Van koe tot kassa; de noodzaak van blockchain in de voedingsindustrie

Van koe tot kassa; de noodzaak van blockchain in de voedingsindustrie

De noodzaak van blockchain in de voedings industrie: Een heerlijke beker verse jus, melk of koffie; dagelijkse kost voor een groot deel van onze wereldbevolking. Ze zijn inmiddels dusdanig gewoongoed geworden, dat ik ze vaak zonder over na te denken consumeer. Waarom zouden voedselproducten en supermarktketens zich dan de moeite doen, om de hele ‘supply chain’ van koe tot kassa, op de blockchain te zetten en in kaart te brengen voor consumenten? Albert Heijn deed dit als proef met haar sinaasappelsap, Verstegen met haar kruiden en Tony Chocelony met haar chocolade. Buitenlandse supermarkten zoals Carrefour en Walmart hebben inmiddels honderden producten op de blockchain gezet en behalen hier al verschillende positieve resultaten mee. De afgelopen week was ik in China voor de halfjaarlijkse bijeenkomst van het World Economic Forum en hier werd onder andere gekeken naar de ‘why’ van voedsel op blockchain.  

In Nederland zijn wij verwend met kwalitatief goede supermarkten met goede producten, of je nu bij de Aldi of Albert Heijn je dagelijkse boodschappen doet, de kwaliteit van de producten is goed. Hoe anders is dit, als je wereldwijd kijkt. Volgens de World Health Organization (WHO) werden het afgelopen jaar 600 miljoen mensen ziek door verkeerd eten en overleden bijna 500.000 mensen hieraan. Naast fout voedsel, hebben we als consument ook steeds meer te maken met ‘fake’ voedsel. In Nederland kunnen we waarschijnlijk de paardenbiefstukken nog herinneren en de onthullingen die nog regelmatig plaatsvinden over Nederlandse supermarkten en voedselproducenten, die niet de beloofde ingrediënten in hun producten stoppen, zoals honingdrop en zoete aardappelpuree. Ook dit is een wereldwijd bekend fenomeen; onderzoek heeft uitgewezen dat 70% van de ‘Italian Extra Virgin’ olijfolie dat helemaal niet is, dat op grote schaal de etiketten van Chiquata bananen worden nagemaakt en dat de kip bij de Subway maar uit 50% kippenvlees bestaat.  Alleen al in China werden er meer dan een half miljoen veiligheidsschendingen ontdekt en worden zelfs namaak eieren op grote schaal gemaakt en verkocht.

Afbeelding uit: ‘onderzoek voedselfraude’ – Consumentenbond

“Zingend lengde de melkboer zijn melk een beetje aan” – Herman van Veen

Het verbaasde mij dan ook niet, dat uit verschillende onderzoeken blijkt dat consumenten voedsel, haar producenten en verkopers niet meer vertrouwd. In Nederland wantrouwt volgens de FNLI meer dan 75% van de consumenten de dagelijkse maaltijd en haar ingrediënten en denkt dat 30% van de etiketten op eten niet klopt, om nog maar te zwijgen over de verschillende keurmerken zoals Fairtrade en Beterleven. Gecombineerd met het feit dat de consument steeds bewuster gaat leven, zorgt voor een steeds grotere druk op voedselproducenten om te zorgen voor meer openheid en transparantie.

Een aantal kerneigenschappen van blockchain, zorgt in de voedingsindustrie momenteel voor verschillende belangrijke doorbraken. Doordat de data op de blockchain niet aan te passen is, wordt frauderen met eten bijzonder moeilijk gemaakt. Door het transparante karakter ervan, kan de consument een mooi inzicht krijgen in het traject wat bijvoorbeeld een kip heeft afgelegd van het kippenhok naar de kassa. Met de toegenomen vraag om beter dierenwelzijn, is mooi in te zien wat voor leven het beest heeft gehad en of de betaalde premium voor een bio variant, ook terecht is. Naast dieren, is het ook interessant om te zien of bijvoorbeeld boeren eerlijk betaald zijn voor het groeien van hun product, aangezien velen van hen vaak in armoede leven. Volgens de Nederlandse organisatie FairFood zijn er 3 keer zoveel kokosnootboeren als cacaoboeren en krijgen de eerstgenoemde vaak geen eerlijke prijs voor haar producten, wat de organisatie met een blockchain project in kaart wil brengen.  Ook CocaCola is hier mee bezig, aangezien het bedrijf recentelijk werd beschuldigd van slavernij in haar productieketen. Net als de vele andere blockchain ontwikkelen, wordt er nog volop geëxperimenteerd met de technologie en gaan er ook nog genoeg experimenten fout, zoals die van Tony Chocelony. De vele, eerdergenoemde successen die inmiddels worden geboekt, zorgen er voor dat vrijwel alle gerespecteerde bedrijven in de sector er proactief mee bezig zijn en we in de komende tijd nog meer bijzondere onthullingen en succesverhalen kunnen verwachten. Hopelijk zijn dat niet alleen de al behaalde efficiencywinsten op gebied van tijd en geld, maar zijn ze ook gericht op een beter ingerichte voedselketen, die zorgt voor een betere verspreiding en lagere verspilling wereldwijd.

Jan Scheele is CEO van International Blockchain Solutions en CEO van Blockformer Global. Hij is sinds 2015 actief in de blockchain industrie en schrijft, traint en spreekt regelmatig over blockchain en cryptovaluta in binnen- en buitenland. Daarnaast is hij momenteel bezig met het schrijven van een boek over de wereldwijde impact van de technologie.

Het belangrijkste punt wat iedereen vergeet in de discussie rondom de Facebook coin

Het belangrijkste punt wat iedereen vergeet in de discussie rondom de Facebook coin

Discussie rondom de Facebook coin: Het zat er aan te komen en op een Apple-waardige manier, kwamen er steeds meer details mondjesmaat naar buiten. De lancering van het project ‘Libra’, ook wel de Facebook ‘coin’ genoemd, was op verschillende onderdelen echter heel anders dan veel mensen hadden gedacht. Niet alleen de juridische structuur, ook de al bevestigde partners en verschillende toepassingen die er al werden gepresenteerd, deden veel mensen verbazen. En schrikken.

IMF-directrice Lagarde voorspelde al dat ‘big tech’ een verstorende werking gaat hebben op de financiële sector en met een speler als Facebook, kan er wel eens een ‘point of no return’ worden bereikt, als het in zeer korte tijd door een groot gedeelte van haar gebruikers zal worden gebruikt. Ter vergelijking; wereldwijd gebruiken 350 miljoen mensen de Dollar. Als 14% van het huidige aantal gebruikers van Facebook de Libra dus gaat gebruiken, dan zijn dit er al meer dan de Dollar. Het wordt dan ook als een mogelijk stevige concurrent gezien van Paypal, WesternUnion en Adyen, maar dus ook wereldmunten als de Euro en Dollar.

Veel media, experts en overheden struikelden over elkaar heen om te vermelden dat dit project toch echt een stap te ver ging. Waar je bij een zeer gedecentraliseerd iets als Bitcoin onmogelijk een verantwoordelijke persoon of instantie op het matje kan roepen, kan dat bij Libra gelukkig wel en is dat inmiddels al door de Europese en Amerikaanse regelgevers gebeurd. Vooral de recente schandalen die het initiërende bedrijf van de munt nog steeds dagelijks achtervolgen, zijn een belangrijke reden waarom veel organisaties en overheden huiveren bij het idee dat het nu ook de toegang zou gaan krijgen over de financiële gegevens van haar gebruikers. Iets wat trouwens perfect in de strategie van Facebook past, om net zoals het Chinese WeChat geen open platform, maar echt een ‘private messaging’ tool te zijn, met betaalfunctionaliteiten daaraan gekoppeld.

Het koste mij moeite om écht positieve reacties te vinden op het project. Veel Westerse media en overheden schoten het project op alle mogelijke manieren af, maar uit (veelal ontwikkelings-) landen waar de munt in beginsel waarschijnlijk ook echt grote impact gaat hebben, staat men al te trappelen om de oplossing te gaan gebruiken. Met onze waanzinnige financiële infrastructuren in het Westen, zoals online bankieren, Ideal en Tikkie, vergeten we nog wel eens dat dit in veel landen verre van de gewoonste zaak van de wereld is.

Een derde van de wereldbevolking heeft anno 2019 nog geen toegangtot bankdiensten, zoals een bank- en/of spaarrekening en verzekering. In vele landen in Azië, Afrika en Zuid-Amerika heeft slechts 10-25% tot dit soort voorzieningen, omdat de meeste inwoners niet interessant zijn om als klant aan te nemen voor de financiële instellingen. Veel van het geld in deze landen ($500 miljard) komt uit andere landen, wat familieleden via zogenaamde ‘remittance payments’ vanuit het (vaak Westerse) land waar ze werken, terugsturen naar hun familie. De kosten voor dit type transacties zijn, juist voor de mensen die elke stuiver ontzettend goed kunnen gebruiken, zo schrikbarend hoog (8-30%), dat ik begrijp waarom de reacties vanuit de Westerse wereld volledig haaks staan op die vanuit de rest.

Met meer dan $6 triljoen aan grensoverschrijdende transacties per dag, is er echter ook genoeg ruimte voor nieuwe modellen en systemen. Een dergelijke munt kan sterk bijdragen aan de ‘social inclusion’ van landen en daarmee de economische groei en het behalen van de ‘Social Development Goals’, becijferde de Wereldbank en McKinsey. Met een eigen, digitale ‘wallet’, kunnen de mensen die nu geen bankrekening krijgen, eindelijk geld digitaal sparen. Dit hele argument lees je bijna nergens terug, terwijl het zo ontzettend belangrijk is voor de verdere ontwikkeling van veel landen.

Ik ben en blijf niet enthousiast; niet alleen de hele discussie over privacy en data, ook het feit dat je geen rente krijgt op jouw Libra munten (enkel de faciliterende partners, die daar volgens berekeningen echt onwijs veel geld mee verdienen) en het missen van een concrete aanpak om witwassen (AML) en financiering van bijvoorbeeld terrorisme (KYC) te voorkomen. Het duurt nog even voordat het project daadwerkelijk gebruikt kan worden; volgend jaar wordt pas verwacht dat de ontwikkeling klaar is. Ik ben aan de ene kant benieuwd wat er dan nog van het project over is en of de ‘Zuck Buck’ centrale banken nog steeds zo laat sidderen.

