbersome. So I also see DePIN projects collaborating with well-known Web2 companies such as Google and Amazon to make it easier for everyone. This means that users can work via a regular Web2 interface, without knowing that DePIN and blockchain technology is being used in the background. This makes using DePIN just as easy as existing web services, but with additional benefits such as lower costs and more openness.

We are on the cusp of a revolution in how we think about building and maintaining our physical and digital world. I think DePIN can play a great role in this. Hopefully this blog has inspired you to experiment with it yourself!

De oudste boekrollen kunnen eindelijk worden gelezen en ontcijferd

In 79 na Christus barstte de Vesuvius uit, een catastrofe die niet alleen de Romeinse steden Pompeï en Herculaneum onder as en puin begroef, maar ook een schat aan geschreven documenten ernstig beschadigde. De Papyri van Herculaneum, tweeduizend jaar oude boekrollen, werden zwaar getroffen door deze natuurramp. Jarenlang dachten wetenschappers dat de verkoolde resten van deze documenten een onleesbaar raadsel zouden blijven. Echter, AI heeft ons hoop gegeven door te bewijzen dat deze historische teksten toch toegankelijk zijn.

De boekrollen van Herculaneum, ontdekt in een villa in de schaduw van de Vesuvius, bieden een zeldzame blik op het verleden. Ondanks dat ze verschroeid en verkoold zijn, hebben moderne wetenschappers en technologen een manier gevonden om hun geheimen te ontrafelen. Dit werd in het bijzonder gedemonstreerd tijdens de Vesuvius Challenge, een evenement aangekondigd op 5 februari 2024, waarbij een miljoen dollar aan prijzengeld werd uitgeloofd aan het team dat als eerste de teksten kon ontcijferen. Dit historische moment werd bereikt door het team van Luke Farritor, Youssef Nader en Julian Schilliger, die met behulp van geavanceerde 3D-beeldvorming en machine learning-algoritmes de verkoolde papyruslagen konden lezen.

De ontdekking van deze rollen in 1752 was een sensatie, maar de fragiele staat waarin ze verkeerden maakte elke poging tot lezen een risico. Vele methoden zijn geprobeerd, van fysiek unrollen met alle gevolgen van dien tot geavanceerde scans met deeltjesversnellers, maar zonder het gewenste resultaat. De doorbraak kwam pas echt in maart 2023, toen het team duizenden 3D-afbeeldingen publiceerde en een doorbraak realiseerde met hun algoritme, waardoor vijftien kolommen tekst leesbaar werden gemaakt.

Wat deze teksten onthullen, is fascinerend. Beschreven als een ‘tweeduizend jaar oude blogpost over het genieten van het leven’, lijken ze geschreven door Philodemus van Gadara, een Epicuristische filosoof. Deze teksten bieden inzicht in zijn gedachten over plezier en kritiek op zijn filosofische tegenstanders, waarschijnlijk de stoïcijnen. Een bijzondere passage gaat over de waarde van schaarste en overvloed in het ervaren van genot, waarbij Philodemus stelt dat schaarse dingen niet per se aangenamer zijn dan die welke in overvloed aanwezig zijn.

Deze onthullingen zijn slechts het begin, aangezien de analyse nog in volle gang is. Toch is nu al duidelijk dat deze teksten een diepgaand inzicht bieden in de klassieke filosofie en het dagelijks leven in de oudheid. Brent Seales, een computerwetenschapper die al decennia met de rollen werkt, benadrukte het belang van deze doorbraak door te stellen dat als één rol leesbaar zou zijn, de rest zou volgen. Dit succes bewijst niet alleen de leesbaarheid van de boekrollen maar opent ook nieuwe deuren naar de gedachtenwereld van onze voorouders, waardoor we hun kennis en levenswijsheden kunnen herontdekken en waarderen.

Deze AI leert een taal door de ogen en oren van een baby

Deze AI leert een taal door de ogen en oren van een baby

kan AI taal leren zoals een kind: Het afgelopen jaar mocht ik twee neefjes verwelkomen en ook vele vrienden zien, die hun geluk niet op kunnen door de geboorte van hun kind. Met de huidige AI-gekte, was het dan ook wachten op een moment dat ook baby’s betrokken zouden worden in deze ontwikkelingen.

Sam was zes maanden oud toen hij voor het eerst een lichtgewicht camera op zijn voorhoofd bond. De volgende anderhalf jaar legde de camera flarden van zijn leven vast: hoe hij rondkroop bij de huisdieren, zijn ouders zag koken en met oma huilde op de veranda. Dit klinkt als een schattige peutervideo, maar is eigenlijk een gedurfd concept: kan AI taal leren zoals een kind?

Een nieuwe studie in Science laat zien hoe onderzoekers Sam’s opnamen gebruikten om een AI, genaamd Child’s View for Contrastive Learning (CVCL), taal te leren begrijpen. Deze AI, die op een geheel andere manier werkt dan grote taalmodellen zoals ChatGPT, leerde basisconcepten te begrijpen door beeld en geluid aan elkaar te koppelen, net zoals peuters dat doen.

De AI werd getraind met video’s uit Sam’s leven, die een fractie vormden van zijn dagelijkse wakkere uren, maar desondanks in staat was om de juiste beelden bij woorden te plaatsen. Dit vermogen werd getest met een cognitieve test, waarbij de AI een correcte afbeelding moest kiezen uit een reeks opties, zoals een bal identificeren tussen verschillende voorwerpen.

Hoewel de AI slechts getraind was met een beperkte hoeveelheid data, presteerde het bijna net zo goed als geavanceerde algoritmes die met veel meer data getraind waren. Dit suggereert dat het koppelen van videobeelden aan audio cruciaal is en dat de AI in staat is om te generaliseren en te leren van nieuwe situaties. De studie toont aan dat een AI, met input van slechts één kind, kan leren hoe woorden met elkaar en met beelden en concepten verbonden zijn, en biedt een nieuw perspectief op de mogelijkheden van AI om te leren zoals kinderen dat doen.

Mijn wekelijkse

Shot inspiratie

Elke week ontvangen 400+ mensen een shot deep-tech inspiratie. Ook ontvangen? Schrijf je hier rechts gratis in.

Ik spam nooit en gebruik het mailadres
alleen voor deze nieuwsbrief.

Copyright © 2026 Jan Scheele

Ook elke week een shot deeptech inspiratie?

Meld je aan om elk weekend een gratis shot inspiratie te ontvangen in de mailbox.

Ik spam nooit en gebruik het mailadres
alleen voor deze nieuwsbrief.

Paid Search Marketing
Search Engine Optimization
Email Marketing
Conversion Rate Optimization
Social Media Marketing
Google Shopping
Influencer Marketing
Amazon Shopping
Explore all solutions