Jan Scheele is CEO van International Blockchain Solutions en CEO van Blockformer Global. Hij is sinds 2015 actief in de blockchain industrie en schrijft, traint en spreekt regelmatig over blockchain en cryptovaluta in binnen- en buitenland. Daarnaast is hij momenteel bezig met het schrijven van een boek over de wereldwijde impact van de technologie.

Staat de uitgeefsector een revolutie te wachten met blockchain?

Staat de uitgeefsector een revolutie te wachten met blockchain?

blockchain-revolutie in de uitgeverswereld: Net zoals verschillende andere industrieën, is de uitgeefsector (goed voor $26 miljard omzet in 2018) druk bezig met zichzelf opnieuw uit te vinden, door de waanzinnige impact van de digitale en internet revolutie. De ouderwetse creatie-, distributie en verdienmodellen werken niet meer en blockchain technologie kan op verschillende manieren de sector meehelpen om de volgende ‘quantum leaps’ te nemen.

Verschillende grote bedrijven, zoals de New York Times zijn al druk bezig met de implementatie en de startups schieten uit de grond. Recent mocht ik voor de branchevereniging voor digitale marketing IAB, spreken bij de Telegraaf Media Groep over de impact van blockchain, waar ik de volgende zaken aanhaalde.

Een eerlijke vergoeding voor de maker

Er zijn schrijvers van boeken, die miljoenen euro’s verdienen aan hun werk, zoals de schrijver van Harry Potter ($55 miljoen). Ze zijn echter in de minderheid; een verkocht boek levert de schrijver tussen de 50 cent en 2 euro op en gemiddeld worden er nog maar 3000 exemplaren van een boek verkocht.

Bekende DJ’s als Armin van Buuren daar gelaten, waar je vroeger als artiest binnenliep met de verkoop van albums, betaald Spotify een artiest tussen de $0.006 to $0.0084 per stream. Wil je een modaal inkomen verdienen, dan moet jouw nummer 6 miljoen keer beluisterd worden op jaarbasis.
Hoewel platformen als Amazon KDP (zelf publiceren boeken) en Spotify, de sector een boost hebben gegeven qua opbrengst, blijft het grootste gedeelte van de opbrengst achter bij de vele tussenpersonen in de keten hangen en komt maar een klein gedeelte terecht bij de oorspronkelijke maker.

Er zijn verschillende blockchain startups, die dit willen aanpakken en makers van content enerzijds een eerlijkere beloning willen geven voor hun werk, anderzijds het makkelijker maken om de gebruiker van content directer in contact te brengen met de maker. Mooie voorbeelden zijn Publica, die boekschrijvers in staat stelt om een boek te ‘crowdfunden’. De consument krijgt in ruil voor de investering tokens, waarmee het een kopie van het boek kan krijgen. Het Chinese Weifund doet dit voor alle soorten media en faciliteerde al succesvol de campagne voor de film Braids. De tegenhanger van het populaire blogmedium Medium, Steem, doet dit voor blogschrijvers.

Academici zijn een van de weinige makers van content, die dit eigenlijk niet voor een financiële beloning doen. Raar, want er wordt ontzettend veel tijd en moeite in hun werk gestopt. Het systeem is dan ook raar; als je niet in een bekende database als JSTOR of Wiley staat, hoor je er niet bij en kan je een goede carrière vergeten, terwijl deze platformen geen enkele euro (van de honderden miljoenen die ze verdienen) uitkeren aan de maker. Oud CERN en NASA-medewerkers hebben hiervoor de startup Orvium opgezet, waarmee enerzijds het peer-review proces overzichtelijk op de blockchain wordt gezet en anderzijds academici worden betaald voor hun werk. De startup Pluto focust zich enkel op de vergoeding.

Gaat blockchain alle tussenschakels verwijderen? Nee, er zullen zeker nog partijen als marketingpartijen tussen zitten, maar de makers krijgen een eerlijkere vergoeding.

Wie is de maker van de content eigenlijk?

Er is zo waanzinnig veel gratis content beschikbaar en elke minuut komt er zo ontzettend veel content bij, dat het vrijwel onmogelijk is om te zien voor welke content aan wie eigenlijk betaald zou moeten worden. De veel bediscussieerde nieuwe Europese ‘artikel 13’ wet is een eerste stap in de richting naar een beter licensering (en dus betaling) van content en het voorkomen van misbruik er van, technologisch zitten er nog vele haken en ogen aan. Blockchain kan het geheel een stuk transparanter, eerlijker, duurzamer en efficiënter maken.

De organisatie Editions at Play heeft als voorbeeld voor dit proces, het boek ‘A Universe Explodes’ op de blockchain gezet, om te laten zien hoe dit werkt. Daarnaast zijn er verschillende startups, die al werkende oplossingen aanbieden. Mediachain bied een oplossing aan, die de metadata van muziek veilig opslaat en aanbied en werd recentelijk gekocht door Spotify. De muziekstreaming dienst kwam onder vuur te liggen door niet betaalde royalties, wat volgens onderzoek komt omdat 25% van de gestreamde muziek niet gelicenseerd is. De Grammy-winnende artiest Imogen Heap heeft eenzelfde oplossing op de markt gezet; Mycelia.


Journalisten kunnen door middel van Civil direct betaald worden door lezers van hun content en zijn niet meer afhankelijk van grote mediakanalen. Ook voor amateur schrijvers zijn er verschillende oplossingen beschikbaar, zoals het populaire PO.ET, wat een decentrale database aanbied om content in op te slaan als auteur, maar ook inzichtelijk te brengen wie jouw content (al is het maar een zin) gebruikt. Het bied een WordPress plug-in aan, waar je een gepubliceerde blog direct mee in de database van de startup kan zetten. Het Nederlandse bedrijf Fintage House bied eenzelfde oplossing aan voor films en series, Artlery doet dit voor kunstwerken.

Het einde van ‘fake news’?

Dagelijks zie ik het voorbij komen; ‘fake news’. Op alle mogelijke kanalen en in de meest ingenieuze vormen, die het heel echt doen lijken. MIT kwam in hun onderzoek tot de ontdekking dat ‘fake news’ 70% sneller wordt gedeeld op Twitter, dan echte artikelen.

Vooral door het gebruik van ‘wisdom of the crowd’, kan blockchain op een interessante manier worden ingezet, om dit tegen te gaan. Er zijn dan ook verschillende startups die tokens geven, in ruil voor het maken van echte content, die gevalideerd wordt door gebruikers. De startup Trive en Dirt hebben bijvoorbeeld een systeem gebouwd wat fact-checkers beloond, Publiq werkt met de echtheidsscore van lezers, net als Civil. Niet alleen startups zijn druk bezig met oplossingen voor dit alsmaar groeiende probleem, de Europese Commissie heeft het inmiddels ook als een van haar speerpunten gemaakt.

Ad fraude tegengaan

Fraude met digitale advertenties (ook wel clickfraud genoemd) kost bedrijven wereldwijd bijna $7 miljard per jaar. Dit groeit momenteel met 50% per jaar, van elke bestede $3 aan advertenties is $1 frauduleus en de World Federation of Advertisers (WFA) verwacht dat de totale kosten in 2025 groeien tot $50 billion. Op de meest vernuftige manieren, worden bots (inmiddels goed voor 48% van het websitebezoek) ingezet om het aantal clicks en views kunstmatig omhoog te krijgen. Dit gaat zelfs zo ver, dat bijvoorbeeld online configuratoren van auto’s als BMW (waar euro’s per configuratie voor wordt betaald), nep worden ingevuld.

Een ontzettend groot problem voor adverteerders en uitgevers, waar op verschillende manieren met behulp van blockchain aan wordt gewerkt. Verschillende bedrijven zijn hier vooral bezxig met het bouwen van platformen, die de authenticiteit van de impressies verifieren, maar ook relaties in kaart brengen tussen adverteerders, uitgevers en consumenten. IBM is momenteel samen met Salon bezig met hun project AdLedger; een pilot om een gedeelde ‘ledger’ aan te bieden voor het transparent en inzichtelijk maken van clicks voor zowel adverteerders als uitgevers. Ook AminoPay bied een dergelijke oplossing, die daarnaast helpt met het optimaler inzetten van advertenties. AdEx gaat nog een stap verder en biedt ‘advertentie veilingen’ aan op de blockchain.

Samen makkelijker content maken

Het inzetten van blockchain kan niet alleen op commercieel vlak interessant zijn, ook op gebied van samenwerken bij het maken van content, kan een grote efficiency slag worden gemaakt.

Voor het maken van een goed product, zijn vaak verschillende experts nodig om de content te maken, bewerken, designen en op de markt te zetten. Nu zijn dergelijke processen vanwege de kosten eigenlijk enkel mogelijk voor grote bedrijven, door het decentrale karakter van de blockchain technologie is dit ook mogelijk voor kleinere partijen.
Een van de eigenschappen van blockchain is dat de opgeslagen data, niet kan worden aangepast, wat fraude voorkomt en de geschiedenis van een document op bijvoorbeeld gebied van wijzigingen (wat door wie), volledig transparent maakt. 

Zoals ik al in een eerdere blog schreef; de blockchain technologie is nog redelijk nieuw en bevind zich op vele vlakken nu voornamelijk nog in de experimenter fase. Hoewel vele startups al werkende producten succesvol hebben ingezet, is de impact momenteel nog klein. De mogelijkheden zijn echter eindeloos en ik geloof er dan oo echt in, dat de uitgeefsector in de komende 5 jaren geweldig kan profiteren van deze nieuwe technologie.

Jan Scheele is CEO van International Blockchain Solutions en CEO van Blockformer Global. Hij is sinds 2015 actief in de blockchain industrie en schrijft, traint en spreekt regelmatig over blockchain en cryptovaluta in binnen- en buitenland. Daarnaast is hij momenteel bezig met het schrijven van een boek over de wereldwijde impact van de technologie.

Moeten we blij zijn met Facebooks eigen munteenheid?

Moeten we blij zijn met Facebooks eigen munteenheid?

blij met de valuta van Facebook: Met de 350 Tikkies en 1100 Ideal betalingen die er in ons land per minuut plaatsvinden, horen we bij een van de meest cash loze samenlevingen wereldwijd. Hoe anders is dit in landen als Congo, waar ambtenaren nog met stapels biljetten worden betaald vanuit een jeep in de jungle en verschillende Zuid-Amerikaanse landen waar mensen geen bankrekening hebben, maar varkens in de achtertuin houden die als spaarpot dienen.

Wereldwijd zijn er volgens de Wereldbank bijna 2 miljard mensen zonder bankrekening en in de Zuidoost Aziatische landen is dit bijvoorbeeld slechts 25% van de bevolking, sommige Afrikaanse landen zelfs onder de 10%. Hoewel in veel landen cash nog steeds ‘king’ is, zie je in veel ontwikkelingslanden ook briljante betaalinitiatieven floreren, zoals M-Pesa, waarmee geldtransacties tussen mobiele telefoons verstuurd kunnen worden. In Kenya wordt 50% van het BNP inmiddels via M-Pesa verstuurd en heeft 95% van de bevolking er toegang toe.

In 1976 schreef Friedrich Hayek al in zijn boek de ‘Denationalizatie van Geld’ over het opzetten van concurrerende munteenheden die de strijd aan zouden gaan met het monopolie van centrale banken. Het lijkt wel alsof Facebook CEO Marc Zuckerberg dit boek heeft gelezen tijdens de slapeloze nachten die hij zeker heeft gehad in de afgelopen maanden, die voor zijn bedrijf zeer deprimerend zijn geweest. De schandalen stapelen zich nog steeds op en de een na de andere overheid haalt het bedrijf juridisch door de grill. Alleen al in Nederland verlieten het afgelopen jaar 600.000 gebruikers het platform en de achtergebleven gebruikers zijn het platform minder intensief gaan gebruiken, met alle gevolgen voor de financiële resultaten. Om maar niet te beginnen over alle adverteerders die zijn weggelopen.

Nieuwe projecten zouden het bedrijf dan ook niet alleen weer een positiever imago kunnen geven, maar ook nieuwe inkomstenbronnen aanboren. Het bedrijf weet bijna alles van ons persoonlijke leven en kan met die data uiteraard hele doeltreffende, interessante diensten runnen. Naast de bekendmaking dat het bedrijf zich gaat richten op de datingmarkt (goed voor 10 miljard), is project ‘Libra’ inmiddels in een sneltreinvaart gekomen, waarmee het een eigen digitale munteenheid wil gaan uitgeven. De ‘GlobalCoin’, zal een zogenaamde ‘stablecoin’ (welke ik in een eerdere blog uitlegde) worden, gelinkt aan verschillende valuta, zoals de Dollar en Euro. Het is de tweede poging die het bedrijf op dit vlak onderneemt, nadat het Facebook Credits aan een stille dood had laten sterven.

Zuckerberg omschreef het doel van zijn nieuwe digitale coin als volgt:

“it should be as easy to send money to someone as it is to send a photo”.

Het project is officieel geregistreerd in Zwitserland, het bedrijf praat inmiddels met de Amerikaanse en Britse overheid over de regelgeving eromheen en het plan is om in 2020 de munt in 18 landen beschikbaar te maken. De businesscase is uiteraard erg interessant. Aangezien een derde van onze wereldbevolking minimaal eens per maand inlogt op Facebook en in een land als India 80% van de MKB-ers Whatsapp gebuikt om goederen te verkopen. Door de PSD-2 wetgeving is het daarnaast veel gemakkelijker geworden om betaalgegevens te verkrijgen van consumenten en de 8.5 miljoen websites en webwinkels die nu een Facebook login koppeling gebruiken, zouden straks gemakkelijk ook met één click, betalingen kunnen accepteren. Gebruikers zouden daarnaast in de ‘GlobalCoin’ betaald kunnen krijgen, voor het zien van advertenties op het platform, net als dat de Brave browser dit al faciliteert voor websites in het algemeen. Ook al ontkent het bedrijf dat het zo is, het geheel wordt geïnspireerd door vergelijkbare oplossingen van het Aziatische AliPay en WechatPay, die inmiddels machtiger en groter zijn dan de Chinese banken en creditcards.

Maar als we inzoomen op de ontwikkelingslanden, dan zie je waar het GlobalCoin project écht impact kan maken. Verschillende academische onderzoeken hebben inmiddels uitgewezen dat financiële inclusiviteit (het hebben van o.a. een eigen digitale spaarrekening), de economische groei van een land kan versterken significant kan bijdragen aan het behalen van de verschillende Social Development Goals van de Verenigde Naties. McKinsey becijferde zelfs dat dit $3.7 triljoen kan bijdragen aan het BNP van ontwikkelingslanden in de komende 10 jaar. Daarnaast

werd in het afgelopen jaar er in ontwikkelingslanden meer dan een half triljoen dollar aan zogenaamde ‘remittance payments’ (betalingen tussen bijvoorbeeld arbeiders in het buitenland naar het familie in het thuisland) gedaan, waar de transactiekosten van -de veelal Westerse banken-, makkelijk 8-12% tot zelfs 30% bedragen. Moet je voorstellen wat het significant verlagen van deze transactiekosten (Facebook denkt aan maximaal 1% fee) doet met het besteedbaar inkomen van de ontvangers in ontwikkelingslanden.

Direct wereldwijd uitrollen, die GlobalCoin van Facebook! Zouden veel mensen op basis van bovenstaande zeggen. We vergeten echter dan wel de oorzaak van alle schandalen die het bedrijf heeft gekend en nog steeds om zich heen heeft hangen. Het staat bekend als een van de grootste ‘dataslurpers’ en de soms onverantwoorde manier hoe het hier mee om gaat. De foto’s van dat gezellige teamuitje zijn niet zo spannend, maar onderzoek van de Nederlandse Bank laat zien dat wij als Nederlanders onze financiële gegevens wél als zeer privacy gevoelig zien. Wil je deze gegevens dan ook in de handen leggen van een bedrijf, wat erom bekend staat op alle mogelijke manieren jouw data te vercommercialiseren en vaak lak te hebben aan het veilig handelen er mee?

Cryptovaluta fanaten zijn zeer positief over het project, omdat het wel eens de massa adoptie van cryptovaluta zou kunnen gaan kickstarten. Al zou slechts 2 procent van de 1,5 miljard mensen die Facebook dagelijks gebruikt, ook de Global Coin gaan gebruiken, dan zou dit het aantal wereldwijde gebruikers van cryptovaluta ineens verdubbelen. Het project gaat nog een aantal hobbels tegemoet; van wet- en regelgevingen tot demografische problemen (snelle veroudering van de gebruikers).

Voor mij is het alleen maar weer een grote nieuwe stap, in het kwijtraken van onze privacy. Het businessmodel van Facebook heeft, met alle schandalen ten spijt, nog steeds grote conflicten met haar eigen interesses en die van haar gebruikers. Conflicten die ik met de nieuwe diensten helaas alleen maar groter zie worden.

Jan Scheele is CEO van International Blockchain Solutions en CEO van Blockformer Global. Hij is sinds 2015 actief in de blockchain industrie en schrijft, traint en spreekt regelmatig over blockchain en cryptovaluta in binnen- en buitenland. Daarnaast is hij momenteel bezig met het schrijven van een boek over de wereldwijde impact van de technologie.

Is blockchain hét wondermiddel wat de zorg laat overleven?

Is blockchain hét wondermiddel wat de zorg laat overleven?

eel ogen zijn nog gericht op de financiële sector, maar de impact van blockchain technologie op verschillende andere sectoren is minstens zo interessant. In de zorg liggen verschillende grote uitdagingen, die met de technologie momenteel succesvol worden aangepakt. Volgens een onderzoek van IBM zegt 15% van de executives in de zorg dat zij dit jaar de technologie gaan implementeren, tegen meer dan 50% volgend jaar. Minister de Jonge gaf als antwoord op recent gestelde Kamervragen van D66 aan, “Blockchain heeft de potentie om samenwerking, gegevensuitwisseling en wederzijds vertrouwen anders te organiseren. Dit kan onder andere leiden tot een vermindering van de administratieve lasten.”Onderzoek van Deloitte onder zorg executives bevestigt dit; 70% van deze executives geeft aan dat de significante verbetering in samenwerking tussen de verschillende partijen in en buiten de sector de hoofdreden is om implementatie te overwegen.

Veel organisaties in de zorg zijn al bezig met het implementeren van de technologie en tijdens verschillende keynotes en trainingen die ik de afgelopen tijd mocht geven over blockchain, kwam bij de deelnemende professionals uit de zorg dan ook de concrete vraag; op welk gebied kunnen wij aan de slag?

Mijn top 4 focusgebieden:

1)   Het gedecentraliseerde patiëntendossier

Een van de grootste heikel punten in de zorg, is de toegang tot en uitwisseling van informatie over de patiënt. Op vele vlakken zorgt dit voor veel inefficiëntie, fouten en helaas ook veel nare gevolgen. Volgens onderzoek van Frost, bevat bijna 40% van de patiënten data fouten. Miscommunicatie tussen medische professionals kost de industrie volgens onderzoek $11 miljard per jaar. Dat komt enerzijds door de grote inefficiëntie, maar volgens de Heerlense startup Labchain ook omdat bijvoorbeeld in Nederland patiëntgegevens nog per post worden uitgewisseld tussen zorginstellingen, om vervolgens weer handmatig te worden ingevoerd, wat de kans op foutieve invoer helaas vergroot. Om over de gemaakte fouten gevolgen op basis van foutieve data en bijbehorende maar niet te spreken.

Ook het veilige opslaan van de patiëntengegevens gaat helaas nog vaak fout. Tussen 2009 en 2017 zijn er volgens IBM 2181 datalekken geweest binnen de zorgsector, waarbij 176 miljoen patiënten dossiers zijn gestolen. Voor hackers interessante data, omdat een patiëntendossier meer opbrengt dan creditcard gegevens.

Hoe mooi zou het zijn, dat je zelf altijd toegang hebt tot jouw dossier, waar je ook ter wereld bent? Dat je de status van een medische behandeling kan volgen en zelf data kan delen met partijen die je vertrouwt? De GDPR-wetgeving, die voorschrijft dat consumenten zelf toegang moeten hebben tot hun data, is een mooie eerste stap. Helaas is dat voor vrijwel alle zorg organisaties momenteel technisch nog onmogelijk, terwijl blockchain hier een geweldige rol in zou kunnen spelen. Bijvoorbeeld met het Persoons Gebonden Budget (PGB), waarin verschillende organisaties samenwerken om een consument van de juiste zorg te voorzien, waarin ik in een eerdere blog over schreef. Maar ook het delen van vitale data met onderzoekers, die deze geanonimiseerd kunnen gebruiken voor hun onderzoek naar bijvoorbeeld ziekten en medicijnen. Intel heeft voor dat laatste recent al een kant-en-klare oplossing gelanceerd.

Er zijn vele tientallen bedrijven al bezig met het bouwen of zelfs al succesvol implementeren van oplossingen voor bovengenoemde uitdagingen. Het Radboudumc bouwde samen met SNS Bank en Deloitte ‘Prescrypt’, waarmee gemakkelijk herhaalrecepten kunnen worden geregeld. De patiënt kan hierin zelf bepalen met wie hij zijn informatie deelt (arts, apotheker etc), voor het uitvoeren van een recept aanvraag. Philips werkt in haar Blockchain Lab aan oplossingen voor het delen van data tussen de verschillende zorgaanbieders en het verbinden van onderzoekers en patiënten die zichzelf meten.

Er zijn veel bedrijven die zich richten op het verbeteren van de veiligheid van patiëntendatabase. Het bekende MIT Media Lab heeft MedRec hiervoor opgezet en internetgigant Google heeft met haar AI afdeling Deepmind het al mogelijk gemaakt voor ziekenhuizen in Engeland om patiëntendossiers op de blockchain te zetten. Guardtime heeft eenzelfde oplossing al succesvol geïmplementeerd voor de overheden van Estland en de Verenigde Arabische Emiraten en ook BurstIQFactorMedicalchainSimplyVitalHealthPatientoryNebula en Medicalchain bieden al werkende oplossingen hiervoor aan.

Er zijn ook verschillende gave bedrijen, die de blockchain technologie op nog radicalere wijze inzetten. Zo zet Coralhealth de technologie in om gepersonaliseerde medicijnen mogelijk te maken en voerde recentelijk een succesvolle test hiermee uit. EncrypGen heeft een platform gelanceerd, waarmee mensen hun DNO kunnen verkopen in ruil voor cryptovaluta. Lancor heeft een tool ontwikkeld om de betrouwbaarheid van kankerscreenings van 60% (door mensen) naar 90% de brengen, door een combinatie van AI en blockchain.

2)   Weg met de dodelijke neppe medicijnen

In Nederland zijn we gewend om medicijnen bij een apotheek te halen en mag je ervan uit gaan dat deze ook ‘echt’ zijn; direct afkomstig van de farmaceut. Wereldwijd zijn 10% van de verkochte medicijnen echter nep, wat volgens de World Health Organization zorgt voor honderdduizenden doden op jaarbasis! Deze markt voor nepmedicijnen is inmiddels groter dan die van illegale drugs en kost farmaceuten op jaarbasis naar schatting $200 miljard.

Verschillende industrieën zetten de blockchain technologie al succesvol in, om hun supplychain inzichtelijk te maken voor consumenten; van sinaasappelsap tot diamanten. De Amerikaanse wetgeving verplicht fabrikanten en leveranciers van medicijnen al om medicijnen te volgen van productie tot verkoop, om nepmedicijnen tegen te gaan en ook in Nederland moeten in 2020 ziekenhuizen en apothekers hieraan geloven. Het makkelijk ‘track & tracen’ is echter technisch gezien een moeilijke opgave en ook hierin is blockchain volgens farmaceuten de grote ‘game changer’. Chronicled won recentelijk de ‘Newsweek blockchain impact award’ met hun ‘MediLedger’ oplossing, waarmee farmaceut Pfizer en Genetech inmiddels hun supplychain al op gedecentraliseerd op de blockchain hebben gezet. Ook de Franse startup Blockpharma biedt al een kant en klare oplossing hiervoor aan.

3)   Fraude & fouten voorkomen

Tussen de 5-10% van de kosten in de zorg, is volgens onderzoek frauduleus van aard. Als je kijkt op wereldniveau, een ontzettend groot bedrag. Naast fraude, worden er volgens Deloitte helaas ook nog steeds te veel fouten gemaakt in de administratie en zorgt de toename er van, naast de vele tussenpersonen die hieraan bijdragen, voor onnodig veel kosten. Veel geld, wat uiteraard aan de échte zorg besteed had kunnen en moeten worden.

Een van de meest geroemde voordelen van blockchain, is het weghalen van de ‘middleman’. Door het decentraal op de blockchain zetten van data, kunnen veel administratieve processen worden geautomatiseerd en daarmee veel efficiënter werken en fraude voorkomen. Estland heeft hier al een grote stap in gezet, door 95% van alle zorgdata te laten valideren en bewerkingen er van transparant te maken. In ons eigen land heeft verzekeraar VGZ een succesvolle pilot uitgevoerd met een app, waarmee het haar hele kraamzorg op de blockchain heeft gezet. Aan de ene kant kunnen ouderen op de app zien hoeveel uur zorg gehad hebben en nog recht op hebben, aan de andere kant kunnen zij aangeven hoeveel uur een kraamverzorgster daadwerkelijk heeft gewerkt. De zorgverzekeraar kan met deze gegevens de kraamverzorger direct uitbetalen en fraude met urendeclaraties voorkomen. 

4)   Gepersonaliseerde zorg

Een van de grootste trends op gebied van de zorg, is de gepersonaliseerde zorg. Geen standaardoplossingen meer voor de massa, maar een op maat gemaakte pil of behandeling, gebaseerd op bijvoorbeeld big data van een patiënt. Dit is niet alleen fijner voor de patiënt, die daardoor betere zorg krijgt, maar ook voor de sector zelf. Die becijferde bijvoorbeeld dat elk jaar $300 miljard wordt besteed aan ineffectieve medicijnen. Blockchain zorgt voor een veilige overdracht van data tussen verschillende partijen, die dit bijvoorbeeld kunnen inzetten voor het eerdergenoemde onderzoek, maar ook gepersonaliseerde medicijnen. Een mooi voorbeeld is het bedrijf Robomed, wat blockchain, ‘Artificial Intelligence’ en ‘Internet of Things’ combineert en door middel van chatbots en wearables, een unieke stroom informatie vergaart, analyseert en door vertaald naar praktische adviezen voor de patiënt.

Blockchain is ook voor de zorg niet direct hét wondermiddel, wat de hele sector zal gaan helpen met haar grootste uitdagingen. Volgens Frost & Sullivan kan het de sector wel vele miljarden dollars, fouten en mensenlevens laten besparen, door de technologie succesvol toe laten passen. Het moet dan als eerste echt gaan werken aan het stoppen met de silovorming van data, die nu vrijwel nog niet wordt gedeeld en volgens vele experts nu ook al zorgt voor grote problemen. Net als vele andere sectoren, is nu wel de tijd aangebroken om volop te gaan experimenteren met en investeren in de technologie, om ervoor te zorgen dat de zorg ook in de komende jaren nog betaalbaar en effectief is.

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

We zijn nog maar net begonnen!

We zijn nog maar net begonnen!

We zijn nog maar net begonnen: Wat was het een mooi moment. Toen ik 6 jaar was in 1993, kreeg mijn vader zijn eerste computer van het werk. Een apparaat wat het halve bureau in beslag nam, maar al snel mijn hart had gewonnen vanwege het 3D racespel ‘Stunts’. Vier jaar laten maakte ik kennis met het Wereldwijde Web bij een vriendin, die de website van Veronica open had staan en op mijn 14e begon ik de eerste pagina’s bij te beheren bij een van de eerste websites van Nederland; Startpagina.nl. Ik kan het mij bijna niet meer voorstellen hoeveel moeite ik moest doen om destijds op met het internet te verbinden en erop te surfen. De geluiden van klikkende floppy’s en krakende 56k inbelmodems staan nog goed op mijn geheugen gegrift.

“I think there is a world market for maybe five computers.”
– Thomas Watson, president of IBM, 1943

Hoe anders is het vandaag de dag, waar we met onze telefoons constant verbonden zijn met het internet en waar ik mensen al hoor zuchten en steunen, als ze toevallig even 3G in plaats van 4G bereik hebben. Hoewel de ontwikkelingen op technologisch gebied momenteel ontzettend snel gaan, heeft de aanloop naar de ontwikkeling van het internet redelijk lang geduurd. De voorloper, ARPAnet, werd ontwikkeld in de jaren ’60 door het Amerikaanse leger als middel om computers van een aantal onderzoekers te laten communiceren met elkaar en bestanden uit te wisselen. De ontwikkeling van de technologie heeft nog lang geduurd; pas in 1991 kwam de eerste website online en in 1994 de eerste webwinkel. Hoewel Amsterdam in 1982 als eerste Europese knooppunt werd aangesloten, konden Nederlandse gebruikers pas vanaf 1991 publiek op het internet surfen.

Wat begon als puur een uitwisseling van informatie tussen een handvol onderzoeksinstituten, is inmiddels uitgegroeid tot een integraal onderdeel van ons leven.

Wie had destijds kunnen inzien dat wij zo afhankelijk werden van het internet? Van communiceren, bankieren en muziek luisteren, tot winkelen. Het is erg grappig om alle sceptici vroeger te horen spreken over zaken als encyclopedieën, CD’s en routekaarten, die het internet nooit zou kunnen vervangen . WikiPedia, Spotify en Google Maps hebben het tegendeel bewezen, om over de vele andere dagelijkse gebruiksvoorwerpen maar niet te beginnen.

By 2005 or so, it will become clear that the Internet’s impact on the economy has been no greater than the fax machine’s.” – Paul Krugman

De huidige opkomst van de blockchain technologie, wordt vaak vergeleken met die van het internet. Niet alleen de lange duur ervan, maar ook de eerste angstige en afwijzende houding van consumenten, bedrijven en overheden, de geknapte ‘bubbel’ en voorspellingen over de waanzinnige impact op onze maatschappij op de lange termijn. Volgens de Gartner Hypecyle, zitten we met de blockchain technologie momenteel in de ‘trough of disillusionment’; experimenten mislukken en bedrijven zien investeringen in rook op gaan. Ontwikkelaars binnen de branche vallen bij bosjes om en de pers schrijft gretig in chocoladeletters over de negatieve ervaringen. Waarom zouden we zoveel moeite doen voor een Bitcoin betaling binnen een webwinkel, als het ook makkelijk en veilig met IDeal kan? Waarom zouden we zoveel tijd steken in het sturen van een fooi via het Lightning netwerk, als dit ook snel via een Tikkie kan? Het overtuigen van de massa voor adoptie, is duidelijk nog niet gelukt.

Bubbels zijn mijns inziens goed, om het kaf van het koren te scheiden, de hype van iets af te halen en te focussen op échte problemen die een technologie te lijf kan gaan. Vorig jaar zat ik op het hoogtepunt van de cryptocurrency hype in New York op een groot congres, waar een startup kwam vertellen hoe zij met hun eigen cryptovaluta, huisvrouwen gingen belonen voor het maken van content. Deze klinkklare onzinstartup, was voor mij de bevestiging dat we in een bubbel zaten en dat deze echt snel moest knappen, om negatieve pers de wind uit de zeilen te nemen en serieuze investeerders geïnteresseerd te krijgen. Het internet had eenzelfde bubbel ontwikkeling, waar tussen 1995 – 2000 ook vele onnozele internet bedrijven met miljoeneninvesteringen in werden opgezet, resulterende in de grote ‘dot-com crash’ van 2000. De Amerikaanse Nasdaq daalde 83%, aandelen van bedrijven als Apple en Amazon zelfs 90% en de hele  internet industrie werd weggezet als een grote ‘Ponzi-sceme’.

Wat daarna gebeurde op verschillende vlakken, heeft wel de basis gelegd voor het internet zoals wij het nu kennen. De technologie ging zich snel ontwikkelen, problemen met schaalbaarheid, snelheid en veiligheid werden in rap tempo aangepakt en het ‘mainstream’ gebruik volgde al snel en groeide voor lange tijd exponentieel.

De blockchain technologie gaat momenteel eenzelfde fase door, waar hard wordt gewerkt aan een aantal dilemma’s die het gebruik van eerste versies naar boven heeft gebracht; veiligheid, snelheid en schaalbaarheid. Daarnaast ook zaken als regelgeving en standaardisering. Waar overheden volgens verschillende grondleggers van het internet te laat zijn met bepaalde wet- en regelgevingen rondom internet, gaat men nu al zeer proactief te werk rondom de blockchain technologie. Consortia, zoals R3 (financiële instellingen), B3i (Verzekeraars) en Hyperledger (onder leiding van de Linux foundation) werken aan de broodnodige standaarden en zaken als certificaten en educatie voor de industrie. Er zijn honderden gave applicaties, maar veel gemaakt in eigen scripttaal, werkend met een van de maar liefst 55 beschikbare consensus protocollen, wat het samenwerken met elkaar complex maakt.

Waar ARPAnet de onderliggende technologie (TCP/IP) bekend maakte, doet Bitcoin dit nu met de onderliggende blockchain technologie. ARPAnet was in het begin puur voor communicatie bedoeld, Bitcoin puur voor transacties. ARPAnet zorgde voor vrijheid van informatie, Bitcoin voor vrijheid van waarde en transacties. Beide ook nog eens grensoverschrijdend. Bij beide opkomsten van technologieën, zag je de bestaande en bedreigde industrieën in het begin heel erg tegenstribbelen en probeerden overheden de opkomst af te remmen met wet- en regelgeving. Zoals bij elke technologie werd het gebruik van criminelen in het begin aangemerkt als de reden waarom het verboden zou moeten worden en beide waren in het begin puur een technologie, geen volledige industrie.

Zoals ik al in een vorige blog schreef, is het wachten nu op de grote ‘Killer App’, die blockchain bekend, vertrouwd en bruikbaar gaat maken voor het grote publiek. Net zoals Netscape dat deed met haar browser voor het internet. De ontwikkeling van de technologie onder het internet; TCP/IP duurde maar liefst 30 jaar, voordat het wereldwijd bekend, geliefd en gebruikt werd. Het zorgde in de jaren erna wel ervoor dat onze samenleving volledig getransformeerd werd, miljarden mensen online kwamen en dat er nog dagelijks nieuwe zaken worden gebouwd, die eerder niet konden bestaan. Waar zou Instagram zijn zonder de iPhone? Bol.com zonder het internet? . Technologie die weer verder is ontwikkeld op voorgaande technologie. Vaak als ik over blockchain spreek, dan moet ik het antwoord ook schuldig blijven over ‘waar we heen gaan’ met de technologie. Het is onmogelijk te voorspellen, omdat we mijns inziens niet weten wat voor ontwikkelingen we kunnen verwachten, na de ontwikkelingen die er momenteel plaatsvinden. Dat we in de komende jaren al snel producten en diensten gaan zien, die versimpeld en versnelt gaan worden, door de blockchain technologie, staat vast. Niet alleen in de financiële sector, maar wereldwijd in vele sectoren. Zo lang bedrijven zich focussen op het oplossen van problemen, mogelijk met blockchain, in plaats van problemen te zoeken die ze met blockchain kunnen oplossen, zal het draagvlak breder worden en de investeringen effectiever. Net zoals dat ik met zeer grote interesse alle ontwikkelingen volgde op gebied van de ontwikkeling van computers en internet, ga ik dit de komende jaren ook doen op gebied van blockchain. we zijn tenslotte nog maar net begonnen!

Jan Scheele is CEO van International Blockchain Solutions en CEO van Blockformer Global. Hij is sinds 2015 actief in de blockchain industrie en schrijft, traint en spreekt regelmatig over blockchain en cryptovaluta in binnen- en buitenland. Daarnaast is hij momenteel bezig met het schrijven van een boek over de wereldwijde impact van de technologie.

Worden we net zo afhankelijk van blockchain als van het internet?

Worden we net zo afhankelijk van blockchain als van het internet?

De huidige opkomst van de blockchaintechnologie wordt vaak vergeleken met de opkomst van het internet. Er zijn dan ook duidelijke overeenkomsten. Betekent dit dat we over een paar jaar afhankelijk zijn van blockchain? Gaat blockchain net zo’n waanzinnige impact hebben op onze maatschappij, en gaat dat net zo snel?

Wat was het een mooi moment. Toen ik 6 jaar was in 1993, kreeg mijn vader zijn eerste computer van het werk. Een apparaat dat het halve bureau in beslag nam, maar al snel mijn hart had gewonnen vanwege het 3D racespel ‘Stunts’. Vier jaar later maakte ik kennis met het wereldwijde web bij een vriendin, die de website van Veronica open had staan. Op mijn 14e begon ik de eerste pagina’s te beheren bij een van de eerste websites van Nederland: Startpagina.nl. Ik kan me bijna niet meer voorstellen hoeveel moeite ik destijds moest doen om met het internet te verbinden en erop te surfen. De geluiden van klikkende floppy’s en krakende 56k-inbelmodems staan nog goed in mijn geheugen gegrift.

I think there is a world market for maybe five computers. – Thomas Watson, president of IBM, 1943

Hoe anders is het vandaag de dag, nu we met onze telefoons constant verbonden zijn met het internet? Ik hoor mensen al zuchten en steunen als ze toevallig even 3G in plaats van 4G hebben. Hoewel de ontwikkelingen op technologisch gebied momenteel ontzettend snel gaan, heeft de aanloop naar de ontwikkeling van het internet redelijk lang geduurd. De voorloper, ARPAnet, werd ontwikkeld in de jaren 60 door het Amerikaanse leger. Het was een middel om computers van een aantal onderzoekers met elkaar te laten communiceren en bestanden uit te wisselen. De ontwikkeling van de technologie heeft nog lang geduurd. Pas in 1991 kwam de eerste website online en in 1994 de eerste webwinkel. Amsterdam werd in 1982 als eerste Europese knooppunt aangesloten. Toch konden Nederlandse gebruikers pas vanaf 1991 publiek op het internet surfen.

Integraal onderdeel van ons leven

Wat begon als puur een uitwisseling van informatie tussen een handvol onderzoeksinstituten, is uitgegroeid tot een integraal onderdeel van ons leven. Wie had destijds kunnen inzien dat wij zo afhankelijk zouden worden van het internet? Van communiceren, bankieren en muziek luisteren, tot winkelen. Het is erg grappig om alle sceptici van vroeger te horen spreken over zaken als encyclopedieën, cd’s en routekaarten. Zaken die het internet nooit zou vervangen. Wikipedia, Spotify en Google Maps hebben het tegendeel bewezen, om over de vele andere dagelijkse gebruiksvoorwerpen maar niet te beginnen.

By 2005 or so, it will become clear that the Internet’s impact on the economy has been no greater than the fax machine’s.” – Paul Krugman

Blockchain: de massa is nog niet om

De huidige opkomst van de blockchaintechnologie wordt vaak vergeleken met die van het internet. Niet alleen de lange duur ervan, maar ook de eerste angstige en afwijzende houding van consumenten, bedrijven en overheden, de geknapte ‘bubbel’ en voorspellingen over de waanzinnige impact op onze maatschappij op de lange termijn.

Volgens de Gartner Hypecyle zitten we met de blockchaintechnologie momenteel in de trough of disillusionment. Experimenten mislukken en bedrijven zien investeringen in rook opgaan. Ontwikkelaars binnen de branche vallen bij bosjes om en de pers schrijft gretig in chocoladeletters over de negatieve ervaringen. Waarom zouden we zoveel moeite doen voor een Bitcoin-betaling binnen een webwinkel, als het ook makkelijk en veilig met iDeal kan? Waarom zouden we zoveel tijd steken in het sturen van een fooi via het Lightning-netwerk, als dit ook snel via een Tikkie kan? Het overtuigen van de massa voor adoptie is duidelijk nog niet gelukt.

Bubbels zijn goed

Bubbels zijn naar mijn idee goed. Om het kaf van het koren te scheiden, de hype van iets af te halen en te focussen op échte problemen die een technologie te lijf kan gaan. Vorig jaar zat ik op het hoogtepunt van de cryptocurrency-hype in New York op een groot congres. Daar vertelde een start-up hoe zij met hun eigen cryptovaluta huisvrouwen gingen belonen voor het maken van content. Deze klinkklare onzinstart-up was voor mij de bevestiging dat we in een bubbel zaten en dat deze echt snel moest knappen. Zo kunnen we negatieve pers de wind uit de zeilen nemen en serieuze investeerders geïnteresseerd krijgen. Het internet had eenzelfde bubbel-ontwikkeling, waar tussen 1995 en 2000 ook veel onnozele internetbedrijven met miljoeneninvesteringen werden opgezet. Dat resulteerde in de grote dotcom-crash van 2000. De Amerikaanse Nasdaq daalde 83 procent, aandelen van bedrijven als Apple en Amazon zelfs 90 procent en de hele internet-industrie werd weggezet als een grote Ponzi-scheme.

Dezelfde fase voor blockchain

Wat daarna gebeurde op verschillende vlakken, heeft de basis gelegd voor het internet zoals wij het nu kennen. De technologie ontwikkelde zich snel en problemen met schaalbaarheid, snelheid en veiligheid werden in rap tempo aangepakt. Het ‘mainstream’ gebruik volgde al snel en groeide voor lange tijd exponentieel.

De blockchaintechnologie gaat momenteel eenzelfde fase door. Er wordt hard gewerkt aan een aantal vraagstukken die het gebruik van eerste versies naar boven heeft gebracht: veiligheid, snelheid en schaalbaarheid. Daarnaast zaken als regelgeving en standaardisering.

Volgens verschillende grondleggers van het internet waren overheden te laat met bepaalde wet- en regelgevingen. Rondom de blockchaintechnologie gaat men al zeer proactief te werk. Consortia, zoals R3 (financiële instellingen), B3i (verzekeraars) en Hyperledger (onder leiding van The Linux Foundation) werken aan de standaarden en zaken als certificaten en educatie voor de industrie. Er zijn honderden gave applicaties, maar veel gemaakt in eigen scripttaal. Ze werken met een van de maar liefst 55 beschikbare consensus-protocollen, wat samenwerken complex maakt.

Overeenkomsten tussen internet en blockchain

Waar ARPAnet de onderliggende technologie (TCP/IP) bekend maakte, doet Bitcoin dit nu met de onderliggende blockchaintechnologie. ARPAnet was in het begin puur voor communicatie bedoeld, Bitcoin puur voor transacties. ARPAnet zorgde voor vrijheid van informatie, Bitcoin voor vrijheid van waarde en transacties. Beide zijn grensoverschrijdend. Bij beide opkomsten van technologieën, zag je de bestaande en bedreigde industrieën in het begin erg tegenstribbelen. Overheden probeerden de opkomst af te remmen met wet- en regelgeving. Dat criminelen gebruikmaken van internet en blockchain werd in beide gevallen genoemd als argument voor het verbieden van de technologie. Allebei waren in het begin puur een technologie en geen volledige industrie.

Wachten op een killer app

Zoals ik al in een vorig artikel schreef, is het wachten nu op de grote killer app. Een app die blockchain bekend, vertrouwd en bruikbaar gaat maken voor het grote publiek. Net zoals Netscape dat deed met haar browser voor het internet. Het duurde maar liefst 30 jaar voordat de technologie achter het internet (TCP/IP) wereldwijd bekend, geliefd en gebruikt werd. Het zorgde in de jaren erna wel voor een volledige transformatie van onze samenleving. Miljarden mensen kwamen online en er worden nog dagelijks nieuwe zaken gebouwd, die eerder niet konden bestaan.

Waar zou Instagram zijn zonder de iPhone? Bol.com zonder het internet? Dit is technologie die weer verder is ontwikkeld op voorgaande technologie. Dat zie je nu ook in het begin van de blockchaintechnologie. Deze technologie is in principe een combinatie van een aantal eerder ontwikkelde technologieën, zoals Digicash (1980, David Chaum), E-Gold (1990) en Smart Contracts (1994, Nick Szabo), aangevuld met een aantal revolutionaire ontwikkelingen.

We weten niet wat we kunnen verwachten

Op de vraag ‘Waar gaan we heen met technologie?’ moet ik het antwoord schuldig blijven. Het is onmogelijk te voorspellen. We weten niet wat we kunnen verwachten na de ontwikkelingen die op dit moment plaatsvinden. Het staat vast dat we in de komende jaren al snel producten en diensten gaan zien, die versimpeld en versneld worden. Niet alleen in de financiële sector, maar wereldwijd in veel sectoren. Het draagvlak wordt breder en de investeringen effectiever, als bedrijven zich focussen op het oplossen van problemen, mogelijk met blockchain, in plaats van problemen te zoeken die ze met blockchain kunnen oplossen.

Net zoals ik met grote interesse alle ontwikkelingen volgde op het gebied van computers en internet, ga ik dit de komende jaren ook doen bij blockchain. We zijn tenslotte nog maar net begonnen!

admin

Jan Scheele werkt dertien jaar op het snijvlak van deep tech, strategie en leiderschap. Als keynote spreker en dagvoorzitter maakt hij technologie tastbaar voor boardrooms, directieteams en grote podia, zonder de complexiteit te versimpelen of te verbergen achter buzzwords.

Zijn achtergrond ligt in het bouwen. Als CEO van een technologie scale-up, oprichter van meerdere techbedrijven en organisator van meer dan vijftig TED-events wereldwijd zag hij van dichtbij hoe technologische keuzes doorwerken in strategie, governance en cultuur. Vanuit zijn betrokkenheid bij het World Economic Forum en de BCNL Foundation kijkt hij daarbij niet alleen naar wat technisch mogelijk is, maar ook naar wat bestuurlijk houdbaar en maatschappelijk wenselijk is.

Hij publiceerde vijf boeken, waarvan twee Amazon-bestsellers, en schrijft wekelijks over AI, blockchain en de organisatorische gevolgen van deep tech. Zijn blogs bereikten inmiddels meer dan twee miljoen lezers.

Dat was niet de bedoeling! – De decentrale droom in duigen

Dat was niet de bedoeling! – De decentrale droom in duigen

Dat was niet de bedoeling! – De decentrale droom in duigen: Ook al stond het woord ‘decentraal’ niet in de ‘whitepaper’ van de mysterieuze uitvinder (of uitvinders, we weten het nog steeds niet) van blockchain, Satoshi Nakamoto, volgens vele experts zou hij zich in zijn spreekwoordelijke graf omdraaien, als hij de verschillende ontwikkelingen op blockchain gebied momenteel zag.

Dat Satoshi de ‘whitepaper’ slechts een paar weken na de grote financiële crash publiceerde, had een verband met zijn initiële idee van de Bitcoin blockchain, om de macht bij financiële intermediairs, zoals banken, weg te halen en door het decentrale karakter van de blockchain technologie, weer terug te leggen bij de burger. Dat een van de grootste veroorzakers van de financiële crisis, de JP Morgan bank, recentelijk een eigen ‘coin’ heeft uitgebracht, is dan ook een bijzondere ontwikkeling. Vooral omdat deze wordt gebruikt voor een afgesloten, zogenaamde ‘permissioned’ blockchain, enkel voor JP Morgen en geselecteerde klanten. Iets wat volledig indruist tegen de open en transparante ideologie waarmee de blockchain technologie juist is ontworpen.

Hetzelfde geldt voor de Facebook ‘coin’. Experts noemen het zelf weer controle krijgen over je eigen data, een van de grote voordelen (of ‘killer app’, waar ik in een eerdere blog over schreef) van de blockchain technologie. Dat uitgerekend Facebook, het bedrijf wat de afgelopen tijd zo in opspraak is geweest door haar buiten proportionele data slurpen en misbruiken, een eigen ‘coin’ aan het ontwikkelen is, laat bij veel experts de alarmbellen weer rinkelen; gaat op deze manier het decentrale karakter van blockchain juist niet weer verloren, doordat er een paar grote bedrijven mee aan de haal gaan? Een gedachte waar niet iedereen direct bang voor is; als een klein percentage van de Facebookgebruikers de ‘coin’ zou gebruiken, zou dit het wereldwijde aantal crypto-gebruikers al verdubbelen. Positief nieuws dus voor de adoptie en doorontwikkeling van het ecosysteem. Dit bevestigt ook het meest recente onderzoek vanuit de Europese Unie, dat laat zien dat juist de besloten (vaak corporate) platformen de adoptiegolf drijven, in plaats van de open, zoals Bitcoin. Dit komt vooral doordat de ontwikkelaars van de besloten platformen veel meer vrijheid hebben over de doorontwikkeling op gebied van veiligheid en snelheid, waar bij open platformen dit soort doorontwikkelingen decentraal worden besproken en besloten, wat vaak veel tijd kost. 

Decentralisatie omvat volgens de definitie, het distribueren van verschillende functionaliteiten, macht, mensen en allerlei zaken vanuit een centraal punt. We zagen dit in het begin als ideologie bij verschillende grote technologiebedrijven, zoals Spotify die de verspreiding van muziek weghaalde bij de grote distributeurs en teruglegde bij de musici zelf. Hetzelfde deed Uber, die de macht weghaalde bij grote taxibedrijven en bij de chauffeurs zelf plaatste en Paypal, die dit deed met transacties van banken weer naar de eigenaar van het geld zelf te verplaatsen.

Helaas zien we bij veel van dit soort bedrijven dat ze zelf juist weer op allerlei manieren de macht aan het centraliseren zijn, door bijvoorbeeld het opkopen van innovatieve startups, het vergroten van de ‘entry barriers’ van de sector voor concurrenten en het simpelweg vergroten van het vaak al bijna monopolistische marktaandeel.

Hetzelfde zien we nu bij de blockchain technologie gebeuren, vooral op het gebied van het onderhoud (‘minen’) van de blockchain netwerken en het eigenaarschap van de belangrijkste cryptovaluta. De top 6 grootste onderhouders van de Bitcoin blockchain, de zogenaamde ‘miners’ controleren bijvoorbeeld 75% van het wereldwijde netwerk vanwege hun computerkracht. Van al deze wereldwijde ‘mining’ capaciteit komt in 75% uit China. En het eigendom van de felbegeerde Bitcoins? De top 1000 adressen hebben in totaal 40% van het aantal circulerende Bitcoins in handen.

Waar de zogenaamde ‘Initional Coin Offerings’ (de blockchain variant van de beursgang van een bedrijf) vele mooie, decentrale eigenschappen bevatte, heeft de zogenaamde ‘Security Token Offering’ (wat ik in mijn vorige blog nog bestempelde als dé cryptovaluta hype van 2019) weer veel van doen met centrale autoriteiten.

Ook ‘stablecoins’ (die ik eerder bestempelde als een zeer belangrijke ontwikkeling op cryptovaluta gebied) halen net weer de belangrijke, decentrale eigenschappen weg, die cryptovaluta zo populair en praktisch maakten, zoals transacties uitvoeren zonder tussenpersoon.

Recent kreeg ik van iemand van de Nederlandse Bank de vraag, tijdens mijn keynote over de impact blockchain, óf je alles wel wilt decentraliseren. Óf je overal wel de autoriteit wilt wegsnijden en de macht weer wilt terugleggen bij de burger. Verschillende platformen die dit de afgelopen jaren middels het internet wilden doen, zijn ook op verschillende manieren heel hard tegen hun sociale limieten aangelopen, waarna iedereen toch de centrale overheden aankeek voor maatregelen. Toch wel fijn dat die er dan is, toch?

Ik geloof er persoonlijk niet in, dat elk onderdeel in de samenleving beter af is met decentralisatie. Ik zie echter al wel vele, baanbrekende toepassingen van de blockchain technologie, die door middel van decentralisatie, een geweldige impact hebben op onze maatschappij, die centraal niet hadden kunnen ontstaan. En dan zijn we nog maar net begonnen met de ontwikkeling….

Jan Scheele is CEO van International Blockchain Solutions en CEO van Blockformer Global. Hij is sinds 2015 actief in de blockchain industrie en schrijft, traint en spreekt regelmatig over blockchain en cryptovaluta in binnen- en buitenland. Daarnaast is hij momenteel bezig met het schrijven van een boek over de wereldwijde impact van de technologie.

De 8 meest gemaakte fouten rondom sprekers voor een event en hoe ze te voorkomen

De 8 meest gemaakte fouten rondom sprekers voor een event en hoe ze te voorkomen

fouten rond luidsprekers: Heerlijk eten, een prachtige locatie en een goed gevulde zaal. Alles in de startblokken voor een mooi event, denk je als organisator van een event. Helaas, zegt een van de sprekers waar je het meest enthousiast over was op het laatste moment af en blijkt een andere spreker ontzettend tegen te vallen. Om maar niet te spreken over de laatste spreker, die ver over de aangegeven spreektijd gaat, waardoor de bitterballen koud worden. Veel tijd en geld gestoken in de organisatie en nu zorgt een handjevol sprekers ervoor, dat de bezoekers teleurgesteld naar buiten gaan.

Uit de vele onderzoeken die zijn uitgevoerd naar de redenen waarom mensen een zakelijk event of congres bezoeken, blijkt dat netwerken en sprekers altijd veruit de twee belangrijkste redenen zijn om hun tijd vrij te maken hiervoor. Mensen komen voor inspiratie, om hun kennis te updaten en nieuwe invalshoeken te horen.

De afgelopen jaren mocht ik 50 TEDx events organiseren wereldwijd en wordt daarom nu vaak gevraagd om concepten en programma’s samen te stellen voor andere events en spreek ik daarnaast zelf vaak over thema’s als blockchain. Helaas zie ik bij beide nog te vaak dat er fouten worden gemaakt, in het proces van sprekers zoeken, vragen en succesvol op een podium zetten. Zaken die niet alleen fouten kunnen voorkomen, maar ook kunnen zorgen voor een veel succesvoller event.

Mijn top 8 aanbevelingen  

1)   Haastige spoed, is zelden goed

Vaak krijg ik event organisatoren aan de lijn, of ik ‘nog even een spreker ken’. Het hele event is geregeld, maar de content moet nog. Helaas, vaak is men dan te laat. Veel goede sprekers hebben hun agenda vaak al vol, een maand voor jouw event en wat resteert zijn óf sprekers met een verhaal waar niemand blij van wordt óf zeer duurbetaalde sprekers, die budget technisch vaak niet passen. Direct bij start van de organisatie van een event, verdient het heel erg de moeite om ook direct te beginnen met het samenstellen van het programma. Voordat je lukraak sprekers gaat vragen, is het goed om eerst met je collega’s te kijken naar het programma zelf en de insteek van het event. Vaak wordt er een lijst sprekers gevraagd en blijkt achteraf dat er te veel sprekers gevraagd zijn of dat de sprekers weinig of niets met het thema van het event hebben of over aan zeggen. Maak alvast een draft programma om te kijken naar de ruimte die je hebt (tijd, aantal sprekers) en ga met je collega’s kijken naar de ‘why’ van je event. Wat wil je bereiken met je event en hoe moeten bezoekers naar buiten lopen? Cruciale input bij het samenstellen van een programma en vaak ook de eerste vragen die sprekers stellen, als je ze vraagt, om hun verhaal op af te stemmen.

Er zijn tienduizenden events op jaarbasis in Nederland, dus het is belangrijk om jezelf te onderscheiden van anderen. Dat kan je proberen met een mooie locatie en een lekkere lunch, maar zoals al aangeven, blijkt uit veel onderzoek dat dit geen overtuigende factoren zijn voor mensen om langs te komen.  

2)   Don’t invite celebrities on your stage, create them on your stage!

Als ik terugkijk op 50 TEDx events, dan waren het altijd de sprekers waar je het minste van verwachte, die de grootste verassing bleken te zijn. Maar ook omgekeerd; de grootste namen waren leuk voor een selfie, maar droegen qua inhoud verder weinig bij aan de dag zelf. Als ik programma’s samenstel voor organisaties, dan hoor ik vaak een standaardlijstje met sprekers, die helaas half Nederland al een paar keer heeft gehoord. Dit, terwijl er zoveel bijzondere mensen zijn met een inspirerend verhaal, maar je moet ze wel goed zoeken! Google geeft, indien je niet heel specifiek op een bepaalde thema zoekt, vooral de bekende sprekers en sprekers met een groot eigen marketingbudget voor zaken als Google ads. Zelf vond ik de mooiste pareltjes door ze zelf op te zoeken binnen universiteiten, niche communities, maar ook via bepaalde media. Zelfs mijn moeder hielp mee met het aandragen van sprekers en uiteraard hadden wij op het laatst ook door ‘open calls’ te doen voor sprekers, een mooie aanloop van bijzondere verhalen. Het kost uiteraard meer tijd, maar de beloning voor het ontdekken en op het podium zetten van onbekende namen met een bijzonder verhaal, was voor ons altijd een van de mooiste momenten van een dag. Niks leukers als een reeks onverwachte toppers, die het programma naar een hoger level tilt.

3)   Spectacular achievement is always preceded by unspectacular preparation

Bij een verkeerde locatie staan, een veel te lange presentatie geven en een grote overlap hebben met het verhaal van een andere spreker. Het simpelweg enkel doorgeven van een tijd, datum en locatie, zorgt vaak voor vervelende fouten, gemaakt door sprekers.

De sprekers bij TEDx, gaven we altijd standaard een handleiding met alle mogelijke informatie over het event, zodat ze zich perfect konden voorbereiden. Niet alleen het adres, maar ook duidelijk de juiste ingang en ruimte, wat is er geregeld met parkeren? Zijn er die dag werkzaamheden op de weg of aan het spoor?

Maar ook de presentatie zelf; je ziet nog te vaak sprekers een zaal binnenrennen en er, al stresszweet wegvegende, achter komen, dat de aansluiting van de laptop niet klopt of de presentatie verkeerd op het beeldscherm komt. Verloren tijd of zelfs het niet kunnen geven van een presentatie als vervelend resultaat. Verplichten om een presentatie eerder te ontvangen, om zo door te testen met de techniek, voorkwam veel extra hartkloppingen bij mijn TEDx teamgenoten.

Er wordt ook vaak weinig tot geen tijd genomen, om met de sprekers uitgebreid naar de inhoud van het verhaal te kijken. Een gemiste kans, want het kan zoveel ergernis op de dag zelf wegnemen en het verhaal zelf en de aansluiting op het doel van het event, zoveel meer versterken. Het voorkomt ook dat sprekers hetzelfde verhaal gaan vertellen en geeft je als samensteller van een programma een goed overzicht of alle belangrijke thema’s wel zijn gedekt, het verhaal goed aanspreekt en er geen gekke dingen in staan. Stel van tevoren een duidelijke tijdlijn vast voor de sprekers, met de verschillende aanlevermomenten (eerste versie, final etc).

Zet in de handleiding voor je sprekers ook duidelijk het format voor het aanleveren van de presentatie en de maximale tijdsduur. Helaas zie ik nog te vaak dat sprekers duidelijk net zijn begonnen met hun verhaal, maar omwille van de tijd al moeten stoppen. Zoals ik al in mijn eerdere blog over ‘fouten die je direct uit je presentatie moet halen’ schreef; disrespectvol voor het publiek. Ga je de presentaties opnemen? Vraag dan van tevoren of het goed is, om deze online te publiceren. Dit moet, vanwege de GDPR-wetgeving, tegenwoordig ook voor het maken van foto’s. De meeste sprekers zullen met beide juist blij zijn, maar je zal maar net die ene spreker hebben, die amok gaat maken. Uit ervaring kan ik vertellen; het kan voor een bittere nasmaak zorgen, na een event.

4)   Size does matter

De TED talks staan onder andere bekend om de korte duur; maximaal 18 minuten, maar wij lieten sprekers liever 12 minuten of zelfs korter spreken. Zoals ik al in mijn eerdere blog ‘5 quick fixes voor je volgende presentatie ‘over; Millenials hebben inmiddels een aandachtspanne die korter is als een goudvis en veel onderzoek laat zien dat een aandachtspanne van een mens normaliter maximaal 20 minuten is. Het verdient daarom ook echt de aandacht om jezelf af te vragen of je écht 2 sprekers een uur moet laten praten, of dat je beter een paar sprekers kan vragen om kortere presentaties te geven. Naast het ‘aandachtspanne argument’, is het voor de bezoeker ook aantrekkelijker om een gevarieerder programma te hebben en is de kans dat er ook echt interessante content tussen zit, een stuk groter.

5)   Unexpected crossovers

Een spreker vragen om een verhaal te komen doen, is één. Helaas blijft het daar meestal bij, terwijl een spreker op verschillende andere manieren kan bijdragen aan een succesvol event. In aanloop en na afloop samen content produceren en verspreiden, of zelfs een stap verder gaan en bijvoorbeeld een webinar opzetten voor aanvullende vragen. Wellicht kan de spreker iets mee nemen voor in de pauzes of voor op het podium, wat op een leuke manier bij draagt aan de beleving van de bezoeker? Bij TEDx ging dat van een insectenbitterbal tijdens de lunch, meegenomen door onze spreker over insecten eten, tot een VR-oorlogssimulatie door een spreker vanuit Defensie. Het verdient altijd de aandacht om in gesprek te gaan met de spreker, om te kijken of deze zijn bijdrage nog meer kan versterken.

6)   Suprise is the greatest gift which life can grant us

Het is altijd fijn, om tussen de sprekers door, even de hersenen te laten ontspannen. Vooral als de verhalen langer zijn of bijvoorbeeld emotioneel beladen, is het voor de toehoorder fijn om ook even een korte rustpauze te hebben, alvorens de volgende spreker op het podium verschijnt. Bij TEDx kregen we door een combinatie van korte, gecondenseerde verhalen en een dagvullend programma, regelmatig de feedback dat mensen het bijna niet volhielden om hun aandacht vast te houden. Bij de wereldwijde TED-conferentie (die normaliter 4 dagen duurt), haken mensen hierdoor zelfs al een dag voor het einde. Een van de simpele oplossingen, die zorgde voor een frisser publiek? Het programma verrijken met een of meerdere leuke acts! Dans, zang, muzikanten; beginnende enthousiastelingen van het Conservatorium of professionals met een lange staat van dienst; het waren altijd leuke verassingen voor de bezoekers en gaven het geheel veel cachet. Uiteraard niet de eerste de beste clown die we konden vinden; een mooie aansluiting op het thema of de spreker die daarvoor of na sprak, zorgde voor de ultieme rode lijn, waar wij als organisatoren altijd de mooiste feedback op kregen. 

7)   Diversity is the key

Kijk naar de gemiddelde ‘line-up’ van een event en je ziet wel heel veel blanke mannen. Helaas bevestigen veel onderzoeken bijvoorbeeld Harvard Business Review, Forbes en Fastcompany dit beeld en noemen schrikbarende cijfers van bijvoorbeeld minder dan 10% vrouwelijke sprekers op wereldwijd bekende events. Er zijn verschillende mooie initiatieven om dit aan te pakken, zoals aparte sprekersbureaus voor vrouwen en charters zoals ‘The Diversity Charter’ en RampUp. Het verdient als organisator niet alleen de aandacht om te kijken naar een juiste verhouding van man/vrouw en kleur op het podium, maar ook het type sprekers. TEDx-collega Lucien Engelen lanceerde bijvoorbeeld de ‘Patients Included Charter’, om op medische events en congressen ook altijd patiënten op het podium te hebben staan. Een verrijking van het programma en ook zeker iets, wat door het publiek positief wordt ontvangen.   

8)   Prepare for the worst

Ik heb letterlijk een boek volgeschreven (Amazon #1 bestseller) met de naarste dingen die ik heb mee gemaakt, tijdens de organisatie van 50 TEDx events wereldwijd. Hoeveel budget, hoe professioneel het team en hoe goed de voorbereiding ook, er gebeurden de meest bizarre dingen op D-day, waar we van tevoren weinig aan konden doen. Ook met sprekers. Door ziekte, zegden bijvoorbeeld een dag voor een groot event, 3 van de 10 sprekers af. Ook geboren kinderen, heftige files en andere uitdagingen, zorgden ervoor dat sprekers niet op tijd of zelfs helemaal niet kwamen spreken.

Je werkt met mensen, dus helaas is dit ook nooit te voorkomen. Je kan je wel goed voorbereiden, door back-up plannen te hebben. Wij zorgden bijvoorbeeld er altijd voor, dat we een TED-talk hadden klaar staan om een gat op te vullen, als een spreker uit viel. Daarnaast hielp het geven van veel input aan de dagvoorzitter goed, om lege gaten ‘vol te lullen’. Sommige evenementen hadden we zelfs een back-up spreker beschikbaar.

Heel veel inspiratie toegewenst, bij het organiseren van jouw volgende event!

Security Token Offerings; dé hype van 2019 en ook dé katalysator van de cryptovaluta markt?

Security Token Offerings; dé hype van 2019 en ook dé katalysator van de cryptovaluta markt?

Katalysator van de cryptovaluta markt: Huisvrouwen die content maakten, Geert Wilders, bananen en het beheer van je eigen graf. Een greep uit de bizarre voorbeelden van focusgebieden van de vele duizenden zogenaamde ‘Initial Coin Offerings’ (ICO), die in 2017 en 2018 hebben plaats gevonden. Hoewel veel blockchain experts ICOs oorspronkelijk vooral zagen als een manier om een community op te zetten rondom een organisatie, gebruikten de meeste organisaties hun ICO vooral om snel en gemakkelijk geld op te halen bij investeerders. Het is daardoor een soort ‘crowdfunding voor blockchain projecten’ geworden, waar investeerders al voor kleine bedragen aan mee kunnen doen en ‘coins’ of ‘tokens’ voor terug krijgen. Volgens onderzoek van PWC, werd erin 2017 hiermee $10 miljard en 2018 $11 miljard opgehaald, wat neer komt op gemiddeld $25 miljoen per ICO. De grootste ICO, EOS, haalde maar liefst $4.2 miljard op.

De combinatie van het makkelijke geld ophalen door organisaties, de slechte ‘due dilligence’ wat (veelal nieuwe en onervaren) investeerders deden en het missen van regulering vanuit overheden, zorgde voor ontzettend veel fraude. Van de vele duizenden projecten, bleken er uiteindelijk 81% ‘scams’ te zijn en bleven de investeerders vrijwel altijd met legen handen achter. Veel grote investeerders roepen dan ook voor maatregelen om ‘scams’ te voorkomen en het vertrouwen weer terug te brengen in de cryptovaluta markt. Veel onderzoeken bevestigen dit en geven aan, dat het reguleren van de markt, ook zal zorgen voor een significante toename van investeringen. Niet alleen van huidige investeerders, maar ook de grote gevestigde financiële dienstverleners, die nu aan de zijlijn staan te wachten hierop. 

The next step in crypovaluta: STO’s

Voor 2019 is dan ook een van de meest genoemde trends op cryptovaluta gebied, de Security Token Offering (STO), wat ook wel wordt genoemd als dé oplossing voor bovengenoemde problemen en waarvan wordt verwacht dat het in 2020 $10 triljoen aan transacties zal faciliteren. Het concept werd geïntroduceerd door PolyMatch en inmiddels zijn er wereldwijd ongeveer 150 actief.

STO’s lijken veel op de bekende ICO’s, als in het verkrijgen van een crypto of token, in ruil voor een financiële investering. Waar een ICO echter geen enkel stemrecht geeft, geen onderliggende waarde heeft en vooral wordt gebruikt voor toegang tot een applicatie of speculatie op toekomstige groei, wordt je bij een STO eigenaar van een echt investeringsproduct, welke gelinkt is aan een onderliggende activa, zoals een aandeel.

Het uitvoeren van een STO is wel een stuk complexer, aangezien je aan heel veel regelgeving moet voldoen en allerlei complexe procedures moet doorlopen, om aan deze regelgeving te kunnen voldoen. Dit is ook de grootste reden voor de meeste startups, om de plannen voor een ICO te veranderen in een STO. Aan de andere kant, voorkomt dit juist heel veel ‘scams’, die dergelijke procedures vrijwel onmogelijk door kunnen komen, door de vele background checks.  

Waarom geen reguliere beursgang?

Veel traditionele financiële experts, vragen zich hardop af, waarom STO’s nodig zijn en we niet gewoon met de reguliere IPO’s kunnen werken, die al decennia succesvol worden gebruikt. Zelf vond ik ICO’s een geweldige stap, richting meer financiële inclusiviteit. Waar bij reguliere IPO’s, zoals die van Adyen, enkel grote institutionele investeerders kunnen instappen, kan dat bij de meeste ICO’s al met een paar tientjes. Daarnaast zorgt het ervoor, dat het voor startups een heel stuk makkelijker is om geld op te halen en een community te groeien, zonder een lange zoektocht te moeten maken naar de juiste Venture Capitalist of bank.

Er zijn een aantal verschillen tussen IPO’s en STO’s, die de laatstgenoemde zeer interessant maken. STO’s kunnen 24/7 worden verhandeld en worden bijna direct verrekend, ten opzichte van de IPO’s die enkel worden verhandeld tijdens openingstijden van beurzen en waarvan het soms dagen duurt voordat ze zijn verrekend. Door zogenaamde ‘smart contracts’ in te zetten, is het mogelijk om bijvoorbeeld automatisch dividenden uit te laten betalen en de inkoop van eigen aandelen automatisch te laten verlopen. Daarnaast halen de ‘smart contracts’ veel tussenpersonen en hun werk, weg, wat weer veel tijd en geld bespaard.

Maar waarom stappen we dan niet direct volledig over op STO’s?

Tijdens trainingen over blockchain en cryptovaluta die ik mag geven, krijg ik vaker van financiële experts de vraag, waarom STO’s niet al veel bekender zijn en waarom niet al veel meer worden ingezet. Zelf vind ik het enerzijds een zeer interessant instrument, wat ‘fakers’ en ‘scammers’ zal voorkomen en de sector een stuk gezonder en vertrouwder zal maken. Het druist echter volledig in tegen de decentrale gedachte waarmee blockchain juist in het begin is bedacht. Doordat de STO’s onder streng toezicht staan van de financiële autoriteiten, zoals de AFM in Nederland en SEC in de Verenigde Staten, zijn STO’s voor veel blockchain enthousiastelingen echt een no-go. Ook een van de bekendste cryptovaluta beurzen, Binance, heeft laten weten dat zij geen STO’s gaan ondersteunen. Andere grote namen in de industrie, zoals Coinbase, gaan dit einde van dit jaar echter wel doen. Sommige landen, zoals China, hebben STO’s verboden, omdat zij als een ‘illegale financiele activiteit’ zien: “I want to warn those who are promoting STO fundraising in Beijing. Don’t do it in Beijing. You will be kicked out if you do it. You can only engage in such activities with the approval from the government” (Huo Xuewen – Hoofd Financial Bureau Beijng)

Wat zijn de volgende stappen

De eerste Nederlandse STO’s zijn al bekend gemaakt, zoals van Ockel en Blockport. Verschillende sites laten in gemakkelijke stappenplannen zien, hoe je zelf een STO kan opzetten, zoals die van de ‘uitvinder’ van STO’s, Polymath. Ook zijn er verschillende mooie overzichten van STO-projecten wereldwijd. Uiteindelijk is de investeerder de lachende derde; die kan makkelijker, sneller, veiliger en goedkoper investeren in bedrijven. 

Jan Scheele is CEO van International Blockchain Solutions en CEO van Blockformer Global. Hij is sinds 2015 actief in de blockchain industrie en schrijft, traint en spreekt regelmatig over blockchain en cryptovaluta in binnen- en buitenland. Daarnaast is hij momenteel bezig met het schrijven van een boek over de wereldwijde impact van de technologie.

Mijn wekelijkse

Shot inspiratie

Elke week ontvangen 400+ mensen een shot deep-tech inspiratie. Ook ontvangen? Schrijf je hier rechts gratis in.

Ik spam nooit en gebruik het mailadres
alleen voor deze nieuwsbrief.

Copyright © 2026 Jan Scheele

Ook elke week een shot deeptech inspiratie?

Meld je aan om elk weekend een gratis shot inspiratie te ontvangen in de mailbox.

Ik spam nooit en gebruik het mailadres
alleen voor deze nieuwsbrief.

Paid Search Marketing
Search Engine Optimization
Email Marketing
Conversion Rate Optimization
Social Media Marketing
Google Shopping
Influencer Marketing
Amazon Shopping
Explore all solutions